09-05-16

Rede.

Rede.

Rede,menselijk kennen, misleiding, verschijnsel,

Het vermogen van de mensen

- aan de hand van zijn menselijk kennen -

de dingen van deze wereld te omschrijven

en van elkaar af te leiden.

Vaak is ze ook een misleiding,

vooral op het ogenblik,

- dat men door een rede tracht dingen te verklaren,

die als wezen - of verschijnsel -

niet voortdurend en volgens stoffelijke wetten

in de stof waarneembaar zijn.

15:57 Gepost door Stem van Gene Zijde in esoterie | Permalink | Commentaren (0) | Tags: rede, menselijk kennen, misleiding, verschijnsel |  Facebook |

15-04-16

Een eigenaardig verschijnsel.

Een eigenaardig verschijnsel.

verschijnsel, oud, jong, beroering, harmonie,

Een eigenaardig verschijnsel bij de mens is, dat wanneer hij ouder wordt hij onmiddellijk begint te schelden op de jeugd en dat, terwijl hij jong zijnde niets anders wist te doen dan te schelden op de ouderen, die hem niet begrepen.

Wanneer die mens zich herinnert wat zijn eigen jeugd was, dan heeft hij deze jeugd in zich. En de jeugd van vandaag spreekt tot hem. Hij kan haar begrijpen. Ook al zal hij het misschien niet altijd eens zijn met haar motiveringen, met de wijze waarop zij iets tot uitdrukking brengt, hij kan het begrijpen. Er is een punt van beroering. Er is harmonie.

En wanneer de jongere leert te begrijpen dat de oudere in een wat andere wereld leeft, dan zal hij daardoor ook de oudere kunnen respecteren en begrijpen, zonder hem daarbij op een voetstuk te zetten als een soort god, die door de tijd is geboetseerd of hem te verachten als een nutteloos, verroest stukje oud ijzer, dat aangevreten door de tand des tijds zijn zin en zijn waarde verloren heeft.

17:27 Gepost door Stem van Gene Zijde in esoterie | Permalink | Commentaren (0) | Tags: verschijnsel, oud, jong, beroering, harmonie |  Facebook |

25-09-15

EINSTEIN.

EINSTEIN.

Einstein. Een naam en niet meer dan een naam, want het besef dat zo geheten heeft, bestaat nog steeds, maar het heet anders. Dat wat was, is nu in een andere vorm. En dat wat nu is, herhaalt wat was zon­der zichzelf te veranderen, maar anders in verschijning tegenover de wereld, want niets is gelijk voor de mens, wanneer de tijd erbij betrok­ken wordt.

Maar is tijd eigenlijk niet slechts een uitdrukking van verandering? Een verandering van plaats, van uiterlijkheid of inhoud?

Einstein heeft op zijn wijze deze mystieke werkelijkheid gestalte gegeven. Hij heeft duidelijk gemaakt dat de tijd geen werkelijkheid is, maar dat de tijd alleen maar een maatstaf is waarmee wij het verschijnsel meten en dat de relativiteit wordt bepaald door het enerzijds zus en anderzijds zo zien van een verschijnsel. Er is geen vaste regel en geen vaste wet die altijd kan gelden in de beperking van het menselijk zijn.

Het menselijk zijn is ontwikkeling. Maar ontwikkeling kan alleen ontstaan, indien wij uitgaan van de veranderingen die zich in en rond ons voortdurend manifesteren. Wij zijn geen meesters van de tijd, wanneer wij leven in de tijd. Maar wij kunnen wel meesters worden van het besef dat de tijd uitdrukt.

Alles is betrekkelijk. Alles kent wetten die veranderen, wanneer de omstandigheden veranderen zonder dat hun wezen daardoor wordt gewijzigd.

Dat is wat Einstein in mij wakker roept, de zekerheid dat in de voortdurende verandering een werkelijkheid heeft maar dat de wijze waarop we die werkelijkheid beseffen steeds weer een andere zal zijn tot wij met die werkelijkheid verenigd zijn.

29-03-15

INZICHT.

INZICHT.

 

INZICHT,algemene regel, bewustzijn,wereld,totaliteit,persoonlijkheid,gedraging,geaardheid,

Wanneer iemand inzicht zoekt en met doorzicht het uitzicht beziet, zal hij inzien dat in het uitzien niet de totaliteit vertegenwoordigd is.

Inzicht is een begrip voor het geheel waarbij elk deel van dit ge­heel als een functie in het geheel wordt beschouwd.

Wij bouwen, als wij inzicht bezitten, niet excepties op. Integendeel, wij gaan uit van een algehele wetmatigheid en algemene kracht, die zich in alle dingen manifesteert. De manifestatie betekent voor ons dan in wezen een aanduiden van het functioneren in onszelf en in anderen van de algemene kracht, van de algemene waarde of regel.

Zoekt u inzicht in uzelf? Besef, dat u deel bent van een geheel en daarvan nimmer geheel los kunt zijn. U wordt daardoor beheerst zowel qua normen als ook qua mogelijkheden van emotie en bewustzijn.

Wilt u inzicht hebben in de wereld? Besef, dat die wereld als ge­heel bestaat en dat in die wereld alle eigenschappen, die u tot uiting ziet komen, vertegenwoordigd zijn. Begrijp, wat u innerlijk beweegt. Zie het geheel van de wereld en u zult ook zien hoe u zelf in die wereld staat en hoe u betrokken ben bij de totaliteit.

Zoekt u inzicht in de werkelijkheid of de waarheid ten aanzien van bepaalde personen of toestanden? Realiseer u dan:

Al wat in mij bestaat, zal ook in een ander bestaan.

Al wat vanuit mij bestaat als verlangen, begeren of angst zal in een ander ook aanwezig zijn, zij het in een andere samenstelling.

Indien ik de emotie terzijde stel, zie ik het verschijnsel. Het ver­schijnsel interpreterende volgens mijn persoonlijke aard, maakt het mij moge­lijk te ontdekken hoe de reactie van anderen is en hoe hun geaardheid is.

Deze kennende heb ik inzicht in het samenspel van het geheel en kan ik dus vanuit mijn eigen persoonlijkheid ook de afwijkende gedragingen van andere persoonlijkheden volledig begrijpen en in dit begrip komen tot een juiste aanpassing zowel aan deze persoonlijkheden als aan het geheel.

15-01-15

Beweging.

Beweging.

beweging,aarde,atomen, moleculen,wezen,verschijnsel,emotie, harmonie, bewustzijn,

Beweging is een verandering van evenwicht. Een verplaatsing. Maar kan alle beweging de wezenlijkheid der dingen teniet doen?

De aarde beweegt zich in duizelingwekkende vaart; en wie met haar beweegt, meent dat ze voor hem stilstaat. De mens zelf is opgebouwd uit razendsnel bewegende kleine moleculen, atomen. Kleinste delen trekken hun banen in zijn wezen als de sterren in een nevel, en voor hem bewegen ze niet. Hij zegt. Ik ben een wezen van vaste, substantie.

Beweging is inderdaad een actie, een verschijnsel. Een verschijnsel, dat zijn belangrijkheid verkrijgt door het punt, van waaruit men haar waarneemt.

Het leven is beweging. Maar omdat man de beweging niet begrijpt, spreekt men van een begin en een einde van het leven.

Uw standpunt is verkeerd. Neemt u een ander standpunt in, dan zegt u: Het is een beweging in verschillende fasen. Een slingerlijn,  die zich nu eens beweegt onder het geestelijk niveau in de materie, dan weer daarboven. Een meander misschien, die in hoekige structuur en in zich besloten een heden van bewustzijn schept.

Beweging is voor ons ten slotte ontwikkeling. Maar ontwikkeling is geen feitelijke beweging. Ze is een realisatie van het zijnde.

Alle beweging in zich is zinloos. Maar zij is een realisatie van het zijnde. In een eeuwigheid kan er geen beweging zijn, anders zou de eeuwigheid eindig moeten zijn door de beweging, die kan eindigen. En toch omvat zij al wat in beweging uitdrukbaar is. Het is goed ons dit te rea­liseren.

Beweging is verschijnsel. Emotie is verschijnsel. Leven is verschijn­sel. Uitingen van iets, wat er achter verborgen is. Beweging is energie. Het verschijnsel is energie plus een vorm; want iets wat zich beweegt heeft energie van beweging.

Leven is het zijnde plus de energie, waarmee het zich voortbeweegt. Zo is het denkbaar dat een schepsel, uitgaande van God en gelijkblijvend aan zichzelf door de beweging meer wordt dan zichzelf en toch zichzelf gelijk blijft.

Ja, beweging is de uitdrukking van de onmogelijkheid het werkelijke te beseffen en gelijktijdig voor ons het punt, van waaruit wij ons kunnen realiseren hoe in de betrekkelijkheid van alle dingen wij onze verhouding tot haast alle dingen zelf bepalen.

En zo mijn wezen in harmonie is met de energie van beweging van een kogel, zo zal ze mij niet treffen en doorboren, maar zich oplossen in mijn omgeving en met mij harmonisch zijn.

Als een demon mij nadert en mijn wezen kent het bewustzijn, de bewe­ging van leven in overeenstemming met zijn wezen, hij zal ofwel wegvluch­ten, dan wel door mij worden geabsorbeerd en gemaakt tot deel van mijzelf.

Onze macht is de kracht van leven, de beweging van de geest door de tijd, de beweging van het bewustzijn door alle sferen. En als wij besef­fen, dat wij hierdoor een beheersbare factor in onszelf bezitten, zo kun­nen wij zelf bepalen wat onze wereld is en wat onze God is. Want zo wij de kracht van leven in onszelf een ogenblik weten stil te zetten, zo is God en Zijn eeuwigheid onze enige werkelijkheid.

En zo wij onze beweging, ons leven en ons bewustzijn beheersen vol­gens onze wensen, zo zullen wij steeds leven in de wereld, die het ant­woord is op ons wezen. Slechts indien wij niet weten, hoe onze kracht van zijn en leven te gebruiken, zal die kracht ons domineren.

Beweging op zichzelf heeft geen zin. Maar wat zij tot resultaat, tot uiting heeft, dat wat zij kenbaar maakt, is voor ons zinvol. Zo is ons leven niet zinvol, maar dat wat het voor ons kenbaar maakt de zin van alle dingen.

12:34 Gepost door Stem van Gene Zijde in esoterie | Permalink | Commentaren (0) | Tags: beweging, aarde, atomen, moleculen, wezen, verschijnsel, emotie, harmonie, bewustzijn |  Facebook |

10-12-14

VANDAAG EN MORGEN.

VANDAAG EN MORGEN.

continuïteit, vandaag, morgen, kosmos, mensheid, leven, dood, Bron, eeuwigheid, verschijnsel,goddelijke kracht,

 

Vandaag en morgen. Twee woorden, die voor de mens een enorm grote betekenis hebben, omdat ze voor hem de continuïteit van het bestaan en zijn onmiddellijkheid weergeven.

Vandaag en morgen. Twee vormen van het oneindige "ik", die niet beseffen, hoezeer zij met alle ogenblikken van besef vandaag en met alle ogenblikken van mogelijkheid morgen een eenheid vormen.

Of je uitgaat van de wereld, van de mensheid of van de mens, of je het zoekt in de grote kosmos of in de kleinst denkbare wereld, alles heeft een continuïteit. Deze continuïteit kan alleen bestaan krachtens de tijdloosheid, waaruit de totaliteit voortkomt.

Wij meten in tijd, omdat wij nog niet de eenheid beseffen van ons wezen. Wij leren deel na deel onze mogelijkheden kennen. En door deze mogelijkheden leren wij onszelf waarmaken.

Vandaag zijn wij onvolmaakte wezens. Morgen beseffen wij, dat onze onvolmaaktheid met andere onvolmaaktheden tezamen toch volmaaktheid vormt.

Vandaag zijn wij ongelukkig, maar morgen kunnen wij gelukkig zijn, indien wij beseffen dat onze instelling ten aanzien van de feiten verkeerd was, niet de sequentie van de feiten op zichzelf.

Vandaag leven wij, en morgen zijn wij dood. Maar als wij dood zijn, leven wij. En veel wat in het leven in ons dood was, ontwaakt eerst, wanneer de dood ons tot een groter leven wekt.

Zo moeten wij leren bestaan. Niet vandaag levende voor morgen; niet levende voor vandaag en morgen ziende als een noodzakelijk voortzetting ervan, maar als deel van vandaag en morgen, levend in een eeuwig Nu, dat altijd weer morgen in zich draagt, omdat wij het heden nog niet besef hebben. Want wie het heden kent in zijn totaliteit, hij kent geen morgen meer en geen gisteren. Hij is; en zijnde is hij een met de totaliteit.

Wie zo uit de eenvoudige verschijnselen van vandaag en morgen groeit naar de eeuwigheid, groeit naar zichzelf.

Wie zichzelf beseft heeft, vindt de totaliteit. Hij zal in alle tijden leven. Hij zal in alle sferen en werelden leven en toch slechts een eenheid zijn en uitdrukken in volledige harmonie met de totaliteit dat deel wat hij is van de goddelijke Kracht, die niet slechts is zijn Bron, maar ook zijn wezen.

01-08-09

Het innerlijk Licht.

HET INNERLIJK LICHT.

Het innerlijk licht is eigenlijk geen licht. Het is niet iets wat wij zien, het is iets wat ons doet zien. Licht in de natuur is datgene waardoor je visueel kunt waarnemen wat er, rond je is. Het innerlijk licht is datgene wat je mogelijk maakt te ontdekken wat er in je als werkelijke waarde bestaat.

De mens, die naar het innerlijk licht streeft, zoekt meestal naar het verschijnsel. Hij zoekt in zich die ademloze stilte, die verblinding, waarin hij voor een ogenblik, opgaat, weggedragen in een droom van niet-zijn om met een vreugdig en versterkt gevoel weer terug te keren tot de werkelijkheid. Maar daarmede is eigenlijk niets veranderd.

Als wij een ogenblik opgaan in het innerlijk licht en wij keren terug, dan hebben wij het gevoel dat er iets groots is. Die beleving kan ons dan als zodanig sterken en steunen. Maar wij hebben niets méér ontdekt omtrent onszelf en onze relatie met de kosmos. Daarom is een langzaam ontwaken tot de werkelijkheid die in je bestaat m.i. te verkiezen. Indien men het innerlijk licht wil benaderen, moet men dus ook niet naar het licht zoeken, men moet proberen te zien. Zien die verschijnselen die in je leven. Zien die krachten die je plotseling aanvoelt als een deel van jezelf of als een voortdurende invloed in je persoonlijk leven. Op deze manier zul je vaak staan tegenover het "ik"als mens, die uit een verlichte gang ineens een duistere kamer betreedt. Maar als je geduld hebt, als je in de schijnbare duisternis die onbegrijpelijkheden blijft waarnemen, dan tekenen zich langzaam vormen af.

Het alverblindende licht is iets wat wij niet eens kunnen verdragen. Ons innerlijk licht is misschien maar dat ene straaltje licht kan ons toch voldoende onze innerlijke wereld doen zien. En eerst wanneer wij die wereld zien, a.h.w. kennen, als we zien waar de meubels staan in onze innerlijke kamer, dan zijn wij misschien ook in staat naar de gordijnen te gaan en ze langzaam iets open te schuiven. En dan nog zullen wij dat niet doen om naar buiten te kijken, maar wij zullen eenvoudig ‑ ziende waar de scherpste contour, de scherpste definitie is‑ proberen door concentratie daarop een duidelijker beeld te krijgen. Als die duidelijkheid ontstaat ten aanzien van één beseft deel van onze innerlijke wereld, dan kunnen wij rond ons kijken en ontdekken, dat die duidelijkheid eveneens alle andere, misschien minder goed begrepen of minder juist gedefinieerde waarden van het "ik" bevat.

Het innerlijk licht is een mogelijkheid tot zelferkenning, tot zelfontdekking. Het is zeker niet een kracht, die ons ontrukt aan onszelf.

 

 Wat is de kosmos ons waard, als wij niet weten waar haar krachten op inwerken? Als wij weten, dat wij ons bewegen en wij weten niet waarheen wij ons bewegen, hoe kunnen wij onze weg dar. bepalen? Slechts de mens, die een eerlijk en juist beeld begint te krijgen van al wat er in hem leeft, kan ook naar buiten toe bewust handelen. En wat meer is: hij zal de kracht van licht, die dan in hem doordringt leren erkennen in de wereld om hem heen. Zoals hij eens leerde eerst zichzelf te kennen, zo kan hij ‑ nu hij eenmaal zichzelf kent ‑ de waarheid zien achter de schemering van illusies, die overal rond hem bestaan. Hij dringt door in een werkelijkheid, die meer bevat dan menselijke feiten.

Als wij kosmische krachten beschrijven, dan is die beschrijving betrekkelijk nutteloos voor een mens, die niet in staat is de betekenis van de kosmische kracht voor zichzelf te beseffen.

Als wij vertellen welke bijzondere uitstortingen van kracht er plaatsvinden op deze wereld, zo is dit alles betrekkelijk zinloos en nutteloos, indien een mens niet zelf weet hoe zijn innerlijke structuur is en of hij daarmee in contact kan komen. Daarom is voor de bewustwording ‑ althans in mijn ogen ‑ het innerlijk licht een noodzakelijk deel van de bewustwording, ja, zelfs de basis van een bewustwording tot een werkelijke wereld. Het is ook daarom dat ik met nadruk juist dit punt belicht.

Laat mij besluiten met op te merken, dat het innerlijk licht, waarover wij spreken weliswaar van goddelijke origine is, maar een goddelijke origine die ook kan worden toegekend aan het werkelijke ego dat wij zijn. Het is onze ikheid, verbonden met het tijdloze, waaruit het licht van de werkelijkheid kan doordringen in de bekrompenheid‑ van ons tijdelijk besef in de een of andere wereld. Wij zien dan wat vluchtig en tijdelijk is. Wij zien wat schijnvormen zijn en wij erkennen wat als een onwrikbaar deel van ons wezen en denken op dit ogenblik in ons vastligt. Daarmee hebben wij de werkelijkheid gevonden. Daarmee zijn wij dichter gekomen tot een harmonisch bestaan, waarin het gehele ego ‑ ongeacht de vele voertuigen waarin het zich misschien manifesteert ‑ tot uitdrukking komt.

Beantwoorden wij aan datgene wat wij in de kosmos (het tijdloze vlak) zijn, zo beantwoorden wij aan elke vorm, die wij kunnen aannemen. Elke vorm, waarin wij verschijnen, krijgt zijn kosmische betekenis, indien ons besef in staat is het kosmisch "ik" te koppelen aan de tijdelijkheid der verschijnselen.

 

 

-------------------------------------------------------------------

Informatie aangaande de bronnen van de  teksten kan je vinden op volgende website's: 

 

http://users.skynet.be/rabdomantie.center/

     

http://www.saint-pierre-les-bregines.org/

 

 

 

 http://www.scribd.com/people/view/31429-rober

 

11-06-09

INZICHT.

INZICHT.

Wanneer iemand inzicht zoekt en met doorzicht het uitzicht beziet, zal hij inzien dat in het uitzien niet de totaliteit vertegenwoordigd is.

Inzicht is een begrip voor het geheel waarbij elk deel van dit ge­heel als een functie in het geheel wordt beschouwd.

Wij bouwen, als wij inzicht bezitten, niet excepties op.

Integendeel, wij gaan uit van een algehele wetmatigheid en algemene kracht, die zich in alle dingen manifesteert.

De manifestatie betekent voor ons dan in wezen een aanduiden van het functioneren in onszelf en in anderen van de algemene kracht, van de algemene waarde of regel.

Zoekt u inzicht in uzelve?

Besef, dat u deel bent van een geheel en daarvan nimmer geheel los kunt zijn.

U wordt daardoor beheerst zowel qua normen als ook qua mogelijkheden van emotie en bewustzijn.

Wilt u inzicht hebben in de wereld?

Besef, dat die wereld als ge­heel bestaat en dat in die wereld alle eigenschappen, die u tot uiting ziet komen, vertegenwoordigd zijn.

Begrijp, wat u innerlijk beweegt.

Zie het geheel van de wereld en u zult ook zien hoe u zelf in die wereld staat en hoe u betrokken ben bij de totaliteit.

Zoekt u inzicht in de werkelijkheid of de waarheid ten aanzien van bepaalde personen of toestanden?

Realiseer u dan:

Al wat in mij bestaat, zal ook in een ander bestaan.

Al wat vanuit mij bestaat als verlangen, begeren of angst zal in een ander ook aanwezig zijn, zij het in een andere samenstelling.

Indien ik de emotie terzijde stel, zie ik het verschijnsel.

Het ver­schijnsel interpreterende volgens mijn persoonlijke aard, maakt het mij moge­lijk te ontdekken hoe de reactie van anderen is en hoe hun geaardheid is.

Deze kennende heb ik inzicht in het samenspel van het geheel en kan ik dus vanuit mijn eigen persoonlijkheid ook de afwijkende gedragingen van andere persoonlijkheden volledig begrijpen en in dit begrip komen tot een juiste aanpassing zowel aan deze persoonlijkheden als aan het geheel.

 

----------------------------------------------------------------------

 

Informatie aangaande de bronnen van de  teksten kan je vinden op volgende website's: 

 

http://users.skynet.be/rabdomantie.center/

     

http://www.saint-pierre-les-bregines.org/

 

 

 

 http://www.scribd.com/people/view/31429-rober

 

 

06-01-09

HELDERZIENDHEID mogelijkheden en grenzen.

MOGELIJKHEDEN EN GRENZEN VAN HELDERZIENDHEID.

Helderziendheid. is een verzamelnaam voor een betrekkelijk groot aantal verschillende fenomenen. Wij zouden ze kunnen samenvatten onder paragnosie. Maar wat voor ons belangrijk is in dit verband, wat voor soorten zijn er? Wat is daarmee mogelijk? Zo er wetmatigheden zijn welke spelen daarin een rol.

Het eerste punt van helderziendheid is eigenlijk onbewust. Het is het reageren op omstandigheden die op dat ogenblik nog niet optreden en dan wel op een zodanige wijze dat hierdoor een ingrijpen in het gebeuren mogelijk is. Dit geschiedt meestal niet bewust. Om u een voorbeeld te geven.

Het was in november 1971 in Londens ondergrondse. Een jonge man valt, terwijl er een metro komt aanrijden, van het perron tussen de rails. .De bestuurder wilde gaan remmen, maar op dat ogenblik blokkeerden de remmen reeds. De man is wel onder de trein gekomen, maar niet onder de wielen. Ze hebben de trein moeten opvijzelen om hem van tussen de rails te kunnen halen. Hij is er echter levend van afgekomen. Wat blijkt nu? Er was een eigenwijze oude tante in de trein die normaal haar krant zat te lezen. Ze was echter wat onrustig geworden na het laatste station. Ik meen, dat het Charring Cross was. Op een gegeven moment kon ze het niet laten, ze gebruikte haar paraplu en trok aan de noodrem. Was dat niet gebeurd, dan was de jongeman doodgereden.

Wat is hier in feite gebeurd De dame in kwestie zal gevoelig zijn geweest. Ik meen, dat ze behoorde tot een spiritistische gemeenschap. Zij reageerde op een situatie die op dat ogenblik nog niet bestond, maar die haar onrust al een lange tijd had bepaald. Op het ogenblik, dat er een telepathische impuls optreedt (het moment dat de jongeman struikelt) en voordat de bestuurder iets heeft gezien, kan zij het niet helpen en trekt aan de noodrem. Zij weet niet waarom zij het doet. Ik mag erbij voegen om iets duidelijk te maken over de mentaliteit van bepaalde instanties. Het heeft heel veel moeite gekost om die dame te vrijwaren van een bekeuring, omdat zij aan de noodrem had getrokken zon­der reden. Dit is historisch.

Wanneer wij te maken hebben met dergelijke onbewuste reacties, dan is er geen sprake van een bewust vooruitzien. Dat wil zeggen, dat er ook geen bewuste beslissingen worden genomen. De reactie wordt geheel bepaald door onderbewustzijn. Bepalend hiervoor is de gevoeligheid van de persoon. Hoe gevoeliger de persoon is, hoe vaker een dergelijke reactie kan optreden. Hoe intenser de gevoeligheid van de persoon wordt Gebruikt in het dagelijkse leven, hoe sneller de reactie zal volgen.

Ik geef nog één voorbeeld en dan heb ik dit afgerond. U rijdt auto. U nadert op dezelfde manier als altijd deze kruising en even haalt u uw voet van het gaspedaal, u houdt iets in. Op het moment dat u bij de kruising komt, flitst er een auto met een te hoge snelheid voorbij. Had u normaal doorgereden, dan was een botsing bijna onvermijdelijk geweest. U heeft onbewust gereageerd op een voorkennis die redelijk niet verklaarbaar is.

Dit is een veel voorkomend verschijnsel. Het is zelfs zo: de man gaat weg van zijn werk, de vrouw weet helemaal niet dat hij vroeger thuis komt, maar ze denkt; ik ga toch de aardappels maar eens opzetten. Voor heel veel mensen is dit geen helderzien.

Maar wat is helderziend dan wel? Helderziendheid is in de ogen van heel veel mensen; het zien van iets werkelijks. Het zien van een geest b.v. Maar ziet u die geest wel? Zelfs als u de visuele indruk heeft, is en blijft het een visuele hallucinatie en meer niet. Verder is het lang niet zeker dat die entiteit op dat ogenblik daar zo aanwezig is als u haar meent te zien, want er kunnen verschuivingen in tijd plaatsvinden.

Een dergelijke vorm van helderziendheid wordt wel eens gebruikt in een zaal. Er zijn mensen die dat doen. "Daar bij u staat een dame en die heeft eigenaardig genoeg een kort, bijna wit schortje voor met een heel eigenaardig stiksel erop. Zij zegt tegen u; Zo stom moet je niet meer zijn. U weet waarschijnlijk wel wat daarmee wordt bedoeld." Zo gaat dat. Overigens, deze waarneming was niet reëel.

In dergelijke gevallen lees je a.h.w. telepathisch gevoelens af. De boodschap die doorkomt, kan uit de geest afkomstig zijn, maar kan evengoed een reactie zijn van de waarnemer/ster op een probleem dat wordt uitgestraald door de persoon tot wie men zich richt. Deze vormen van helderziendheid worden vaak heel hoog aangeslagen. In wezen zijn ze niet zo belangrijk. De grenzen hiervan liggen weer bij het telepathisch gevoelig zijn van de persoon die waarneemt. Daarnaast ook aan diens behoefte om die waarnemingen op welke wijze dan ook te manifesteren. Hoe kleiner die neiging is, des te betrouwbaarder ook de waarneming wordt.

Dan komen we aan het interessante punt dat men noemt; helderziendheid in ruimte.

In Basoetoland reisde een Europeaan met een gids; een klein Bosjesmanachtig type, op een gegeven ogenblik, de man zat zijn pijpje te roken, de inboorling dito dito, zei de inboorling op een plaats waar telegraaf, telefoon, kranten e.d. geen toegang hadden, hoogstens maanden later nu de berichten ter beschikking waren. "Er is een oorlog uitgebroken in Europa. ik zie veel vuur en ontzettend veel mensen." Waarna de inboorling verder ging en vreemd genoeg niet de beginacties van de oorlog, maar de slag aan de Somme begon te beschrijven die nog niet had plaatsgevonden.

Hier hebben wij in de eerste plaats helderziendheid in ruimte. De waarneming vindt plaats t.a.v. punten in de ruimte die lichamelijk gezien niet benaderbaar zijn. Dat kan alleen op basis van een z.g. harmonisch principe. En aangezien die man oorlog waarnam; moeten we aannemen dat hij in zijn jonge jaren een stevige vechtersbaas geweest moet zijn.

In de tweede plaats; Toen hij eenmaal bezig was met het verschijnsel, ontstond helderziendheid in tijd, want hij beschreef iets dat eerst een jaar á anderhalf jaar later een feit zou worden. Daar ligt nu weer een interessant punt in. Hoe kunnen wij in tijd schouwen?

Schouwen in tijd is mogelijk voor iedereen die daarvoor de nodige concentratie opbrengt. Het is geen kwestie van visioenen. En het 'ik zie' is eerder een poging om de realiteit van een indruk uit te drukken dan een werkelijke beschrijving geven van iets wat voor de persoon reëel is. Dus, je kunt overal in ruimte waarnemen ook zonder uitgetreden te zijn. En wel op het ogenblik, dat er een harmonie ontstaat waarbij een actie, een plaats of een persoon in een tijdelijk rapport komen. Plaatsbepaling is alleen mogelijk aan de hand van hetgeen men dan waarneemt of aanvoelt t.a.v. de omgeving.

Helderziendheid in tijd zal over het algemeen te maken hebben met ook een plaatselijke verschuiving. Dat klinkt misschien vreemd. Laten wij het zo uitdrukken; Wanneer u hier zit om 6 uur, dan is het in San Francisco een andere tijd. De rotatie van de aarde heeft daarmee te maken. Er zijn bepaalde krachtlijnen op aarde.

Wanneer je dus in tijd schouwt, dan zie je een plaats op een punt waarop ze zich nu niet bevindt. Is er een gelijkheid van plaats, dan zal de waarneming niet geschieden. Je kunt dus niet op deze plaats staan en zien wat er precies over zoveel tijd gebeurt op het ogenblik dat de stand van het aspunt gelijk is t.a.v. sterren en de eigen rotatie van de aarde, zodat de situatie identiek is. Dan zie je niets. Er moet altijd een verschuiving zijn hetzij een geringe, hetzij een wat grotere. Meestal zegt men: Hoe groter de verschuiving wordt, hoe intenser de waarneming, maar ook hoe afgeronder een fragment van waarneming is.

Waarnemingen in tijd worden heel vaak verwerkt in symbolen. Ook dat is begrijpelijk. Je ziet b.v. dat iemand doodgaat. Dat vind je niet prettig. Wat zie je dan? Een symbool van die dood. Een begrafeniskoets misschien of iemand die een grafkrans ergens komt brengen of neerleggen. Het bewustzijn vertaalt een deel van de waarneming in symbolen.

Dan komen we aan een anders vorm van helderziendheid. Het is de vorm van helderziendheid waarmee men in feite de aura van anderen waarneemt. Je kunt de uitstraling van mensen en dingen vaak vluchtig waarnemen. Maar er zijn mensen die in staat zijn om die waarneming zo op zich te laten afkomen dat ze even concreet wordt als een gewone zichtbare waarneming. Op dat ogenblik kun je in de aura alles aflezen. Er zijn a.h.w. vlammen in te zien, er zijn bepaalde schichten, uitbarstingen. Er zijn aanmerkelijke kleurverschillen waarbij de ene laag soms heel ver in een andere laag van de aura (meestal bestaat ze uit drie lagen) doordringt. Dan kun je zeggen; Deze mensen zien voor een deel reëel. Want als je nagaat hoe het met hun optisch, apparatuur staat, dan blijkt dat de ogen heel vaak gevoelig zijn voor een aantal trillingen die boven de normale waarnemingsgrens van kleur liggen. Men noemt a.h.w. een paar kleuren meer waar, meestal in de richting van blauwviolet.

Dan kennen we ook mensen die ziekten aflezen aan een lichaam en die daarin donkere en lichte plekken zien. In een dergelijk geval kan eveneens een optische gevoeligheid een rol spelen. Deze mensen nemen namelijk waar in infra‑rood; dat wil zeggen dat ze verschillen in temperatuur kunnen zien en dat ze daardoor ook temperatuursverschillen in het geheel van het organisme kunnen waarnemen. Dergelijke dingen worden soms bewust, soms onbewust gehanteerd.

Heb je deze laatste gave, dan is het onwaarschijnlijk dat je komt tot een zuiver aflezen van uitstralingen in een aura, omdat je de hoge geestelijke trillingen over het algemeen niet of zeer onvolledig waarneemt. Kun je aura's volledig aflezen, dan is het wel mogelijk om een diagnose te stellen aan de hand van de afwijkingen die je in de aura ziet, maar dan is deze gevoeligheid voor de directe functieverschillen en de temperatuurverschillen in het lichaam weer niet aanwezig. Met andere woorden; je kunt het ene hebben en dan heb je het andere niet. Of omgekeerd.

Er zijn voor zover mij bekend op aarde in de laatste paar duizend jaar geen mensen geweest die in staat waren om deze gehele scala plus het normale visuele gebied te overbruggen. Wel zijn mij enkels personen bekend die blind waren en die in feite via een chakra waarnemingen deden. Bij deze bleek die overbrugging wel mogelijk. Dus, diagnostiek op deze wijze moet altijd eerst worden herleid tot de basis: wat ziet men? Ziet men bij voorkeur zwart‑wit verschillen, dan moet men aannemen dat men in het infra‑rode gebied schouwt. Men moet dus elke aandoening placeren op die plaats waar een te felle roodgloed is of waar een donkere plek is.

Dan moet men ook rekening houden met de normale verschijnselen. Als je een man waarneemt, dan zie je wat donkerder gebieden (meestal bij de knieën). Bij vrouwen op dat deel waarop ze plegen te zitten. Die zijn kouder dan de norm van het lichaam. Als je al die dingen samenvoegt, dan is hier sprake van een z.g. helderziendheid die maar voor een klein gedeelte op geestelijke gevoeligheid, grotendeels echter op een vergroting van de optische waarnemingsschaal van de persoon in kwestie berust.

Visioenen. Is dat helderziendheid? Een visioen is over het algemeen het opbouwen van een complete scène die zowel waakbewust kan worden waargenomen als in toestanden van trance. Daar moet men rekening mee houden. Het is dus op verschillende manieren mogelijk. In al deze gevallen wordt het visioen opgebouwd aan de hand van impulsen die door anderen worden veroorzaakt. Dat kan een bewuste of onbewuste veroorzaking zijn, maar het merendeel van de visioenen komt voort uit bewust geprojecteerde gedachten die grotendeels dan ook nog uit de geest stammen en soms reflecties zijn uit hot astrale gebied.

Visioenen en waarnemingen in tijd hebben het grote nadeel dat tijdsbepaling moeilijk is. Het lijkt misschien eenvoudig. U krijgt een beeld van de toekomst en u kijkt heel gauw of er een krant of een kalender in de buurt is. U kijkt ook nog op de klok en dan zegt u. Dat is gebeurd op 27 februari van het jaar 2000. Ik zie de klok, dus moet het gebeurd zijn om kwart over 3. Ja, dat dacht u. Weet u zeker, dat die kalender of de krant de datum van de juiste dag aangeeft. Staat de klok stil of loopt ze? Op welke plaats gebeurt het? Want dat zou het tijdsverschil kunnen betekenen. Uw tijdsbepaling zal dus nooit helemaal correct zijn.

Meestal zal men geen jaar kunnen vaststellen. Een waarneming kan dan duidelijk maken dat iets in de lente gebeurt, Dan kan men zeggen: In de lente zal dat en dat plaatsvinden. Maar welke lente? Het kan de eerstvolgende zijn, het kan ook over honderd jaar zijn. Bij waarnemingen in tijd en eveneens bij bepaalde visioenen waarin geen definitieve tijdsbepaling is opgenomen, moet men dus uitermate voorzichtig zijn met datering. De grenzen hiervan?

In de eerste plaats; je kunt nooit in een visioen of helderziend in tijd iets waarnemen dat zo ver buiten je eigen tijd ligt dat in de situatie veranderingen zijn opgetreden die voor jou niet meer verklaarbaar zijn. Deze niet verklaarbare zaken worden dan vaak door‑ geometrische figuren aangeduid. Maar juist daardoor heb je geen werkelijk idee van wat er gaande is of wat er zal gebeuren.

In de tweede plaats; elk beeld dat je waarneemt wordt vertaald in je eigen termen. Dat wil zeggen: een waarneming in tijd wordt herleid tot een analogie met het heden. Wie ook dit in de gaten houdt, weet dat waar­nemingen in tijd (wat dit betreft althans) met een zekere reserve, ook door de waarnemer zelf, moet worden benaderd.

Waarneming in ruimte.

Ik heb er al een paar dingen over gezegd. Het is mogelijk om bewust in ruimte waar te nemen. Als dit geschiedt door uittreding, beschouw ik het niet als helderziendheid. Hier is dan gewoon sprake van het projecte­ren van een persoonlijkheid naar een andere plaats. Het is achter moge­lijk dat u meestal zeer beperkte scènes opneemt die zich elders afspe­len. In dit geval is een telepathisch rapport noodzakelijk.

De veroorzakende kracht kan geestelijk zijn. Ze kan gewoon liggen in een grote overeenkomst van bepaalde mentale en geestelijke elementen tussen het gebeuren en uzelf. Het kan daarnaast een opvangen zijn van intense belevingen of gedachten die elders plaatsvinden. In deze gevallen zal de plaats alleen kunnen worden bepaald aan de hand van de gegevens die in de waarneming aanwezig zijn. Zijn deze vaag, wees voor­zichtig. Als u de Eiffeltoren ziet, mag u aannemen dat het in Parijs gebeurt. Maar vergis u niet, er bestaat in Japan een nagebouwde Eiffel­toren, ergens op een groot warenhuis. Het zou dus kunnen zijn dat het in Tokio gebeurt. U kunt zeggen; Waarschijnlijk in Parijs. U kunt het zelden met volledige zekerheid zeggen, tenzij u toevallig plaatsborden tegen­ komt of de plaats zelf kent. Alle waarnemingen door helderzienden moeten met een zekere voor­waardelijkheid worden beschouwd. Wij weten immers niet hoeveel van de waarneming beperkt is of veroorzaakt werd door denkbeelden en gevoe­lens in de waarnemende persoonlijkheid. Het is maar heel zelden dat een waarneming glashelder, en zuiver is zonder dat er enige persoonlijke in­terpretatie, of enig persoonlijk element een rol speelt.

Wat zijn de mogelijkheden van helderziendheid in het algemeen? Voor een mens: waarneming van en beperkte contacten met o.a. werelden van de geest. Waarneming van en beperkte contacten met persoonlijkheden die niet op aarde leven maar elders in de stof. Het waarnemen op plaat­sen waar je lichamelijk niet aanwezig bent en op een zodanige manier dat je bewustzijn van je aanwezigheid op een bepaalde plaats daardoor niet wordt beïnvloed.

Waarneming van kwalen en afwijkingen bij personen. Waarnemingen van le­venslichaam of levenskracht van personen en aan de hand daarvan heel vaak ook de mogelijkheid om te zeggen dat ze wel of niet nog een lange tijd te leven hebben. Je kunt zelfs de levensduur helderziend voor een deel maar nooit volledig gadeslaan.

 Wat zijn de beperkingen en begrenzingen?

1.      Je kunt niets waarnemen dat buiten je eigen kader van bewustzijn ligt. Elke waarneming kan alleen geschieden op grond van referentie aan herinneringswaarde die in je bestaat.

2.      Emoties kunnen bepalend zijn voor zowel de waarneming als voor het veroorzaken van de waarneming. Emoties werken altijd eenzijdig en werke­lijkheidsvervreemdend. Daardoor is het zeker, dat bij een dergelijke waar­neming een afwijking van de feiten optreedt. Een voorbeeld. Dit is vast­ gelegd in de buurt van Stavanger.

Een paar jonge mensen zien hun vader in druipende oliekleding aan het voeteneinde van het bed staan. Zij nemen aan dat hij is overleden en wachten geduldig op de mededeling die moet komen. Deze komt een week later. Het overlijden had echter plaatsgevonden drie dagen voordat het bericht werd afgezonden en niet zeven dagen. De verschijning lag dus vier dagen in tijd vooruit op het feit. Als u rekening houdt met dergelijke mogelijkheden, dan zult u het met mij eens zijn dat we nooit op gelijktijdigheid kunnen rekenen. Een waarneming, die emotioneel wordt bepaald, kan door die emotie in tijd verschoven zijn. Ze kan zelfs plaatsverschoven zijn en ze kan feiten ten dele onderdrukken of met bijzondere nadruk weergeven. De grenzen van helderziendheid zijn voor een deel uw eigen grenzen. Hoe objectiever, gevoeliger en bewuster u bent, hoe meer uw helderzien­de waarnemingen van welke aard dan ook met de feiten zullen stroken.

Hoe groter uw onevenwichtigheden of uw eenzijdigheden of zelfs uw beperkingen in formulerings‑ en voorstellingsvermogen, hoe verder de waarneming zal afwijken van de werkelijkheid.

Waarnemingen kunnen verder geestelijk worden gedaan in bijna alle werelden en sferen. Dus ook in uw eigen wereld zowel in verleden als toekomst.

1.      Bij een geestelijke waarneming is er nimmer een juiste tijdsbepaling mogelijk, zelfs niet aan de hand van gegevens.

2.      Een geestelijke waarneming, die door u wordt ontvangen. is uit­ gedrukt in een bepaalde richting. Ze heeft een of andere betekenis.

Ze is niet alleen waarneming naar ook boodschap. De geestelijke impul­sen zijn dus altijd vertekend. De helderziende dient zichzelf dus enige beperkingen op te leggen t.a.v. de absolute zekerheid van hetgeen hij meent te moeten verkondigen. Uittredingen maar ook helderziende waarnemingen, houden vaak in dat een rapport wordt verkregen dat niet identiek is met het normale standpunt van een mens ter plaatse. Om een voorbeeld te geven:

U noemt een bepaalde plaats waar. Bijvoorbeeld bij het zoeken naar iemand die overleden of vermist is. U ziet die plaats, maar u ziet die uit vogelvluchthoogte. U ziet die dus niet op het land. Dan vertekent het beeld zich en zult u de hoogte moeten weten van waaruit de waarneming wordt gedaan om het beeld werkelijk volledig, te kunnen thuisbrengen. De oriëntatie mogelijkheid aan de hand van dergelijke helderziende waarnemingen is en blijft dus beperkt, tenzij men door waarneming ter plaatse en het samenvoegen van details kan komen tot een constatering, die niet meer wordt bepaald door het totale aanzicht dat werd beschreven, maar door de aanwezigheid van bepaalde saillante punten. Voorbeeld;

Er wordt een kerk beschreven die aan het water staat. Ze staat in werkelijkheid twee straten verder. Ais u zich realiseert, dat die kerk, gezien vanuit een bepaalde hoogte inderdaad aan het water lijkt te staan althans vlak daar bij, dan kunt u aan de hand van die kerk een verdere oriëntatie opstellen. Zet u dat punt uit in vergelijking met andere punten waarvoor u een analogie of een gelijkluidendheid heeft gevonden, dan kunt u de helderziende waarneming, tot een exactheid van plaats terugbrengen. Dat kunt u echter niet alleen aan de hand van de gegeven beschrijving.

Daarmee heb ik al heel wat punten aangestipt. Misschien dat u zich nog afvraagt; Hoe het dan zit met mensen die precies weten te vertellen al of niet aan de hand van theebladeren, koffiedik, kaarten of dergelijke dat hetgeen u wenst niet helemaal mogelijk is, maar dat u met de post een mededeling krijgt en dat u moet oppassen ‑ naar gelang van geslacht ‑ voor een donkere man of vrouw. Je kunt tegenwoordig ook niet helemaal weten of dat waar is. Hier hebben wij te maken met driekwart telepathie: het aflezen van uw wezen.

Ten laatste zou ik er nog op willen wijzen, Het aflezen van absoluut vaststaande scènes in de toekomst is per scène mogelijk maar nimmer in samenhang, omdat samenhangen aan veranderingen onderhevig zijn. Of wij het toegeven of niet, er bestaan lijnen van grootste waarschijnlijkheid. Die lijnen van grootste waarschijnlijkheid impliceren dat een groot gedeelte van wat erbij hoort waarschijnlijk wel waar zal zijn, maar een persoon kan op de een of andere wijze afwijken. Of misschien op grond van morele of anders overwegingen afwijken van wat u ziet als norm en daardoor zijn beleving plus zijn plaats in het gebeuren aanmerkelijk wijzigen. Soms wordt zelfs de betekenis van het gebeuren daardoor verandert, maar dat is aan de hand van de waarneming niet direct constateerbaar. Laten wij dus heel duidelijk zijn en zeggen;

Eigenlijk heeft helderziendheid ontelbare mogelijkheden. U kunt er op den duur alles wel mee doen. En als u in de geest bent aangewezen op waarnemingen zoals die eigenlijk driekwart of misschien zelfs voor 99,9/10 % een soort helderziendheid in stoffelijke zin betekenen, dan begrijpt u ook wel dat u daardoor in een wereld terecht komt die wordt bepaald door uw eigen referentiewaarden. Realiseer u dat alles wat waarneembaar is niet kan worden waargenomen, tenzij u zelf daarbij over voldoende inhoud, begrips‑ en voorstellingsvermogen beschikt. Een helderziende waarneming kan nooit een volledige werkelijkheid weergeven. Ze geeft altijd maar een beperkt deel daarvan weer en dan wel uit het gezichtspunt van de waarnemer.

Men heeft mij een gevraagd toen ik ook over een dergelijk onderwerp sprak. Wat doet u nu? Helderziendheid opbouwen of afbreken? Dat is een dwaze vraag. Als je zegt dat de atmosfeer is samengesteld, dat er bepaalde verontreinigingen in zitten, dan betekent dat nog niet dat uw ademhalingsproces daardoor verandert. Het betekent echter wel, dat door het ademhalingsproces bepaalde invloeden kunnen inwerken of uitblijven die u normaal zoudt verwachten. Laat mij u op deze onredelijk­heid wijzen: Er is geen absolute betrouwbaarheid, ook niet als u zelf een helderziende waarneming doet. Een heel bekende schrijver heeft een verhaal geschreven over de Engel van het westelijke Venster. Dat was de duivel. Hij zag er echter op dat ogenblik zo mooi uit dat degene die een engel zocht hem daar meende te zien.

Engelen en duivelen bestaan niet helemaal zoals u ze zich voor­ stelt. Dat is trouwens maar goed ook, want anders zou het maar een le­lijk zootje zijn. Maar ze zijn in zekere zin aanwezig, omdat u aan ze denkt. Wat u wilt zien, is mede bepalend voor hetgeen u ziet, niet alleen bij gewone waarnemingen. Kijk maar naar verliefde mensen. Die zien ook wat ze willen zien. De rest ontdekken ze meestal pas als het te laat is.

Realiseer u dus heel eenvoudig:

1.      Alle waarneming kan misleidend zijn.

2.      Alle waarneming is de uitdrukking van iets dat reëel bestaat, maar ik moet eerst in en vanuit mijzelf nagaan wat het reële gedeelte is.

3.      Mijn eigen innerlijk bewustzijn, mijn eigen gevoeligheid en vermogen zullen altijd bepalend zijn voor die waarden en mededelingen die ik kan waarnemen. Daarom ben ik zelf in zekere zin het criterium van mijn mogelijkheden.

Als je theoretisch helderziend God kunt waarnemen. dan is het ook ze­ker dat je om dit te kunnen doen alle besef en alle beheersing van jezelf zult moeten verliezen. Zonder dat is het niet mogelijk.

 

 


 

SLOTRDEDE.

Ik heb gezien dat u erg veel hecht aan de technieken van het helderziend werken. Laat mij hier dan enkele dingen heel kort en duidelijk stellen.

Helderziendheid kan inderdaad door voortdurende oefening worden verkregen. De wijze waarop die oefening geschiedt is minder belangrijk dan de gemeenschap waarin de oefening plaatsvindt; dus de intensiteit van geloof.

Helderziendheid, helderhorendheid en vele andere paranormale ef­fecten, inclusief een deel van de magie, behoren in feite tot wetenschappen die grotendeels teloor zijn gegaan, omdat ze niet meer kunnen beantwoorden aan de criteria van waarneming die de moderne wetenschap stelt. Maar als men verder gaat met het onderzoek, zal men ontdekken dat inderdaad de menselijke geest een aantal mogelijkheden bezit.

Nu ging het vroeger om het effect dat men kon verkrijgen, niet om de verklaring van de oorzaken. Als men nu de oorzaken wil verklaren, zal men het effect ook heel vaak terzijde zetten. Maar als men zich realiseert dat het effect op zichzelf door de waarde die het voor de mens heeft betekenis heeft en dat gelijktijdig de oncontroleerbaarheid van een groot gedeelte van de paranormale gegevens een zekere terughoudendheid noodzakelijk maakt ten aanzien van hetgeen zo wordt geproduceerd, dan zal men de oude wetenschappen weer kunnen doen herleven als een practische manier van werken waardoor de mens in zichzelf leert zien waar b.v. zijn ziekte en zijn fouten liggen.

Een mens leert aanvoelen en zien hoe bepaalde waarden zich bij een ander ontwikkelen. Zelfs kan de mens op den duur zich bewust worden van toekomstige mogelijkheden en ontwikkelingen waardoor hij/zij zelf bij betrokken is. Voor anderen de toekomst helemaal zuiver zien, zal natuurlijk wel altijd een wens blijven, maar het is nooit helemaal haalbaar. Het paranormale, inclusief de helderziendheid, is een concrete waarde.

Ik heb getracht het allemaal zo redelijk mogelijk te benaderen. Ik ben mij ervan bewust dat het met een dergelijk onderwerp nooit voor iedereen bevredigend kan geschieden. Ik heb geprobeerd u terug te houden van een al te zeer u werpen op een systeem. Want het gaat niet om het systeem, het gaat om uzelf. Het systeem is alleen datgene waardoor u zich in een bepaalde richting ontwikkelt. Daarvoor zijn vele verschillende methoden denkbaar en mogelijk.

Ik heb getracht u duidelijk te maken dat helderziendheid nooit het waarnemen van een vaststaande en onveranderlijke toekomst is, maar dat het slechts het waarnemen is van de grootste waarschijnlijkheid. Watu ziet is een mogelijkheid, niet een feitelijkheid. Hierdoor behoudt een mens een zekere wilsvrijheid, ofschoon hij voortdurend gebonden blijft aan zijn beslissingen uit het verleden en hierdoor zijn mogelijkheden in de toekomst altijd weer beperkt zullen worden.

Ik hoop, dat u niet teveel ernaar streeft om helderziend te worden. Helderziendheid kan soms leuk zijn, maar als ze u continu belaagt, dan is het vaak ook een plaag. Helderziend zijn en voortdurend geesten tegen komen kan erg leuk zijn, als het gezellige geesten zijn. Maar er lopen ook heel ongezellige geesten rond.

Het zien van allerlei vormen en toekomst‑visioenen kan erg leuk zijn, als ze optimistisch zijn. Maar als je de mogelijkheid van een atoomexplosie gaat zien vóór de realiteit, dan leef je in angst zonder dat het nodig is.

Zoek dus niet al teveel naar helderziendheid. Probeer gewoon uzelf innerlijk te ontwikkelen tot een zo harmonisch mogelijk mens. Probeer uw geestelijke waarden te beleven, of u dat nu in gebed door in meditatie of op een andere manier doet niet ter zake. Probeer uw wereld positief te aanvaarden en niet een groot gedeelte daarvan voortdurend van u af te schuiven.

Aanvaard uzelf zoals u bent. Geef toe dat u fouten heeft en geef gelijktijdig toe dat die fouten misschien alleen maar fouten zijn in de ogen van anderen, want u kunt niet zien wat het in de totaliteit betekent.

Door uzelf te aanvaarden, u evenwichtig te ontplooien krijgt u de persoonlijkheid die kan reageren op elk signaal dat van buitenaf komt. Dan zult u onwillekeurig de gevoeligheid ontwikkelen die u dan vertaalt in helderziendheid, helderhorendheid en dergelijke. Maar dit is dan een nevenproduct van uw ontwikkeling.

Als u probeert dit te ontwikkelen zonder uw persoonlijkheid te ontwikkelen, dan maakt u dezelfde fout als de bedelaar die zegt; Ik zal mij een been afhakken, dan loop ik wel moeilijker, maar ik zal meer medelijden wekken!

Paranormale gaven geforceerd ontwikkelen zonder dat je innerlijk de evenwichtigheid en de kracht hebt om ze als een normaal deel van je bestaan te aanvaarden, is jezelf verminken. Deze verminking betekent: onevenwichtigheid in je leven en beleven. En na de dood ongetwijfeld ook de noodzaak om naar een evenwicht te zoeken (niet altijd even aangenaam) en later weer te reïncarneren om datzelfde nog eens en beter te doen.

Neemt u mij niet kwalijk, vrienden, misschien denkt u daar anders over, maar het denkbeeld om op korte termijn in uw wereld te moeten incarneren heeft voor mij toch iets onbehaaglijks. Als u het denkbeeld met mij deelt, dan kunt u beter aan uw persoonlijkheid werken dan aan de ontwikkeling van uw helderziendheid.


 

 

Informatie aangaande de bronnen van de  teksten kan je vinden op volgende website's: 

 

http://users.skynet.be/rabdomantie.center/

     

http://www.saint-pierre-les-bregines.org/

 

 

 

 http://www.scribd.com/people/view/31429-rober

 

 

 

02-12-08

ONTWIKKELING INTUÏTIE.

DE ONTWIKKELING VAN DE INTUÏTIE.

Intuïtie is in feite het resultaat van een proces van onbewuste en bewuste factoren waardoor men komt tot conclusies die men redelijk niet zonder meer kan onderstrepen. Uw intuïtie is dus eigenlijk een soort zintuig waarmee men vele zaken registreert die redelijk gezien niet of niet voldoende aanwezig zijn. Het ontwikkelen van intuïtie zou dus moeten uitgaan van een groot aantal onbewuste factoren die men een grot ere rol toekent in zijn denken.

Een mens die verstandelijk redeneert, dat zal u allen wel bekend zijn, controleert a.h.w. de feiten en is bovendien geneigd een zekere opbouw te plegen. Dat wil zeggen: elke fase moet door een aanpassende volgende fase worden aangevuld totdat er een conclusie is bereikt.­

Nu weten wij dat er enig verschil pleegt te zijn tussen het z.g. mannelijke en het vrouwelijke denken. De man, zo zegt men, begint meestal bij het begin en weet niet waar hij eindigt. De vrouw daarentegen maakt een sprong van het begin naar de eindconclusie waarna zij zich begint te rechtvaardigen totdat ze gelijk heeft. Je zou dat ook anders kunnen formuleren:

De vrouw, mede door de situatie waarin ze lange tijd sociaal, maatschappelijk heeft verkeerd en ook door haar lichamelijk toch wel enigszins afwijkende evenwichten, is intuïtief begaafd. Een vrouw voelt dingen aan en kan niet verklaren waarom. Dan zoekt ze daar wel een verklaring voor, maar deze is eigenlijk niets anders dan een poging om een innerlijke toestand, die niet redelijk is, duidelijk te maken of aanvaardbaar.

Als u normaal leeft, dan leeft u in een menselijke maatschappij waarin redelijke en logische processen van groot belang zijn. U wordt a.h.w. afkerig gemaakt van conclusies die niet door gevolgtrekkingen eerst ondersteund zijn. Toch is intuïtie nu juist het vinden van conclusies, die niet door de feiten worden gesteund en die niet eerst door redenering tot stand zijn gekomen.

Elke mens bezit een grote mate van intuïtie. Wanneer u een mens in een noodsituatie brengt, dan zult u zien dat hij vaak zoals dat heet instinctief gaat reageren. Zou dit alleen instinctief zijn, dan krijgen we een absoluut blind gedrag; men let nergens meer op. Het beste voorbeeld daarvoor is een brand in een bioscoop. De manier waarop dan de mensen allemaal tegelijk door één veel te kleine deur naar buiten willen. Maar het kan ook voorkomen dat die mensen aanvoelen: dit is niet juist. Zodat ze een langere en misschien gevaarlijker weg kiezen die echter meer mogelijkheden geeft om te ontkomen. Vraag je hun waarom ze dat gedaan hebben, dan weten ze het niet. Maar op dat ogenblik hebben ze de juiste keuze gedaan.

Een ander voorbeeld van intuïtie zien wij als we kijken naar treinen en vliegtuigen die ongelukken hebben gehad. Men heeft kort geleden een onderzoek daarnaar ingesteld. Daarbij is opgevallen dat de gemiddelde bezetting van deze treinen en vliegtuigen bijna altijd lager is dan het normaal gemiddelde voor de treinen en vliegtuigen op dat traject en op die tijd. Alweer, hoe komt dat? Ach, de een vergeet iets. Die wil eigenlijk die reis niet maken en daarom wordt er een verontschuldiging gezocht. Soms gaan ze terug om thuis de kaartjes te zoeken die ze allang in hun tas of binnenzak hadden.

Een ander voorbeeld is plotseling van idee veranderen. Plotseling besluiten om maar de volgende trein af te wachten, of om deze keer dan maar een stoptrein te nemen in plaats van een sneltrein of omgekeerd. Hoe vaak dat voorkomt? Men heeft daar geen juist overzicht van, maar men neemt aan dat ongeveer 20 % van degenen die normaal daarvan gebruik maken dergelijke gevoelens hebben zonder dat ze weten dat die redelijk zijn.

Nu moeten we één ding vooropstellen. Intuïtie moet je leren gebruiken. Het is niet een kwestie van ontwikkelen zonder meer. Het is er wel degelijk. Je moet gewoon leren welke flitsen en gevoelens zinvol zijn en welke voortkomen uit andere onbewuste factoren en niets te maken hebben niet de feiten waarop je ze richt. Dit is de grote moeilijkheid. Ik zal proberen daarover zo dadelijk enige regels te geven.

Wij hebben een persoonlijke instelling. Deze persoonlijke instelling kan gaan van sympathieën voor bepaalde figuren op grond van vroegere ervaringen tot zelfs een afkeer van b.v. ongepoetste schoenen, van een ‑te zware of te lichte make‑up, van een bepaalde haarkleur. Deze dingen beïnvloeden uw beslissingen wel, maar u kunt ze niet beschouwen als intuïtief. Het is in feite een confrontatie riet onbewuste, vaak verdrongen factoren in de herinnering. Het is duidelijk, dat het dus moeilijker al zijn dan de meeste mensen denken om een scheiding te maken tussen onbewuste gevoelens.

Intuïtieve factoren en gewoon onbewuste gevoelens. Gevoelens, die dus niet, te maken hebben met toekomstige ontwikkelingen of feitelijke situaties. Als u uw intuïtie wilt scholen (ik vind dat een beter woord) dan zult u allereerst moeten beginnen met uw voorgevoelens zoveel mogelijk eens redelijk lijken, te noteren. Als het even kan met de tijd en met het onderwerp waarop ze betrekking hebben. Door dit te doen komt u tot de conclusie dat alleen een deel daarvan op de werkelijkheid slaat en dat andere gevoelens kennelijk helemaal niets te maken hebben met de feiten.

Dan moet u zich realiseren dat elk intuïtief proces berust op een relatie tussen uzelf en het andere. U kunt dus niet intuïtief aanvoelen dat een ander een ongeluk zal krijgen, tenzij u zich met die andere persoon verbonden voelt. Zelfs dan is het nog de vraag: welke gevoelens koestert u ten aanzien van de ander en op welke wijze probeert u misschien onbewust de ander weg te houden of bij u te houden. Als u zich heeft aan­gewend om al deze plotseling opkomende ingevingen te noteren en ze later zoveel mogelijk na te gaan, dan zult tot de volgende constatering komen: Uw intuïtie, schijnt alleen te werken., in bepaalde situaties . Het is dus niet alles dat intuïtief wordt beseft, maar het kan liggen in b.v. menselijke kwaliteiten; u bent erg gevoelig voor de kwaliteiten van een medemens. Het kan zijn een gevoeligheid voor situaties, voor gevaar, niet gevaar etc. Het kan zelfs een kwestie zijn van een zekere kennis die u eigenlijk niet zou moeten bezitten; dat u op een bepaald punt staat) desnoods in een geheel vreemde stad of vreemd gebouw) en automatisch zonder na te denken precies op de juiste manier rechts of links afslaat of recht door gaat zodat u langs de kortste weg uw doel bereikt. Deze verschillende facto­ren komen wel tezamen voor, maar zelf zult u moeten constateren, vooral in het begin, dat één bepaalde kwaliteit veelvuldiger voorkomt dan andere, begin dan uw intuïtieve processen te gebruiken door juist alle gevallen die samenvallen met deze door u veelvuldig als juist erkende gevoelens in de praktijk toe te passen.

Doe dit onder voorbehoud. Met andere woorden: als u voelt (ik heb het over de trein gehad): ik moet niet met deze trein meegaan, dan moet u wel degelijk afwegen in hoeverre dit te realiseren is. U kunt per slot van rekening niet anderen het slachtoffer maken van een onbestemde vrees die misschien niet eens terecht was. Toch krijgt u daardoor een grotere zelfverzekerdheid.

Dan zien we een eigenaardig verschijnsel: door de voortdurende controle, zelfs als je rationeel blijft handelen ondanks die gevoelens, krijg je meer zelfvertrouwen. Zelfvertrouwen is, zoals vele zaken die met het paranormale te maken hebben, heel belangrijk. Het zelfvertrouwen treedt nu in versterkte mate op bij de intuïties, de plotselinge gevoelens die met de feiten te maken hebben. U heeft nu een criterium gekregen.

Op het ogenblik, dat ik in mij een zekerheid voel, een bepaalde bijna fatalistische en gelaten constateren zonder dat ik wij daardoor bewogen voel tot ingrijpen of tot veranderen, dan ligt daar mijn grootste kans dat ik goed aanvoel.

Wij moeten proberen de intuïtie niet al teveel te overschatten. Zeker, er is helderziendheid in ruimte en tijd. Dat bestaat. Er zijn telepathische signalen die een mens ontvangt zonder dat hij zich daarvan helemaal bewust is. Er zijn ook nog andere zaken die een rol spelen zowel vanuit de geest als vanuit de wereld waarin u leeft, maar u moogt al die zaken niet afzonderlijk gaan beschouwen. U moet het zo zien.

Intuïtief reageren is een procédé gebaseerd op zeer vele gegevens die in uw persoonlijkheid aanwezig zijn en zeer waarschijnlijk ook vele signalen die u van buitenaf bereiken. Dat houdt in dat u niet moet proberen u op de toekomst te specialiseren of op het erkennen van het karakter van persoonlijkheden. Dat is weer een ander soortgevoeligheid.

Als u daarmee gaat werken, dan zou u wel eens zeer eenzijdig kunnen worden, terwijl bij een bewust of onbewust intuïtief reageren het juist erg, belangrijk is dat u zoveel mogelijk signalen verwerkt, zoveel mogelijk factoren onbewust samenvoegt tot een conclusie. Probeer dan ook, wanneer u eenmaal daarmee bezig bent, aan te voelen wat in een ander leeft. Dat is gewoon een test, een spelletje dat u met uzelf speelt. U kunt proberen om b.v. het beroep te raden van mensen die voorbij gaan. Alleen denk niet dat u het altijd goed heeft. U heeft meestal ongelijk u kunt proberen uit te maken welke tram op een bepaald punt het eerst zal komen. Zal dat 10, 12, 7 of 8 zijn. Als u dat zo doet, dan gaat u uw gevoeligheid oefenen en dit is belangrijk.

Dus het ontwikkelen van de intuïtie geschiedt eigenlijk door spelletjes te spelen met jezelf. Zo kunnen we dat het best zeggen: Je gaat, proberen om gewoon bepaalde zaken aan te voelen, terwijl je niet zeker bent dat je gelijk hebt. Je maakt een keuze uit vele mogelijkheden die door het toeval worden bepaald en toch kom je tot een steeds juistere keuze. Als je dat spelletje met de tram of de bus speelt, dan zul je geneigd zijn te zeggen: De eerste is b.v. lijn 7. Maar het is altijd de tweede.

Let op in welke volgorde de feiten optreden: ook dit kan u bijstaan. Juist in het spelen van het spelletje ga je leren dat er soms een verschuiving in tijdsbesef optreedt. Het is hetzelfde wat je krijgt met de proeven met de Rhine‑cards. Daarbij is het ook mogelijk dat iemand achter loopt of zelfs voor loopt. De volgorde van de symbolen is wel goed aangegeven, maar ze staan niet op de nummers of de plaatsen waarop ze zouden moeten vallen, waarop ze dus getoond zijn. Deze dingen allemaal bij elkaar moet je gewoon aanvaarden. Op het ogenblik, dat je over de intuïtie begint na te denken, heb je haar in feite ontkracht. De intuïtie is spontaan.

Nu neem ik aan, dat u dat spelletje wel eens heeft gespeeld en dat u misschien ook geoefend heeft, zoals sommige anderen, om te kijken welk getal de dobbelstenen zullen laten zien of wat de roulette voor nummer of kleur zal aanwijzen. Onthoud hierbij één ding: Op het ogenblik dat u sterk emotioneel bij een bepaald iets betrokken bent (dat kan dus ook zijn wanneer u gokt) de kans, dat u intuïtief reageert kleiner wordt. Daarom dus spelletjes waarmee helemaal geen prijs is te winnen. Daarom juist voortdurend aantekeningen maken zonder dat het eigenlijk iets geeft en zonder dat u misschien zelfs rekening houdt met de gevoelens die u dan toch maar noteert. Probeer het zo rustig en onverschillig mogelijk te houden.

Nu we dit hebben geconstateerd (het zijn de eerste paar regeltjes) gaan we eens kijken wat er bij intuïtie allemaal aan werkzame factoren kan zijn. Het onderbewustzijn heb ik uit de aard der zaak genoemd. Maar er zijn meer dingen.

Heel veel mensen zijn in meer of mindere mate gevoelig voor de uitstraling van een medemens. Deze doet hem harmonisch of disharmonisch aan. Uw gevoeligheid is niet dezelfde van ieder ander. De een kan op 40 meter een andere mens aanvoelen. Er zijn ook mensen die eigenlijk al bijna in de aura moeten zijn (zeg op een afstand van 60 tot 80 cm) voordat ze dit gevoel duidelijk doorkrijgen. Ook dit kunt u door het veel te doen natuurlijk wel verbeteren.

Het aflezen van uitstralingen zegt niets omtrent de werkelijke waarde van de persoon die u afleest‑. Het zegt alleen iets over de, relatie tussen u en die persoon. Dit houdt in dat intuïties ten aanzien van personen slechts in beperkte mate geldig zullen zijn voor de contacten die deze personen met anderen zullen hebben. Voor uzelf zijn ze over het algemeen tamelijk juist.

Dan kennen we de onbewuste empaat en telepaat. De empaat ontvangt gevoelens. De telepaat ontvangt gedachteflarden. Wanneer iemand in een stemming verkeert die naar buiten toe misschien mooi bemanteld is, dan voelt u dat op een gegeven ogenblik toch aan. Een strijdigheid tussen uiterlijk en aangevoelde stemming of inhoud zal u over het algemeen ertoe brengen om de persoon te verwerpen. lat is heel vreemd, maar het is zo.

Wanneer u gedachten afleest, dan moet u zich realiseren, je leest nooit de werkelijke gedachten volledig af. Je kunt alleen reageren op bepaalde flarden van gedachten die in jezelf a.h.w. herontwaken omdat ze in je in zekere mate bestaan. Telepathisch kun je dus alweer geen definitief oordeel geven over de gehele persoon, laat staan over de waarde of het gedrag:, van die persoon over een langere tijd. 'del kun je aanvoelen waarmee die persoon bezig is, wat diens gedachteleven beheerst en kun je op grond daarvan je eigen gedrag aanpassen.

Dan kennen we een z.g. harmonische band. Een harmonische band ontstaat eigenlijk op zoveel verschillende gronden dat ik er maar enkele zal uithalen.

Ze kan bestaan uit geursporen. Ze kan bestaan uit associaties met een bepaald uiterlijk. Ze kan ontstaan door erkenning van bepaalde gedachten, bepaalde stemmingen die door een persoon worden uitgestraald.

Daarnaast kunnen ook geestelijke waarden van de persoon en de balans van levenskracht in die persoon invloed uitoefenen. Altijd weer, als we hier een harmonie constateren, is het zeker dat we op dit ogenblik (u moet het maar zien voor een uur of 4 à 5, want dat duurt meestal wel zolang) met die persoon goed kunnen samenwerken en dat we met die persoon een redelijke uitwisseling van gegevens en dergelijke kunnen hebben. Op het ogenblik echter dat u zich daaraan blijft vastklampen, dat u liet tot een blijvend oordeel naakt, kunt u zich -ik wil niet zeggen 100% gegarandeerd maar 80% gegarandeerd ‑ zeker vergissen. Want de veranderingen gaat u dan verwaarlozen. Doe dit nooit. Als u al intuïtief op een persoon reageert, probeer steeds weer even naar neutraal terug te gaan en opnieuw a.h.w. te ervaren, deze persoon is nu aanvaardbaar of niet aanvaardbaar.

Dan hebben wij natuurlijk ook nog geestelijke dingen daarbij. Dat brengt ons altijd in de sfeer van het irreële vanuit menselijk stand.­ U heeft een aantal voertuigen. Uittredingen e.d. kunnen daarvoor soms een bewijs leveren. Die voertuigen zullen juist de kwaliteiten op het gebied waarop het voertuig actief is die bij een ander bestaan kunnen aflezen en aanvoelen. Gaat het om geestelijke voertuigen, dan zal die aflezing tamelijk volledig zijn gezien de condities in bepaalde sferen.

Wat iemand geestelijk is, is echter nog niet datgene wat hij stoffelijk is, betekent en doet. Het is wel een invloed op zijn gedrag, maar het is nooit een bepaling daarvan. De geestelijke waarden die wij aanvoelen kunnen we dus beter gebruiken om na te gaan in hoeverre er op eer. bepaald vlak harmonie bestaat. Maar daarvoor moeten we eerst weten op welk niveau nu eigenlijk die harmonie of disharmonie is ontstaan. Dit is zeer moeilijk aan te geven.

Iemand, die bezig is zijn intuïtie nog een beetje op te voeren, te leren hoe hij ermee moet leven, doet er goed aan deze geestelijke factoren te verwaarlozen, tenzij ze bij voortduring optreden. In dat geval kunnen we wel zeggen dat het geheel van de andere gevoeligheden en interpretatiemogelijkheden hierdoor zullen worden beïnvloed.

Dan vraag je je natuurlijk af: Als ik het nu wil leren (mensen willen die dingen allemaal leren) hoe moet ik mij dan de zaak ongeveer voorstellen? Het antwoord is eenvoudig: In uw gehele leven, al wordt u honderd jaar, zult U steeds weer beslissingen nemen op grond van gevoelens die op geen enkele wijze, rationeel zijn, t.a.v. de stoffelijk feiten. U heeft de intuïtie, maak er gebruik van. Maar als u zichzelf niet toegeeft dat u er gebruik van maakt, dan wordt het wel heel erg moeilijk te leren hoe u ermee moet omgaan Wanneer u tot een oordeel kont, eerst dat oordeel vastleggen, dan pas erover gaan nadenken waarom u tot, dit oordeel komt. Kijken of het oordeel is uitgekomen en of de rationele gang van zaken misschien dichter bij de feiten was.

U heeft geestelijke waarden, geestelijke krachten. Een persoon zal naar gelang van de symbolen die hij hanteert een bepaalde mate van licht bezitten. Hij zal een bepaalde, mate van kracht uitstralen. Hij zal misschien doof, hij zal meer gevoel geven van leegte of zelfs van kleverigheid.

Deze gevoelens geven wel degelijk een relatie aan. Besef, dat deze gevoelens voor uzelf van groot belang zijn. Zelfs als er geen redelijke of logische verklaring voor zou zijn, zal uw gedrag ondanks de neiging om in overeenstemming met de feiten te handelen toch worden beïnvloed. Dan is het beter te erkennen dat u dit gevoel heeft, dan weet u ongeveer hoe u zult reageren.

Als u bezig bent met geestelijke oefeningen en hoeveel mensen doen dat niet, dan zult u ontdekken dat in heel veel gevallen de zaak erg verwarrend wordt. U heeft de intuïtieve constatering wel, maar u komt er niet verder mee. In dat geval geef ik u de volgende raad:

Ga gewoon langs redelijke termen verder, maar probeer u op geen enkel punt vast te leggen. Als u vervolgens de kans heeft om even te gaan rusten ‑ of dat nu een uiltje knappen is of naar bed gaan en slapen ‑‑ probeer het beeld van de persoon voor uzelf op te bouwen. Probeer u de gevoelens die u had te binnen te brengen en laat dit zich verder ontwikkelen. Het is een soort dagdroom. Het is een fantasie die soms overgaat in een sluimering of misschien zelfs een levendige droom. Door op deze manier terug te spelen zult u de geestelijke elementen meer op de voorgrond brengen. U zult dan op den duur ook zien welke elementen in uw aanvoelen van meer geestelijke aard zijn, want het zijn juist Deze die in de droom en in de fantasiewereld sterk op de voorgrond komen.

Dan krijgen we de vraag: Moeten wij onze intuïtie voortdurend gebruiken? Het antwoord is: ja!. Maar je doet het meestal niet. Als je b.v. kijkt naar de mensen die gaan stemmen, dan kun je zeggen dat hun stemgedrag zeker niet intuïtief wordt bepaald maar grotendeels door lust of onlust en traditie.

Gebruik uw intuïtie nooit als een vervanging voor uw redelijke vermogens. Dan loopt u altijd vast. Gebruik haar als een aanvulling daarvan. Zodra u heeft geleerd die gevoelens een klein beetje te onderscheiden (daarvoor moet u de spelletjes spelen die ik u heb aangegeven en de aantekeningen te maken en dan kijken wat het allemaal betekent) geef ik u de raad om als redelijk gezien twee of meer wegen mogelijk zijn de weg te kiezen die het best past bij hetgeen u intuïtief aanvoelt.

Dus niet redeneren: ja, maar zakelijk of economisch gezien is dit of dat beter. Maar gewoon: deze mogelijkheid is aanvaardbaar, die mogelijkheid is aanvaardbaar en die andere ook, maar ik heb het gevoel dat deze voor wij beter is. Zeg dan later niet: Het zou misschien anders gelopen zijn. Zoals de echtgenote soms wel zegt: Ik ben nu wel met jou getrouwd, maar ik heb toch het gevoel dat, als ik vroeger met Jan Willem ervan door was gegaan, ik gelukkiger geworden zou zijn. Dat komt alleen omdat ze Jan Willem nog ziet zoals ze dacht dat hij was. Ze heeft hem nooit in werkelijkheid gekend. Zo is het toch.

Mensen, die elkaar het hof maken, laten alleen hun mooiste kant zien. Zodra dat voorbij is, valt dat anders uit. Dan blijken er heel veel fouten aanwezig te zijn die op een handige manier zijn bemanteld. En dan heb ik het heus niet over kunstgebitten en andere soorten prothesen. Dus realiseer u gewoon: intuïtief kiezen is goed, mits de keuze ook redelijk verantwoord is.

Nu kunt u ook dingen aanvoelen. Dat is eigenlijk niet helemaal zuiver intuïtie. Bijvoorbeeld: ik denk aan tante Toos en waarachtig, even later komt ze aanzetten compleet met bloemetjes, haar laatste operatie en haar slechte adem. Als u dat regelmatig heeft, dan is dat een aanvoelen. Het is geen intuïtie, maar een erkennen van personen die zich met u bezighouden. Het is eigenlijk meer een telepathisch rapport. Hiervan kunt u gebruikmaken door daar rekening mee te houden, zonder u daardoor te laten bepalen.

Dan heb je: Hé, ik heb het gevoel dat deze of gene ziek is, in nood is, dood is. Controleer dat even. Baat het niet, schaadt het niet. In dergelijke gevallen zijn het ofwel uw eigen onbewuste vrezen en eventueel begeerten die een rol spelen, danwel de signalen die u van andere personen ontvangt. U zult ontdekken dat in deze gevallen u de meest juiste reactie heeft bij mensen met wie u enig contact heeft en die voor u behoren tot degenen die voor u sympathiek zijn.

Dan zien we onder intuïtie ook heel vaak noemen: Ik hoorde ineens intuïtief in mijzelf: Jan komt morgen later. Als u werkelijk contact heeft met de ander, dan is het mogelijk dat u dergelijke dingen afleest. Maar het is eigenlijk geen intuïtie. Het is vaak een licht vertekende realisatie van telepathische signalen. Op dezelfde manier kunt u signalen naar een ander uitzenden. Maar zeg dan niet dat u dit intuïtief wist of dat u het intuïtief heeft voorvoeld.

Vermijd ook te zeggen: Ja, dat voelde ik al. Zoals: Heb je dat gehoord? Jansen is failliet. Ja, dat voelde ik al zitten. Dat is een beroep op een intuïtie die niet bestaat. Dat is een jezelf gelijk geven na de feiten. Alleen als je van tevoren hebt gezegd: lansen zit in moeilijkheden, dan kun je zeggen: Dat heb ik voorvoeld. Wees vooral redelijk. Het ontwikkelen van intuïtie is gebaseerd op een voortdurend zo redelijk mogelijk‑ gebruik van al deze impulsen die in u ontstaan.

Denk ook niet dat het een kwestie is van: wij kunnen wel even gaan oefenen. Hoe meer u probeert te oefenen, hoe minder werkelijke resultaten u krijgt. U bent namelijk niet in staat om al die factoren te beheersen waaruit de intuïtie wordt opgebouwd. Wanneer u krampachtig wordt. sluit uzelf grotendeels af Wees ontspannen. Wanneer het komt, dan. komt het. Is het er niet, ook goed.

Dat betekent, dat je er geen cursus voor kunt geven. Degenen, die het onderwerp hebben gesteld, hebben dat misschien gehoopt. Maar waarom zou ik u dingen beloven die ik u niet kan geven? Dat is gemakkelijk genoeg. Ik kan u allerlei trucjes verraden. Bijvoorbeeld: Neem een batterij van 4½ volt, verbind een draad aan de korte pool, leg de lange pool te­ gen het einde van uw ruggengraat en de draad van de korte pool (een contact metalen draad met een open einde) tegen het begin van de atlaswervel Dat kan inderdaad helpen. Als je er wat spanning op zet, dan verander je wat spanning in de zenuwkanalen en die zitten in de ruggengraat nogal veel. 4½ volt is zo gering dat je er niets van merkt behalve door de reactie van de neuronen.

Er zijn dus wel trucjes te bedenken. Maar als u intuïtie mechanisch moet opwekken, waarom neemt u dan niet een huishoudcomputer. Die doet het in ieder geval rationeel, zij het dan wel in het tweetalig stelsel. Je kunt deze dingen niet doseren. Je kunt ze niet leren. Er zijn geen trucjes voor.

Om je bewust te worden van hetgeen intuïtie is, moet je er gewoon op letten wanneer het optreedt. Dat betekent, dat je op het vinkentouw zit om jezelf te betrappen op onredelijke conclusies en dat je die conclusies vastlegt. Dan kijk je wat ervan aan is. Dat is de enige manier om er verder mee te komen.

Ik heb u wel een paar richtlijnen gegeven, maar elke mens is anders. De samenstelling van de signalen waaruit uw intuïtieve reacties voortkomen kan sterk verschillen van die van uw medemens. U kunt alleen werken met uw eigen kwaliteiten. U behoeft ze niet te kennen, maar ze moeten er wel zijn.

Wees niet bang om voor gek te staan. Je kunt nog altijd je mond houden, als je intuïtief iets aanvoelt en denkt: nou, dat vindt een ander gek. Alleen als het gevaarlijk is let op. Dan kun je altijd nog waarschuwen op het ogenblik dat het gunstig is.

Probeer ook nooit om plaatsen zonder meer aan te voelen zoals: Hier zijn spoken en daar niet. Onder ons gezegd en gezwegen: er zijn erg veel spoken. Sommigen zijn nog niet overleden, anderen wel. Een huis dat 60 jaar staat heeft altijd wel het een of andere spooksel. Trek je daar maar niets van aan. Per slot van rekening, als ze je niet lastig vallen waarom zou je het hun lastig maken. Je ziet er toch niets van. Probeer dus niet om geesten aan te voelen en te zien. Let echter wel op onge­wone verschijnselen. Er zijn wezens om u heen die misschien wel gevoelig zijn op een bepaald terrein. De z.g. helderziendheid b.v. van honden, katten, paarden, koeien. Die hebben daar ook de neiging toe. Ze zijn erg schrikachtig. Als u ziet dat dieren ongewoon reageren, zeg dan niet a-priori. Het zal wel dit of dat zijn. Vraag u gewoon af: Heb ik daar een reactie op? Dus gewoon nuchter blijven, maar wel opletten.

Als er ongewone dingen om u heen gebeuren, als er abnormale reac­ties zijn en u krijgt eveneens daarbij een gevoel dat u niet redelijk kunt verklaren, dan is er grote kans dat het samenhangt met de niet direct kenbare invloeden die ter plaatse of in een bepaald gebeuren werkzaam zijn.

Het is allemaal oefenen. Het is gewoon proberen. Het is kijken. Intuïtief reageren kun je soms tot zeer grote hoogte opvoeren. Mensen, die intuïtief reageren zijn vaak heel goede kaartleggers/sters. Waarom? Omdat ze eigenlijk niet op de kaart reageren ‑‑ ook al doen ze alsof ‑‑ maar eenvoudig spontaan datgene tot uiting brengen wat in hen opkomt. Deze mensen hebben een zeker zelfvertrouwen en daarom hebben ze ongeveer 50 tot 60 keer wel enigszins gelijk.

U moet natuurlijk niet proberen om het op diezelfde manier te spelen. Maar waarom zou u nu niet eens gewoon een spelletje spelen met b.v. knikkers. Een heel eenvoudige proef ook in het paranormale gebruik. Probeer eens aan te voelen of er nu een witte of een zwarte knikker aan­ komt. U zorgt dat u de knikkers niet ziet. U probeert ze te sorteren. Een oefening die u ertoe brengt u te concentreren op uitstraling. Kleur is namelijk een absorptieverschijnsel, dus een verschil in uitstraling. Als u dat kunt aflezen, dan zal uw gevoeligheid voor andere zaken buiten visueel bereik groter worden. U zult a.h.w. scherpere zintuigen krijgen. Dat is niet helemaal waar, maar u ziet a.h.w. dingen achter u omdat ze afwijken van de norm. Op deze manier kunt u uw intuïtieve reacties en ook uw instinctieve reacties aanmerkelijk verbeteren. Tot slot van deze inleiding nog het volgende:

1. Besef, dat intuïtie voortkomt uit een zo complex aantal invloeden dat de waarde daarvan nooit vaststaat.

2. Als u zich oefent, kunt u leren om bepaalde factoren die voor u samengaan met een juiste intuïtie gemakkelijker te herkennen.

3. Een z.g. intuïtie of intuïtieve reactie hangt samen met een groot aantal gegevens die worden verwerkt zonder dat het waakbewustzijn daaraan deel heeft.

4. Alle waarden tezamen kunnen nooit een absolute conclusie ten aanzien van feiten vormen. Ze geven slechts een aanduiding van ten­densen en mogelijkheden.

5. Datgene wat u natuurlijk doet, doet u het best. Probeer intuïtie te zien als wat ze is: een natuurlijk proces in het menselijk bewustzijn. Door dan ook natuurlijk te reageren, zoals u bij wijze van spreken krabt als u intuïtief jeuk heeft, vergroot u de mogelijkheid intuïties te erkennen, juist te placeren en daarop juist te reageren.

 

 

BESLUIT.

Als wij ons bezighouden met intuïtie, dan houden wij ons bezig met een in elke mens in zekere mate aanwezige kwaliteit. Het gaat hier niet om iets wat je speciaal krijgt of verwerft. Het gaat om iets wat inherent is aan je bestaan als mens.

Het zal u duidelijk zijn, dat gezien de wijze waarop het onderwerp is gesteld de nadruk ook moest vallen, zelfs bij herhaling, op de eenvoudigste manier om u bewust te worden van deze intuïtieve processen en een innerlijke zekerheid te vinden waardoor u deze beter durft gebruiken.

Gezien hetgeen onze vriend zo-even heeft opgemerkt, is duidelijk: hier spelen geen geesten en hogere krachten een rol. Ook dat is nu eenmaal menselijk. Als je je bewustzijn uitbreidt tot andere werelden, dan ben je nog steeds jezelf. Eerst wanneer je contacten krijgt niet anderen uit die werelden zoals dat heet, de hogere werelden, zal er sprake kunnen zijn van een vernieuwing die in je plaatsvindt en die dan eveneens niet redelijk kan zijn, maar die desalniettemin iets toevoegt aan hetgeen je

Intuïtie doet dit niet. Intuïtie stelt u alleen in staat beter gebruik te maken van het totaal van de gegevens die in u berusten en die u van buitenaf voortdurend ontvangt zonder dit te beseffen. Maar een mens, die in zijn leven een zo goed mogelijk resultaat wil verwerven met de middelen die hij heeft, mag mijns inziens ook een dergelijke kwaliteit niet verwaarlozen.

Hoe meer de mens zich bewust wordt van alle processen die zich in zijn bewustzijn voltrek en, hoe beter deze mens voorbereid zal zijn op het leven dat hij nu moet leiden en hoe beter hij zich kan instellen op het leven dat zo dadelijk na de dood het zijne zal zijn.

Het vinden van banden niet alle werelden is voor ons belangrijk. Maar hoe kunnen wij banden met andere werelden ontvangen en verwerken, als we niet eens bereid zijn om eerst onze eigen mogelijkheden zo goed mogelijk te overzien en te erkennen?

Wees eerst jezelf. Ontwikkel jezelf zo goed je kunt. Besef de kwaliteiten en waarden die in je leven. Maak daarvan gebruik. Al het andere komt nadien.

Daarmee, vrienden, heb ik u misschien onbewust zoiets gezegd van. Onthoud nu maar dat al die punten die wij hebben genoemd vanavond behoren Lot de kleuterklas. Het zijn dingen die je bent. Je moet alleen leren hoe je ze moet gebruiken. Zoals een baby moet leren hoe hij zijn evenwicht moet bewaren, zo moet een mens leren die intuïtieve processen te herkennen en te erkennen, zijn empatische reacties te beseffen en eventueel telepathische contacten te onderkennen voor wat ze zijn.

Pas wanneer je jezelf voldoende beheerst om bewust verder te gaan, heb je alle mogelijkheden om je verder te ontplooien. Het is daarom dat wij dit onderwerp hebben aanvaard. Het is daarom dat ik heb geprobeerd het zo goed mogelijk te behandelen. Het mag dan hier en daar een beetje taai zijn geweest, ik geef dat graag toe, maar de dingen die ik heb gezegd zijn essentieel. Ze zijn zo goed mogelijk geformuleerd. Ze zijn zo algemeen geldig als maar mogelijk was weergegeven, soms zelfs door verscheidene varianten te kiezen.

Ik hoop, dat u in dit onderwerp een aanleiding ziet om voor zover u daarvan geen gebruik maakt uw eigen kwaliteiten in dit opzicht verder te ontwikkelen.

Ik ben de kosmos, maar ik ken niet eens de horizon van de wereld die ik ben. Hoe kan ik zeggen dat ik ken, dat wat ik ben.

Ik ben één niet alle leven, deel van alle levenskracht, maar ik heb mijzelf teruggebracht tot één bekrompen stukje streven. Wanneer ik niet erken dat wat ik ben, hoe kan ik werkelijk leven?

Ik ben deel van oneindigheid en heb mijzelf aan tijd gebonden. Ik ben deel van de totaliteit en heb in deugden en in zonden ontleed de eenheid van het bestaan.

Hoe kan ik kiezend en verdelend hervinden de ene werkelijkheid waarin de tijd is geen baan, maar een wereld die je leeft.

Dat heb ik geprobeerd op mijn manier duidelijk te maken. Ik hoop, dat er voor u het een en ander in zit dat u belangrijk vindt, zo niet legt u het dan maar terzijde. Vindt u er punten in die voor uw praxis of zelfs maar voor uw overweging van belang kunnen zijn, ik zal er prijs op stellen, indien u probeert daarmee te werken.

Ik heb de mij opgedragen taak zo goed mogelijk uitgevoerd. Mij rest nog u te danken voor uw aandacht en u toe te wensen dat uw avond goed en lichtend is, dat uw nacht rust geeft aan het lichaam en een dartelen in een lichte wereld aan de ziel en dat de krachten van uw bestaan in vrede en harmonie u in staat zullen stellen in deze wereld iets van dat licht en die harmonie over te brengen.

 

 

 

 

Informatie aangaande de bronnen van de  teksten kan je vinden op volgende website's: 

 

http://users.skynet.be/rabdomantie.center/

     

http://www.saint-pierre-les-bregines.org/

 

 

 

 http://www.scribd.com/people/view/31429-rober