15-12-16

HET HOOGSTE BESEF.

HET HOOGSTE BESEF.

besef, dwaas, eenheid, wezen, wijze, trillingsgetal, harmonie,

"Daar waar mijn wezen antwoordt

op wat er rond mij bestaat,

daar is eenheid mogelijk.

En daar waar eenheid is,

is kracht en besef onvermijdelijk.

Maar indien ik mij verbind met datgene

wat niet in overeenstemming is met mijn wezen

(harmonisch) een ander trillingsgetal,

zal ik daardoor mijn eigen mogelijkheid verliezen.

Een dwaas verliest zijn leven door de aanvaarding

van wat niet harmonisch is.

De wijze echter,

kiezend al datgene wat met zijn wezen overeenstemt

en harmonisch is,

bereikt reeds op aarde het hoogste besef.”

20:09 Gepost door Stem van Gene Zijde in esoterie | Permalink | Commentaren (0) | Tags: besef, dwaas, eenheid, wezen, wijze, trillingsgetal, harmonie |  Facebook |

05-12-16

Trillingsgetal.

Trillingsgetal.

trillingsgetal, eenheid, harmonie, een dwaas, een wijze, hoogste besef,

"Daar waar mijn wezen antwoordt op wat er rond mij bestaat,

daar is eenheid mogelijk.

En daar waar eenheid is,

is kracht en besef onvermijdelijk.

Maar indien ik mij verbind met datgene

wat niet in overeenstemming is met mijn wezen (harmonisch)

een ander trillingsgetal,

zal ik daardoor mijn eigen mogelijkheid verliezen.

Een dwaas verliest zijn leven door de aanvaarding

van wat niet harmonisch is.

De wijze echter,

kiezend al datgene wat met zijn wezen overeenstemt

en harmonisch is,

bereikt reeds op aarde het hoogste besef.”

17:54 Gepost door Stem van Gene Zijde in esoterie | Permalink | Commentaren (0) | Tags: trillingsgetal, eenheid, harmonie, een dwaas, een wijze, hoogste besef |  Facebook |

13-07-16

Het leven in zich is onvergankelijk.

Het leven in zich is onvergankelijk.

leven, onvergankelijk, eleusische school, bezielen, afstemmen, trilling, trillingsgetal,

“De onvergankelijkheid van het leven, binnen ons geborgen, maakt het ons mogelijk alle dingen tot leven te brengen. Wij kunnen leven in al wat bestaat, indien wij ons wezen daar geheel in weten te plaatsen. Dit is echter slechts mogelijk, indien wij ons ook bewust zijn van de levende kracht in ons, waardoor wij al hetgeen wij met onze gedachten beroeren, ook tevens bezielen.”

  

De Eleusische school stipt hetzelfde onderwerp nog weer iets anders aan. Ze zegt:

“De geest in haar hoge trilling kan alle materie rond zich verzamelen. Maar wanneer de geest te hoog vliegt in haar eigen afstemming, zal zij door haar hoge trilling het leven rond haar vernietigen, zodat haar stof uiteenvalt en niet meer kan bestaan in de wereld, waarin zij eens ontstaan is”.

Hier vinden we dus de gebruikelijke trillingskwestie weer uitgedrukt, nu op zeer logische wijze.

“Want”, zo staat hier uitdrukkelijk, “de geest heeft een trillingsgetal”. Zodat wij dat kunnen vertalen in een uitstraling van haar gedachten, die al hetgeen dat rond haar is, doordesemt. Dan zal zij, zolang zij zich een lichaam vormt (materialisatie bv.), te allen tijde haar eigen gedachten dus ook deze trilling opleggen aan de stof, die zij rond zich verzamelt. Maar stof is aan bepaalde grenzen gebonden. Wanneer die grenzen overschreden worden, dan zijner maar twee mogelijkheden: ofwel de stof valt geheel uiteen, ofwel zij verdwijnt vanuit deze wereld, omdat zij met haar verhoogd trillingsgetal in een andere wereld terechtkomt.”

19-11-14

De grootste wijs­heid, die een mens kan bereiken.

 

De grootste wijs­heid, die een mens kan bereiken.

 

wijsheid, kracht, harmonie, trillingsgetal,

 

"Daar waar mijn wezen antwoordt op wat er rond mij bestaat, daar is eenheid mogelijk. En daar waar eenheid is, is kracht en besef onvermijdelijk. Maar indien ik mij verbind met datgene wat niet in overeenstemming is met mijn wezen (harmonisch een ander trillingsgetal), zal ik daardoor mijn eigen mogelijkheid verliezen. Een dwaas verliest zijn leven door de aanvaarding van wat niet harmonisch is. De wijze echter, kiezend al datgene wat met zijn wezen overeenstemt en harmonisch is, bereikt reeds op aarde het hoogste besef.”

 

Dit vind ik een heel mooie uitspraak. Volgens mij is het de grootste wijs­heid, die een mens kan bereiken. Zoek in de wereld de harmonieën, die voor u bestaan. Probeer daarin te leven en te beleven. Wijs de disharmonieën die er voor u zijn af en als ze toch op u afkomen, onderga ze dan maar heb er geen deel aan. Laat u er niet door beroeren. Word er niet boos, driftig, bedroefd over. Laat u er niet door opwinden. Laat u er niet door ontmoedigen. Ga aan die dingen voorbij, dan vindt u de juiste harmonieën waarin alles moge­lijk is.

16:02 Gepost door Stem van Gene Zijde in esoterie | Permalink | Commentaren (0) | Tags: wijsheid, kracht, harmonie, trillingsgetal |  Facebook |

28-11-08

NIET-STOFFELIJKE LICHAMEN en hun KRACHTEN.

NIET-STOFFELIJKE LICHAMEN EN HUN KRACHTEN.

 

Onder niet‑stoffelijke voertuigen worden alle voertuigen verstaan die zonder de grofstoffelijke of lichamelijke bestanddelen zijn opgebouwd. Elk voertuig op zichzelf heeft een eigen hoofdtrillingsgetal en dus een eigen gebied waarin het zich kan en pleegt te manifesteren. Elk voertuig zal deel uitmaken van de wereld waartoe het behoort en zo ook toegang hebben tot de krachten van die wereld. Als u zich realiseert dat het stoffelijke lichaam ook uit de omgeving, zelfs uit de lucht, uit de grond bepaalde energieën kan putten die voor het voortbestaan daarvan van belang zijn, dan zal het u duidelijk zijn dat in elke sfeer of wereld een dergelijke situatie eveneens kan voort­komen.

De laagste voertuigen zijn natuurlijk allemaal direct verbonden met het lichaam. De meeste daarvan bestaan eigenlijk alleen maar zolang dat lichaam bestaat. Het astraal voertuig. Een voertuig dat is opgebouwd uit gedachtekracht plus fijne mate­rie, geladen met energieën die gelijk zijn aan of te vergelijken met de kracht der gedachten. Het geheel van de mogelijkheden daarvan kunnen we omschrijven als de mogelijkheid om een eigen wereld te betreden en vanuit die wereld zich in een stoffelijke wereld te manifesteren: niet in een hogere wereld. Het kan verder het geheel van de daarin liggende krach­ten in die wereld ontladen. Als het gesteund wordt door een voortduren­de en sterke levenskracht waarbij dan het levenslichaam mede betrokken is, kan het zich bovendien tijdelijk verdichten en zich dan voor een ieder kenbaar als een soort dubbel op aarde manifesteren. Het levenslichaam bestaat grotendeels uit krachten, energieën Het behoort eveneens tot de directe band tussen lichaam en geest en be­vat o.m. een grote hoeveelheid energiestromingen die langs de ruggengraat gaan, over het algemeen als twee‑banig omschreven. Daarnaast zijn er twee in tegengestelde richting gaande circulaties die door het gehele lichaam gaan. Daarbij behoort een z.g. dubbel geconcentreerd veld. Dit is een veld dat in zichzelf - nogmaals ‑ zijn eigen waarde bevat maar dan als het ware gepolariseerd, dus slechts in een richting bruikbaar.

Dit voertuig neemt levenskracht op zowel uit geestelijke werelden als uit de levenskracht die de aarde omgeeft en kan verder optreden dan regulerend ten aanzien van het lichaam. De belangrijkste eigenschap. Het levenslichaam bezit de mogelijkheid om tussen het stoffelijk voertuig, en elk ander voertuig van dit ego een band te leggen. Zolang deze band bestaat, zal er een gelijktijdigheid zijn van lichamelijk leven en even­tueel belevings‑ en uittredingsmogelijkheid in andere sferen. De belangrijkste eigenschap als persoonlijke kwaliteit.

Het kan zich niet van het lichaam verwijderen, maar kan wel delen van zich projecteren. Deze deel‑projecties zullen dan heel vaak als een soort schimmen optreden. Zij kunnen ook energie veroorzaken. Gelijktijdig is dit lichaam bovendien nog bepalend voor het fluïdum van, de mens en daarbij ook voor het z.g. ectoplasma zodat vele van de te­lekinetische kwaliteiten van de mens eveneens voor rekening komen van dit levenslichaam dat de energieën levert (dit moet hierbij worden aangetekend), ofschoon bij het uitstulpen van bepaalde poden van ecto­plasma het plasma zelf ook door het astrale lichaam en door het ge­wone stoffelijke lichaam worden geleverd.

Daarboven vinden we dan wat we kunnen noemen: een eerste lijk lichaam of het laag‑geestelijke lichaam. Het is vormbewust. Het heeft een ik‑voorstelling die meestal van het laatste leven is afgeleid. Het bevat krachten die vergelijkbaar zijn met die van het levenslichaam, mag die ook zonder het levensli­chaam kunnen functioneren, en dus niet daarvan afhankelijk zijn.

Het geheel van deze krachten en energieën kan worden gebruikt zowel in astrale werelden, in stoffelijke werelden als in contact met tenminste een z.g. hogere wereld; een toestand van minder vormbewust­zijn.

Van dit voertuig kan worden gezegd dat het de eerste woning is die het "ik" bezit nadat de stoffelijke dood is ingetreden. De band met het levenslichaam kan soms nog even blijven bestaan, maar wordt gemiddeld na ongeveer 11/2 a 2 dagen verbroken. In uw omgeving en stre­ken zal dat ongeveer 2,5 dag zijn.

Als wij verder kijken, dan zien we dat dit voertuig een eigen we­reldbeeld heeft. Het bouwt zich een wereld op uit gedachten en is daar­door ook in staat om astrale voertuigen te scheppen, die dan eventueel op aarde als een soort vertegenwoordiger, een dubbel kunnen fungeren. Heel veel van de z.g. doodsmanifestaties zijn in feiten veroorzaakt door het lagere geestelijke voertuig dat zich projecteert via een astra­le sfeer en zo zichzelf kenbaar kan maken aan b.v. personen van wie afscheid moet worden genomen.

De eigen kwaliteiten van deze wereld: een betrekkelijk laag maar continu krachtniveau, de mogelijkheid om dit krachtniveau om te vormen zelfs tot vergelijkbare levenskracht zodat aanvulling van levenskracht van personen vanuit dit niveau mogelijk is. Daarnaast zodanig vormende mogelijkheden dat het mogelijk is om zichzelf als vorm of in attributen middels astrale voertuigen te manifesteren. Hierboven vinden wij het normale geestelijke voertuig. Voor u meestal vergelijkbaar met de hoogste afdeling van het z.g. Zomerland. Dit voertuig heeft een beperkt vormbewustzijn maar een zeer grote reac­tiegevoeligheid. Het kan dus in zich elke reactie onmiddellijk analyse­ ren en heeft daarbij ook nog de mogelijkheid om zeer fijne signalen van verschillende geaardheid op te vangen. Dit voertuig blijft de mogelijkheden behouden, om zich op aarde te manifesteren. Het beschikt over tamelijk veel krachten als het gaat om omvorming tot levenskracht. Het heeft echter meer moeilijkheden met het zich manifesteren in astrale vormen en eventueel zich te tonen aan hel­derzienden e.d. het heeft toegang tot een aantal erboven gelegen werel­den waarin absoluut geen vorm meer bestaat maar alleen andere verschil­len. Het zou onder omstandigheden kunnen doordringen tot de sfeer van eenkleurigheid of het witte licht. Het kan echter in deze wereld niet de ontvangen indrukken verwerken, daar het niet over voldoende diffe­rentiatievermogen beschikt om alle zeer kleine verschillen te inter­preteren. Dan krijgen we een voertuig dat wij altijd maar aanduiden als de sfeer van klanken en kleuren.

Hier gaat het om een ‑aantal trillingen die geen eigen vorm meer hebben, maar wel een zeer specifieke eigen kwaliteit. Die kwaliteiten zijn zo scherp uitgedrukt, dat je kunt zeggen dat een gesproken woord minder variatiemogelijkheden bevat dan een toon of een kleur in deze geestelijke wereld. Het energieniveau ligt behoorlijk hoog. Manifesta­tie via de astrale sfeer is niet onmiddellijk mogelijk. Wel kan men eventueel een vorm opbouwen in Zomerland en van daaruit een vorm op­bouwen in de astrale wereld. Om dit te doen is het niet noodzakelijk dat men zich altijd als vorm manifesteert in Zomerland. Het is voldoen­de dat men zijn energie aanpast daaraan en een tijdelijke begrenzing vormt binnen het gebied van hoog‑ of laag Zomerland (beide is mogelijk) om vandaar uit een astrale vorm middels gedachtekracht op te bouwen.

De genezende krachten hiervan zijn zeer hoog. Geestelijke operaties b.v. kunnen alleen vanuit dit gebied plaatsvinden. Het kenvermogen is aanmerkelijk uitgebreider dan het menselijke. Er is een praktisch vol­ledige toegang tot het gemeenschappelijk bewustzijn van de mensheid. Er bestaat daarnaast een zeer grote mogelijkheid tot het aflezen van gedachten en gevoeligheden bij enkelingen. De toegang tot het witte licht is ook hier eveneens mogelijk. De mogelijkheid tot interpretatie is iets groter dan bij de vorige voertuigen.

Hierboven vinden we een voertuig dat we alleen als kleur kunnen uitdrukken. Het betekent dus in feite een hogere scala van trillingen met overigens een groter aantal differentiaties. Ben dergelijk voer­tuig beschikt vanuit uw standpunt gezien over zeer veel energie. Het is in staat om met deze energie directe verschijnselen te creëren tot op het stoffelijke niveau en ook in lagere sferen. Het heeft ver­der de mogelijkheid om middels een tussenvoertuig, zoals beschreven is bij de vorige sfeer, tot op aarde zich kenbaar te manifesteren. De kennistoegang bevat zoveel kosmische waarden dat ze niet meer met de stoffelijke helemaal vergelijkbaar is.

Hierboven ligt de sfeer van de eenvormigheid. Deze eenvormigheid komt eerst nog voor in kleuren. Soms wordt dit dan wel als een aparte wereld beschouwd. Ik zal daarom het voertuig ook hier met zijn mogelijk­heden apart beschrijven. Wij hebben hier te maken met een kleur; b.v. goud, blauw, groen etc. Er is dus een hoofdtrillingsgebied. Dit onderscheidt zich van elk alomvattend trillingsgebied, zeker van dat van het witte licht. Binnen dit gebied zijn alle krachten te realiseren die er voor dit tril­lingsgebied bestaan, dus ook de krachten die men eventueel voor deze afstemming binnen het witte licht zou kunnen opnemen. Het krachtpoten­tiaal is hier niet beperkt; men kan bijna voortdurend energie opnemen en ontladen. Men kan zich echter niet meer onmiddellijk terug projecte­ren naar b.v. laag‑Zomerland of hoog‑Zomerland. Men zal een extra voer­tuig nodig hebben dat over het algemeen ligt in de sfeer van klanken en kleuren. Het heeft alweer geen vorm. Het best zou je kunnen zeggen. Het is een pilaar of zuil. Deze pilaar wordt dan meestal gespiegeld naar laag‑Zomerland. Vanuit laag‑Zomerland kun je dus ook de stoffelijke wereld bereiken. Een spiegeling tot hoog‑Zomerland kan ook worden gebruikt, als dergelijke entiteiten in een meer kenbare, vorm willen afdalen naar duistere sferen.

.Dan komen we aan de sfeer van het witte licht. Die is moeilijk te omschrijven. Het "ik" is eigenlijk kosmische energie, Als we een vergelijking willen maken, zouden we kunnen zeggen. De entiteit, die op dit niveau bestaat en zich bewust is, beschikt over krachten zo groot of groter dan die van de zon. Dat is heel wat zóais u zult begrijpen. Op dit gebied is het "ik" voortdurend zelfvernieuwend. Het be­staat dus niet meer uit een vast begrensd gebied maar uit vaste pa­tronen die andere delen van de kosmos in zich kunnen opnemen of zich daarin kunnen afdrukken de vorm, ook geen fluïde vorm meer zoals in de Er is geen vast klank‑en‑kleursfeer. Er is alleen nog maar een existentie, beter kun je het niet uitdrukken. De begrensdheid van het "ik" valt weg. Hier vallen ook begrippen weg als tijd en plaats. Zij kunnen wel als punt in een totaal van mogelijkheden gerealiseerd worden, maar zijn voor het 'lik" niet meer afzonderlijk beleefbaar, tenzij men weer lagere voertuigen schept.

De hierboven gelegen geestelijke voertuigen zijn in de praktijk niet omschrijfbaar, daar in de toestand die achter het witte licht bestaat men gelijktijdig zichzelf beperkt als deel van een kosmos, deze kosmos geheel in zich bevat zodat men het geheel van de kosmos kent en eventueel volgens zijn eigen kwaliteiten zelfs zou kunnen reguleren. Hier heeft u dan een korte schets van de verschillende voertui­gen en hun bekwaamheden.

Een punt, dat hierbij vooral interessant is, is het volgende: al deze voertuigen zullen te allen tijde bestaan binnen elk ego. EL is dus niemand die kan zeggen dat hij deze hogere voertuigen niet bezit'. Maar voertuigen zijn alleen geactiveerd ‑ dat wil zeggen vol­ledig werkzaam ‑ op het ogenblik dat er een besef bestaat waardoor de actieve voertuigen elkaar a.h.w. kunnen aanvoelen en begrijpen.

Theoretisch is het mogelijk dat een mens, die op aarde leeft met een volledig bewustzijn, komt tot een uitwisseling tot het niveau van het witte licht. Verder gaat dat niet. De situatie waarin u verkeert" maakt het verder heel goed mogelijk om energieën van geestelijk niveau te transformeren tot energieën die u stoffelijk kunt opnemen.

Interessant is ook nog dat u op uw beurt uw belevingen als een modulatie op een bestaande verbinding tussen u en een dergelijk voer­tuig doet doorklinken tot aan het hoogste voertuig. De belangrijkheid ervan verschuift echter van voertuig tot voertuig omdat een trilling, die voor u misschien zeer schokkend is, in het geheel van de vibraties van een hoger voertuig alleen nog maar een kleine boventoon betekent ten aanzien van een veel belangrijkere beleving. Omdat u zodanig bent opgebouwd en elke entiteit deze zelfde structuur kent, mag worden gezegd:

Het geheel van de geestelijke of niet‑stoffelijke voertuigen kan als eenheid functioneren. Indien men in de stof leeft, is het echter niet mogelijk deze eenheid rationeel te erkennen. Zij kan intuïtief worden er­varen en aangevoeld. Zij kan eventueel intuïtief worden gebruikt, maar het is niet mogelijk om hier een redelijke opzet of benadering te geven.

Wanneer u werkt met krachten van hogere voertuigen of meent dit te doen, dan heeft u maar een controlemiddel: elk gebruik van hogere krach­ten in uzelf gaat gepaard met een bepaalde gevoelsverandering; het is dus een vorm van emoties. Daarbij ontstaan bovendien vaak voor u bepaalde denkbeelden. Deze zijn symbolisch en behoeven ten aanzien van de om­standigheden absoluut niet zinvol te zijn. Als u deze belde waarden constateert en daarnaast stoffelijke veranderingen of resultaten ‑hetzij in uw lichaam of elders op aarde ‑ dan kunt u er zeker van zijn dat hogere voertuigen ook door uw lichaam direct actief kunnen zijn.

Dan zitten we met de kwestie van de werelden. Geestelijke werelden zijn in feite gedachteharmonieën Een Zomerland­wereld is dus niet een gebied, man bestaat uit zeer veel verschillen­de wereldjes waarin degenen, die zich daarvan bewust zijn ten opzichte van elkaar zodanig harmonisch zijn dat zij elkanders beeld van ik en wereld kunnen aanvullen. Toch wordt het gehele gebied als een geheel aangesproken omdat de kwaliteiten, die in elk van de afzonderlijke we­reldbelevingen voorkomen, alle op een gelijke kracht en waarde reageren, daar ze alle behoren tot een zelfde energieniveau en dezelfde mogelijk­heden bieden tot actie in het astraal en eventueel op aarde.

U zult hebben gemerkt dat ik de duistere werelden buiten beschou­wing heb gelaten. Een duistere wereld ontstaat door ontkenning van en deel of het geheel van uw eigen "ik". Dat is de basiswaarde. Bij elke ontkenning treedt een vermindering van harmonische waarde op. Een vermindering van harmonische waarde behoeft echter niet identiek te zijn met een verlies aan kracht en aan mogelijkheden. Het is zeer goed mogelijk dat je op een terrein nog steeds zeer veel kracht kunt onttrekken, terwijl je op alle andere gebieden hulpeloos bent. Daarom zegt men dat een duistere wereld zeer sterk afhankelijk is van de beleving van de per­soon die daarin tijdelijk vertoeft. De kracht die daaruit geput kan worden is vergelijkbaar met die van een hogere wereld, die ten aanzien van de stoffelijke wereld een even grote geestelijke afstand heeft, met dien verstande dat alleen beperkte uiting mogelijk is en dat een instinctieve verwerping op­treedt van alle aspecten van kracht die niet passen bij het beperkte persoonlijkheidsbeeld dat men probeert te handhaven. Dan kunnen we nu nog even naar die hogere werelden gaan, omdat ze relaties met elkaar plegen aan te knopen. Ik heb u zo-even al gezegd. Een entiteit die b.v. uit het witte licht, het eenkleurige licht, zich probeert te manifesteren op aarde, zal in hoog‑ of laag‑Zomerland een voertuig moeten opbouwen. Ze doet dit meestal niet in een persoonlijkheidsvorm maar eerder in een aan­duiding van kracht, b.v. een pilaar. Deze lichtende pilaren of werve­lingen zult u in heel veel Zomerlandbeschrijvingen tegenkomen. Ze zijn niet alleen leraren, maar kunnen ook manifestaties zijn van en­titeiten die een tussenvoertuig hebben opgebouwd om in een nog lage­re sfeer of wereld actief te zijn. Daar ze echter hun eigen harmonie moeten blijven uitstralen, anders kunnen zij zichzelf ook in Zomerland niet handhaven, zullen zij door deze uitstraling slechts een lerende werking hebben.

Hieruit kunt u afleiden dat alle hogere voertuigen, wanneer ze zich in een lagere wereld manifesteren, zoveel van hun eigen inhoud en uitstraling behouden dat ze daardoor een beïnvloeding van hun om­geving en van alle bewustzijn in die omgeving mede veroorzaken.

Ik heb dan nog een paar eenvoudige punten. Onthoudt u.

Een voertuig is een menselijke term en aanduiding. Wij gebruiken die om aan te geven dat er een bepaalde beperking is waarin het wer­kelijke "ik" zich manifesteert en a.h.w. door het zijn beweegt. Het zal u duidelijk zijn dat deze voorstelling slechts betrekkelijk juist is en nooit helemaal juist kan zijn. Er is namelijk geen sprake van voertuig'. Er is alleen sprake van toestand. De toestand, waarin het totale bewustzijn op dit ogenblik zich voortdurend kan handhaven, wordt omschreven als voertuig of sfeer.

Het onderscheid dat men maakt tussen hogere lagere voertuigen is in feite al even onjuist. Het gaat hier namelijk niet om een rang­orde. Het gaat alleen om capaciteit. Hoe lager het voertuig is, des te geringer de capaciteit is vergeleken met een totale kosmische wer­king. De misvattingen die daaromtrent bestaan zijn vele. Er zijn mensen die zeggen: wij gaan naar de hel. Dan stellen zij zich dat voor als een Dante, die begeleid door een classicus, afdaalt door de hellepoorten om tenslotte de Louteringsberg te beklimmen en. In het voorbijgaan alle bekenden te groeten.

Deze dingen zijn echter droombeelden. Ik kan het niet duidelijk genoeg zeggen. Het is zeker mogelijk dat u op aarde in een lagere sfeer terechtkomt. Uw beeld van die lagere sfeer zal dan ontleend zijn aan uw eigen wereldbeeld. Om een eenvoudig voorbeeld te geven dat voor een Nederlander misschien heel begrijpelijk is.

Als u uittreedt naar Zomerland, dan is het eerste dat u opvalt dat het daar zonnig is. Als u naar een duisterder sfeer uittreedt die dicht bij de aarde ligt, dan heeft u onmiddellijk het gevoel‑ het is hier droefgeestig. Kijkt u als mens in de wereld van Zomerland rond dan zult u ongetwijfeld gedachtebeelden van anderen opvangen, maar u zult ze inter­preteren als b.v. een parkje met prachtige bloemen, een leuk vijvertje, een heerlijk rustbankje, misschien een heel leuk dorpje dat meer bij Pikwick hoort dan het eigenlijk zou kunnen thuishoren in een geeste­lijke wereld.

Gaat u naar een duisterder sfeer, dan droomt u van een wereld van achterbuurten waarin alles lichtelijk beschimmeld en bedorven is, waarin alles een beetje verwarrend is en waarin bovendien heel vaak uw zoeken naar een uitweg tot resultaat heeft het dolen en zoeken in een doolhof. U komt er wel uit, maar u loopt elke keer vaat of ver­keerd volgens uw gevoel. Dat komt doodgewoon, omdat u de beperkingen van die lagere wereld gaat interpreteren als, een verwarring. U gaat al de weidsheid, de blijheid, de openheid van de hogere wereld interpreteren in termen van weersomstandigheden, van landschappen en dergelijke. Als u dus als mens te maken krijgt met geestelijke voertuigen, dan geef ik u de raad om niet al te zeer aan de hand van de uiterlijke be­leving ervan te komen tot een waardebepaling. U weet het namelijk niet, U kunt eventueel uw eigen belevingen bij uittreding waarderen aan de graad van licht en vreugde die een bepaalde wereld heeft. Hoe vreug­diger een wereld is, des te hoger ze is. Hoe mistroostiger of angst­wekkender hoe lager.

Probeer nooit de vormen van een dergelijke wereld zonder meer over te brengen. Er zijn ongetwijfeld zeer veel geestelijke werelden die elk afzonderlijk beschreven kunnen worden. Ik weet dat er een wereld is van een architectonische schoonheid die zo volledig en intens is, dat men zich onwillekeurig afvraagt waarom de mensen op aarde zich door betonstoters laat inspireren en niet door ' deze entiteiten.

Er zijn werelden die helemaal schijnen te zijn opgebouwd uit muziek en waarin zelfs een kathedraal een soort fuga van Bach wordt. Er zijn allerlei werelden, maar de vormen en de vormvergelijking die wij daarvan geven, dienen meer om u te laten zien wat er voor u mogelijk is dan u een concreet beeld te geven van hetgeen u onvermijde­lijk zult ontmoeten. Uw eigen voertuigen, uw eigen inhoud en uw afstemming zullen be­palend zijn voor de wereld die u ontmoet. Zoals op dit ogenblik uw inner­lijke harmonie o£ disharmonie en uw vermogen tot vereenzelviging met de diepere waarden in uw wezen bepalend zullen zijn voor de voertuigen die u wel of niet kunt gebruiken.

Nog een korte waarschuwing, al is dat t.a.v. het onderwerp waar­over wij het hebben gehad alweer een herhaling. Gebruikt u voor uittredingen bij voorkeur geen astrale voertuigen. Dit kan absoluut fataal zijn. U bent dan kwetsbaar voor alles wat er in de astrale wereld bestaat. Een geestelijk voertuig echter is alleen kwetsbaar voor datgene wat het in zichzelf draagt. In de astrale we­reld bent u kwetsbaar voor alles wat u vreest of aanvaardt. Het zal u duidelijk zijn, dat dit verschil alleen al voldoende is om hei maken van zuiver astrale uitstapjes na te laten. Hier kan nog wat volgen: u kunt soms onbewust een etherisch dubbel uitstralen. Een etherisch dubbel is een gedachtebeeld waarin een deel van het levenslichaam is geprojecteerd. Soms, maar niet altijd, wordt ook het astraal daarmee uit­gezond en. Is dit laatste het geval, dan zijn er zolang u daarmee op aar­de actief bent weinig of geen gevaren aan verbonden.

Het is overigens een onwillekeurig proces. Het kan slechts zelden bewust tot stand worden gebracht. Beschouw het etherisch dubbel dus niet als een zelfstandige eenheid. Het is een deel van het levensli­chaam waarin het bewustzijn wordt geprojecteerd al dan niet versterkt met astrale waarden die uit uw eigen astraal voertuig voortkomen.

Daarmee heb ik eigenlijk alles gezegd wat er te zeggen is.­ Het is misschien wat zakelijk en kort. Ik ben mij daarvan bewust. Aan de andere kant, wat heeft u eraan als ik vele verhalen ga ophan­gen waarmee u niet verder kunt komen. Het is beter dat u vanuit uw eigen standpunt zegt; dit of dat is mij niet duidelijk of t.a.v. dit of dat heb ik een anderen mening.

 

 

 

 

 

Informatie aangaande de bronnen van de  teksten kan je vinden op volgende website's: 

 

http://users.skynet.be/rabdomantie.center/

     

http://www.saint-pierre-les-bregines.org/

 

 

 

 http://www.scribd.com/people/view/31429-rober

 

07-10-08

AANROEPING EN EFFECT.

AANROEPING EN EFFECT.

Wat is aanroeping? De meesten zullen hier onmiddellijk denken in magische termen. Daar bestaat aanroeping inderdaad ook. Maar als u zegt: God almachtig, dan kan dat ook een aanroeping zijn. Waar we het vanavond eigenlijk over zullen hebben, is de samenhang tussen het aanroepen (de projectie van een probleem of een vraag naar hogere krachten) en het effect dat daarvan te verwachten is. Ik hoop, dat dit verhelderend werkt voor degenen, die misschien in de vaagheid waren verdoold.

Onder aanroeping verstaan wij in het algemeen een vorm van gebed of een formulering middels de stem, welke wordt gericht tot een hogere kracht. Dat betekent, dat elke manier waarop wij ons richten tot God, tot engelen, tot geesten etc. als aanroeping kan worden geklasseerd. Effect: als wij op een dergelijke wijze een oorzaak scheppen (een aanroeping is een verandering in ons wezen en eventueel in onze relaties met de kosmos), dan zal hieruit dus een gevolg kunnen voortvloeien dat evenwel lang niet altijd beantwoordt aan de verwachtingen. Ik meen dan ook, dat deze titel, die overigens door ons werd veranderd van "Gebed en Verhoring" dus wel toepasselijk is.

Op het ogenblik, dat ik mij richt op welke kracht dan ook, probeer ik mij af te stemmen op een beeld dat ik in mij heb. Als ik bid tot God, dan bid ik niet tot iets wat buiten mij is, maar ik richt mij op een voorstelling van God zoals deze in mij bestaat. Ditzelfde geldt voor geesten, voor demonen, kortom, voor alles wat u zich denken kunt. Door deze wijze van mij richten op een denkbeeld zal ik in harmonie komen met een deel van de kosmos. Welk deel, dat is afhankelijk van de voorstelling, niet van de naam die ik gebruik.

Deze harmonie betekent, dat van mij uit krachten gaan naar de persoonlijkheid waarop ik mij richt en dat deze kan reageren en in de meeste gevallen ook zal reageren. De reactie kan alleen in overeenstemming zijn met het wezen dat ik heb aangeroepen. Ik kan dus nooit het duister aanroepen om iets goeds tot stand te brengen; dat zal dan nooit "goed" zijn. Ik kan nooit het licht aanroepen om iets slechts tot stand te brengen, want zelfs als ik gevolg krijg, zal dit goed, dus lichtend, zijn en daardoor niet aan mijn verwachting beantwoorden.

De verschillende vormen van aanroeping zullen we op een rij zetten. De eenvoudigste aanroeping is de verzuchting. waarbij een beeld wordt gebruikt dat je in jezelf hebt. Ik heb 'God almachtig' gebruikt. Er zijn er meer. Wat dat betreft zou 'gossiemijne' ook een aanroeping kunnen zijn. De meer ingewikkelde vormen zijn gebedsvormen; O, Heer, of: Almachtige God. Dan is daar de naam aanroeping. Ik roep Jehova, Adonaï, Tetragrammaton. etc. Al deze naam aanroepingen hebben weer te maken met een voorstelling in mij. Ze zijn plechtiger en voor mijzelf gewichtiger en daardoor meer concentratie veroorzakend, maar kosmisch gezien hebben ze geen hogere betekenis. De hoogste graad van aanroeping is de volledige concentratie van het "ik" waarbij het gehele stoffelijke bewustzijn door de mens wordt uitgeschakeld om het totaal van zijn geestelijke vermogens en krachten te projecteren naar een hoger wezen waarvan hij een voorstelling heeft en waarmee hij een zeker rapport bereikt. Alleen in dit laatste geval is het effect zonder meer zeker. In alle andere gevallen is het effect van een zodanige aard, dat het aan het bewustzijn van de mens of aan zijn opmerkingsvermogen voorbij kan gaan.

Welke gevolgen kunnen wij verwachten van een gebed?

Als u God vraagt om uw medemens te straffen, dan krijgt u geen antwoord; dan moet u tot de duivel bidden. Als u zich een God voorstelt, die aan een dergelijk gebed onmiddellijk gevolg zal geven, dan bidt u in feite tot de duivel.

Als u God vraagt om een zieke te genezen, dan vraagt u in feite om levens­kracht. Is uw voorstelling van God er een waarin de levende kracht die overal aanwezig is door u wordt ervaren, dan zult daarmee die kracht activeren. Maar de vraag is; kunt u haar ook activeren in een ander? In de meeste gevallen activeert u haar voornamelijk in uzelf. Maar u kunt die kracht aan anderen overdragen.

Als u probeert om wereldvrede als doel van een aanroeping of gebed te gebruiken, dan wordt u geconfronteerd met een voorstelling van vrede die nooit goed is. Want werkelijke vrede kan niet bestaan zonder dat gelijktijdig de gehele mensheid ophoudt te bestaan. En aangezien de mensheid een noodzakelijke schakel is in de bewustwording van de geest, zal een dergelijke vrede dus nooit verwezenlijkt kunnen worden. Een gebed om een werkelijke en Volledige vrede wordt nooit verhoord. Als ik echter bid om minder lijden op de wereld, dan is dat wel mogelijk. Lijden is voor een groot gedeelte een subjectieve kwestie, terwijl de objectieve factoren in het lijden voor een deel nog afhankelijk zijn van levenskracht en voor een deel ook van de innerlijke harmonie. Wanneer ik mij daarop richt, kan ik wel een verbetering krijgen.

U zult begrijpen dat het erg moeilijk is om die aanroepingen op de juiste manier uit te drukken. Ik zou u een aantal voorbeelden kunnen geven, maar ik meen dat het weinig zin heeft. Als ik u een voorbeeld van een aanroeping geef, dan kan niemand dat neerschrijven, dat wil dus zeggen dat er onzin staat voor degenen die het lezen, terwijl zij die het hebben gehoord zo van de kaart zijn dat naar de rest niet wordt geluisterd.

Laten we goed begrijpen, dat omstandigheden van groot belang zijn. Wanneer ik in nood ben, zal ik mijn gehele wezen richten op de kracht waarvan ik hulp verwacht. Mijn aanroeping ‑ of die nu tot een bepaalde God is of mogelijk eerder aan natuurkrachten ‑ wordt dermate geconcentreerd uitgezonden dat daarmee een totaal nieuwe situatie ontstaat, die zich vooral ook op astraal vlak manifesteert. Hierdoor is o.m. verklaarbaar de z.g. waarneming van mensen in stervensgevaar door nabestaanden waarbij lang niet altijd de persoon werkelijk is gestorven. We kunnen ons verder voorstellen, dat door de enorme intensiteit ook de eigen verwachting ten aanzien van andere waarden van leven een grote rol speelt. Dit betekent, dat een mens zich automatisch instelt op die werelden of sferen waarin hij gelooft. Ook hieruit kan hij krachten ontvangen, ook hierin kan hij belevingen ondergaan. Een mens in doodsgevaar, die zich met absolute concentratie richt op het hogere, ondergaat daardoor een persoonlijke verandering, die tenminste het geestelijke en astrale vlak beroert, maar in vele gevallen ook een weerslag vindt in het stoffelijke.

Een aanroeping, die wordt gedaan als gewoonte zoals:" s Avonds als ik slapen ga, volgen 14 engeltjes mij na" zegt niets. Het is gewoon een rijmpje. U moet niet denken dat, als een kind dat begint af te raffelen, er heus engeltjes komen opdraven. Maar het kind krijgt wel een gevoel van geborgenheid en zekerheid, zeker als het opgevoed wordt in een omgeving waar het gebed wordt beschouwd als een schakel tussen het "ik" en schermende kracht van engelen. De zekerheid speelt wel een rol, het gebed en de formulering niet.

Een mens die bidt, doet dit heel vaak uit een gewoonte en soms zelfs uit een soort angst. Zoals; als ik nu niet bid vóór en na het eten, dan zal God mij kwalijk nemen dat ik lekker gegeten heb. Dus kan ik niet lekker eten en daarom zal ik maar bidden, dan zal het eten lekkerder smaken, vooral als ik vlugger bid. Een dergelijk gebed is een sociaal gebruik.

Het heeft weer te maken met een gevoel van geruststelling van de persoon en als zodanig kan het evenals sommige bijbellezingen na de maaltijd onge­twijfeld bijdragen tot ontspanning en een goede spijsvertering. Met hogere krachten heeft het zelden iets te doen.

Moeilijker wordt het, als we te maken krijgen met een kerkelijke situatie. U kunt zich een kerkgemeenschap voorstellen. Er staat een dominee of pastoor op de kansel en deze gaat een zegen uitspreken. Hij roept God aan om zegen te geven. Wat kan er gebeuren? De aanroeping kan worden gedaan door iemand die erin gelooft. Het kan ook worden gedaan door iemand, die dat alleen maar doet omdat hij het moet doen. Het eigenaardige is, dat dit hier geen verschil uitmaakt voor zover het de gelovigen betreft. De aanroeping wordt namelijk door de gelovigen meebeleeft. Als ze wordt gezien als een uitstorting van kracht, ontstaat er een openstelling in de gelovigen en deze aanvaarden hierdoor de krachten die rond hen zijn en ondergaan inderdaad een inwerking. Maar welke?

Dat kan er één zijn van genezing, maar dan moet men er wel heel sterk in geloven. In heel veel gevallen is het een psychische verandering waardoor het leven en de problemen van het leven opeens veel draaglijker blijken te worden; men kan er meer van verwerken zonder in opstand te komen. Voor een gelovige zal een dergelijke bede om zegen van grote invloed zijn. Het is niet belangrijk, of degene die haar uitspreekt nu werkelijk bekwaam is om haar uit te spreken en er wel of niet in gelooft.

Komen we bij een meer magisch gebeuren, dan verandert er wel iets. In de magie is de magiër zelf het brandpunt. Dat is bij de geestelijke, die een wijding of een zegening uitspreekt niet zozeer het geval. Hij bewerkstelligt een ingrijpen van een andere kracht. Maar de magiër is èn voor zichzelf èn voor degenen die bij zijn werken betrokken raken – op welke manier dan ook ‑ het brandpunt. De magiër moet dus:

  1. zelf geloven in datgene wat hij verricht,
  2. zijn aanroeping moet zo geformuleerd zijn dat hij dit ziet als de grootste, de machtigste invloed die hij van zichzelf kan doen uitgaan en
  3. de magiër moet een grote zelfverzekerdheid hebben. Ook dit is begrijpelijk, want een mens die niet zeker is, kan fouten maken.

Als men het brandpunt is van grote krachten,. dan zijn de eigen gedachten van heel groot gewicht voor wat er gaat gebeuren. Als men onzeker is, dan stelt men zich alternatieven voor en dan weet men niet wat er kan geschieden. Maar als de magiër beantwoordt aan deze eisen en hij begint een aanroeping, dan wekt hij hierdoor het spanningsveld op waarin hij moet werken.

Er zijn mensen die denken, dat voor een magiër een aanroeping voldoende is om iets te doen. Dat is niet waar. De magiër kent in zijn aanroeping nl. drie fasen.

le fase: het gebed, het contact opnemen met de andere wereld en zichzelf a.h.w. tot brandpunt maken voor de krachten van die an­dere wereld.

2e fase: de oproeping of evocatie. Hiermee wordt de kracht die men wil hebben nauwkeurig omschreven in persoonlijkheid, in functie en dan wordt biddend of smekend gezegd.; Zeg mij alstublieft dat U zult komen. Ik vraag het U.

3e fase. de magiër verandert in deze fase van persoonlijkheid. Hij wordt gen met de hoogste kracht die hij in de le fase heeft aangeroepen. Daarom spreekt hij nu als God. Bijvoorbeeld: Ik zeg tot U in de naam van (en noemt hij geesten‑ of godennamen) dat Gij zult komen en tot mijn beschikking staan etc. Hij spreekt bevelend. Hij is God geworden. Dit is zeer interessant, omdat hiermee de aanroeping eigenlijk. een heel ander karakter heeft gekregen. Zij is a.h.w. het afpa­len van het veld waarop je kunt werken. Het is het scheppen van een primaire harmonie waarin de verder bezweringen dan al­lerlei variaties aanbrengen en waarin verschuivingen kunnen plaatsvinden. Het gebied wordt door de aanroeping dus afgepaald.

Waarom die vele wonderlijke namen? Dat is weer begrijpelijk. Als ik begin met een aanroeping aan b.v. Tetragrammaton (ik neem er maar een die niet veel zal worden gebruikt), dan begin ik met de voorstelling van wat Tetragrammaton is. Ik heb dus een beeld, dat voor mij aan die naam is verbonden. Het is een functie van het Goddelijke. Door de aanroeping van deze functie bepaal ik de mogelijkheden die er op dit moment zijn.

Denkt u niet, dat de magiër wat dat betreft wat kinderachtig doet. Ik wil u erop wijzen dat daar zijn: de Engelen van de Uren. de Heren van de Dagen, de Heersers van de Manen (die worden verschillend aangesproken in overeenstemming met de heersende maanfase op het ogenblik van de bezwe­ring), de Jaarregent. Deze speelt ook een grote rol. Dan kan ik mij even­tueel nog richten tot de kosmische Heerser van de Era (het tijdperk). Daarboven zijn er dan nog de goddelijke functies, die ik kan aanroepen. In die goddelijke functies kan ik weer de namen kiezen van de Meesters van die functies, zoals daar ook de aartsengelen zijn. Iedereen weet het, Gabriël is eigenlijk de Louis Armstrong van de hemel, hij speelt uitstekend trompet. Michaël is de vechtersbaas, de Mohammed Ali. Hij komt overal knokken waar dat nodig is. Azraël is de transportondernemer, de Doodsengel. Hij komt zieltjes halen en brengt ze veilig over.

Dit hebben de mensen in het christendom ook gedaan: ze hebben de functies ingedeeld. De magiër doet dat ook, maar hij doet het nauwkeuriger. En omdat hij rekening houdt met alle invloeden, bouwt hij eigenlijk een beeld op van alle mogelijkheden die er zijn.

U zult zeggen: Waarom de magiër wel en de anderen niet. Er zijn ook kerken die dat doen. U heeft waarschijnlijk nooit nagedacht over de betekenis van bepaalde zaken in de eredienst. Bijvoorbeeld: "Vandaag, lezen wij in het Oude Testamen uit het Boek Numeri hoofdstuk VII, alinea 2. "" Dan komt er: "Nu lezen wij uit de brief van Apostel Petrus aan....

Daarna komt er weer een ander stukje uit de bijbel. Maar nu het vreemde: die stukjes moeten bij elkaar passen. Dan volgt het 3e stukje uit het Evange­lie (de ene keer is het Lucas, of anders Mattheus of Johannes) dat ook weer bij de andere past. Het wonderlijke is nu, indien dit goed wordt gedaan (daar bestaat nl. een soort kalender voor), dan krijgen we invloeden die horen bij deze dag of bij deze week. In de kerk heeft men dus ook het gebruik om met invloeden te werken, ook al beseft men dat niet zozeer, die specifiek behoren bij een bepaalde tijd van het jaar. Vaak voegt men aan de gebeden nog toe; op deze avond, op deze middag, op deze ochtend, waarbij men bovendien nog het tijdstip bepaalt. Ook daarvoor zijn er verschillende formules. Al die formules betekenen weer; het bepalen van een spanningsveld. En als nu niet de predikatie (zoals helaas menig prediker denkt), maar de zegening de hoofdwaarde zou moeten zijn van de kerkelijke samenhang, dan is duidelijk dat het spanningsveld wordt bepaald door de verschillende voorlezingen, de bede die daarmee gepaard gaat en ook de gezangen die daarin zijn verweven.

De katholieke kerk doet het een beetje anders. Deze heeft namelijk een vast kader. De rite is dus een vaste, magische procedure. Bij wijze van spreken: driemaal kun je schuld bekennen; de bede om genade, de geloofs­belijdenis en al wat erbij komt uitspreken, maar daarin zijn ook de z.g. wisselende gezangen of getijden. Ook hier wordt de tijd mede bepaald door gezangen.

Die gezangen hebben vaak een andere geluidssequentie. Bovendien hebben we het Epistel van A en het Evangelie van B. Hier wordt dus ook een sfeer, een spanningsveld opgebouwd. De meeste mensen beseffen dat niet en daarom is het ook veel minder werkzaam dan het zou kunnen zijn. Men heeft hier dan de z.g. transformatie, de verandering van wijn en brood in bloed en vlees van Jezus waardoor de directe manifestatie van de goddelijke kracht voor de gelovige mogelijk wordt. Vaak zit daar nog het ritueel van de, communie bij. Het klinkt erg kannibalistisch als je het goed bekijkt, maar het is een poging om een deel van de goddelijke kracht in je op te nemen. Indien het als zodanig wordt beleefd, dan is het wel degelijk een overdracht van kracht.

Ik hoop met dit alles duidelijk gemaakt te hebben dat in elk ritueel en in elke aanroeping : een krachtveld wordt opgewekt, dat daarin bepaalde spanningen ontstaan en dat deze spanningen gevolgen kunnen hebben. Als we de gevolgen van de spanningen zien en ze vergelijken met de oorzaak, dan kunnen we spreken van een effect dat een bepaalde aanroeping voor een bepaalde persoon heeft. We kunnen echter nooit zeggen dat één bepaalde aan­roeping voor alle personen een gelijk effect heeft. Ook dit is duidelijk, indien u zich realiseert dat elke mens zijn relatie met het spanningsveld alleen zelf kan bepalen op grond van zijn persoonlijkheid. je kunt openstaan voor de gehele kosmos en dan nog kan de kosmos alleen beantwoorden aan het geen jezelf bent. Daardoor is dus het effect t.a.v. de aanroeping niet vast te leggen. We zullen de effecten nog even nagaan.

 

Effecten.

  1. Elk gevolg van een aanroeping kan alleen bestaan in een persoonlijke reactie op de opgeroepen kracht volgens eigen trillingsgetal.
  2. De mentaliteit, dus de denkbeelden waarmee ik vorm geef aan die kracht en haar in mij op een specifieke manier tot ontlading doe komen, zullen uitmaken in hoeverre de effecten voor mij lichamelijk, mentaal, of zuiver geestelijke zullen zijn. Ik kan geen enkel effect bedenken dat geestelijk niet meewerkt omdat de geest, zijnde het meest vrij vibrerende deel van de persoonlijkheid, door de kosmos altijd zal reageren, zelfs als de lagere delen zoals de psyche, het denkvermogen en het lichaam, daar niet toe komen of een te geringe beroering ondergaan.
  3. Genezende werking door aanroeping is altijd mogelijk, mits grote emotionaliteit, grote intensiteit van kracht en aanroeping aanwezig zijn en daarnaast volledige aanvaarding van de kracht en van de moge­lijkheid tot genezing door de patiënt, zonder dat deze aan de genezing speciaal verbonden blijft. Is dit het geval, dan kan elk gebed en elke aanroeping genezing brengen.
  4. Verandering van instelling. Wanneer wij een grote kracht aanvaarden, dan heeft die kracht een eigen trillingsgetal. Mijn eigen trillingsgetal zal, als ik een grote kracht aanroep, tijdelijk ondergeschikt worden aan deze kracht. Daarbij zullen alle factoren die gelijk trillen met de aangeroepen kracht, bij mij versterkt worden. Alle andere factoren worden tijdelijk onderdrukt. Dat betekent: dat ik enige tijd na de aanroeping nog altijd gericht blijf op die kracht. Het effect zal dus zijn dat alle factoren, die harmonisch zijn met de aangeroepen kracht, in mij sterker worden, terwijl de andere kwaliteiten en eigenschappen worden onderdrukt en minder fel deel kunnen hebben aan bewustzijn, bewuste actie en zelfs hun onderbewuste beïnvloeding aanmerkelijk beperken.
  5. Als ik een aanroeping doe met een zelfzuchtige intentie, dan gaat het om een begrenzen van de kosmos tot mijzelf. Dat wil zeggen, dat ik niet open ben voor de kosmos, behalve voor die delen daarvan die in mij gekend en begeerd worden. Dat betekent, dat ik dan een zeer klein gedeelte van de werkelijke kracht ooit in mij zal kunnen ervaren en daardoor zal er geen verandering in mij ontstaan. Op het ogenblik echter, dat ik niet voor mij maar in het algemeen of met een doel buiten mij dat wel nader wordt omschreven, probeer aan een hogere kracht deel te hebben, sta ik volledig open voor die kracht en zullen dus de resultaten scherper kenbaar worden.
  6. Effecten kunnen nooit worden bepaald door de aard van de aanroeping. Ze kunnen slechts worden bepaald door de inhoud van de aan­roeper. Het is zeer belangrijk dat u dit begrijpt! Want veel mensen zeggen; 'Ik bid daar toch voor.' Maar als ze heel eerlijk zouden zijn, dan zouden ze zeggen: 'Dat wil ik eigenlijk niet. Ik bid erom omdat ik denk, dat ik dat van krijg, maar ik zou het andere liever willen hebben.' Maar dat betekent gelijktijdig, dat ze in feite verwerpen waar ze om bidden. Het gevolg is dan dat er weinig resultaten zijn. En zo die er zijn, deze sterk zullen afwijken van hetgeen men heeft gevraagd.
  7. Elke aanroeping zal in principe de kosmische kracht aanboren.

 

We hebben dus niet te maken met een bepaalde persoonlijkheid van welke aard of soort dan ook ‑ of het een demon of een engel is, God Zelve of misschien de heer Lucifer. Het volgende moeten we heel goed begrijpen. Het is niet de figuur die we aanroepen, het is de totale kosmische kracht die we aanboren. Dat wil zeggen, dat we altijd beschikken over een totaal van invloeden met alle mogelijkheden van de kosmische kracht.

Dat impliceert, dat wij door een volledige aanvaarding van die kracht al wat mogelijk is ook als een concreet gevolg voor ons bereikbaar is. Indien dit niet het geval is, dan ligt dat niet aan de kosmos die we aanboren, want daar zijn de mogelijkheden aanwezig, maar dan ligt het aan onszelf.

Als wij bij aanroeping en gebed onszelf bedriegen door een houding aan te nemen waar wij innerlijk niet achter staan of door iets voor te stel­len wat we zelf voelen niet te zijn, ook al zouden we het voor anderen wel zijn, dan kunnen we daardoor geen direct effect bereiken. Hoe meer we één zijn met de kosmische kracht des te groter de effectmogelijkheid. Want de kosmische kracht is de oerkracht die alles omvat.Dat betekent dat elke verandering van materie door die kracht mogelijk is, want alle materie is uit die kracht opgebouwd. Dat betekent, dat elke beïnvloeding van stoffelijke en geestelijke relaties door die kracht mogelijk is, want ze kunnen alleen bestaan doordat die kracht de basis vormt. Al wat wij zien en beleven is verschijnsel. De kracht is de basis van waaruit alles ontstaat. Dat impliceert, dat bij een juiste aanroeping alles mogelijk is. Er bestaat geen onmogelijk. Onmogelijk is datgene wat wij in onszelf als niet mogelijk of onaanvaardbaar verwerpen. Wij selecteren uit de totaliteit, maar we selecteren vaak verkeerd.

Wij zullen goed moeten begrijpen, dat elke aanroeping op zich alleen dan zin heeft, indien we erin geloven. Als we geloven, zijn alle krachten van de kosmos voor ons. Dan kunnen we van stenen brood maken. We kunnen de sterren van de hemel plukken of ze aan de hemel hangen, bij wijze van spreken. We kunnen tegen de aarde of tegen de zon zeggen: sta stil of: loop een beetje harder. Dat is helemaal niet zo onmogelijk als het lijkt.

We kunnen een kort citaat eraan toevoegen. Het stamt uit de papyri van Thoth.

"Hij, die het geheim kent, het mysterie doorgrondt

en het woord voor zich spreekt, hij kan de aarde

vernietigen of doen herleven. Hij kan de goden

bevelen in hun raad en hij kan zich stellen op elke

plaats die hij begeert. Want hem is alle macht.

Voor hem is niets onmogelijk en alles zal zich

vormen naar zijn besluit."

 

Onmogelijk, zult u zeggen. Maar is het wel zo onmogelijk? Als wij zeggen 'onmogelijk', dan is het onmogelijk. Wij beperken ons – ongeacht de aanroepingen die wij zo 'bewust en vol wil en intensiteit doen ‑ door te twijfelen aan de mogelijkheden die eruit kunnen voortkomen. Hij minder wij twijfelen, des te groter het effect zal zijn. Hoe minder wij innerlijk verdeeld zijn, des te groter de mogelijkheid dat het effect dat ontstaat overeenstemt met onze verwachting. Maar wij kunnen nooit verwachten dat het kosmisch geheel beantwoordt aan de verstandelijke overweging van de mens.

 

 

Informatie aangaande de bronnen van de  teksten kan je vinden op volgende website's: 

 

http://users.skynet.be/rabdomantie.center/

     

http://www.saint-pierre-les-bregines.org/

 

 

 

 http://www.scribd.com/people/view/31429-rober

 

16-05-08

DE WEG NAAR ANDERE WERELDEN.

DE WEG NAAR ANDERE WERELDEN.

Het is logisch aan te nemen dat er naast de wereld, die de mens kent een reeks van gebieden moet bestaan, die voor hem niet of slechts bij toeval toegankelijk zijn. We weten dat de mens beperkt is, in zijn er­varingen. Het is niet slechts logisch maar zelfs met zekerheid vast te stellen, dat er gebieden bestaan van licht, van klank, die voor hem gesloten zijn. Al deze gebieden zijn gebieden, waarin de trilling bepa­lend is voor het al of niet waarneembaar zijn van het verschijnsel. . Wij zullen aannemen dat trilling hiermee ook verder veel van doen zal hebben. De kwestie van de andere werelden waarop ik zinspeel, betreft in de eerste plaats de werelden, welke buiten de stof bestaan. Buiten de stof. kan al datgene bestaan, wat niet onderhevig is aan de veldbepalende eigenschappen van de dichte materie. De aarde wentelt om haar eigen as. Het gevolg is, dat zij daardoor een eigen magnetisch veld opwekt. De aarde beweegt zich rond de zon met een zekere snelheid. Deze en haar wenteling bepalen haar zwaartekracht.; Met de zon beweegt zij zich in een bepaalde richting. Dit bepaalt weder­ om de tijd, dus de tijdconstante, die geldt voor de aarde en de overige planeten. Dit te begrijpen is ‑misschien nog niet zo moeilijk. Maar wan‑ neer ik op een terrein kom waar geen van de genoemde werkingen meer. geldt, dan wordt het voor mij wel heel erg moeilijk te gaan praten over zwaartekracht, over magnetische velden of zelfs over tijd. Er zullen in een dergelijke wereld totaal andere verschijnselen optreden. Elke poging om zo'n wereld te benaderen, kan alleen berusten op het aanpassen van­ eigen wezen of een deel van eigen wezen aan die andere, wereld. Wanneer we die wereld kenbaar maken in onze eigen wereld, gehoorzaamt ze alweer aan de wetten, die b.v. op de aarde bestaan. Het gevolg is dat zij zich nooit kan openbaren in uw wereld, zoals ze in haar eigen bestel leeft, Nu is er natuurlijk één grote weg, welke iedereen op de duur naar die andere werelden brengt, de dood, de eeuwigdurende verandering, waarbij vormen en voertuigen als niet meer belangrijk worden achtergelaten. Zij blijven deel van eigen wezen, maar behoren niet meer tot een bepaalde wereld, alleen tot het eigen "ik". De dood is wel de eenvoudigste weg, maar zij gaat gepaard met een eenzijdigheid. Als u hier sterft en in een andere wereld komt, dan kunt u uit die andere wereld nooit meer terug naar dezelfde toestand op aarde. U moet dan eerst een hele cirkelgang maken en komt dan weer op de wereld terecht; maar niet meer in dezelfde condities. U kunt niet meer uw vroeger aardse "ik" hernemen. Het is dus voor ons niet praktisch om aan deze weg te veel aandacht te geven. Het is voldoende te constateren dat hij er is en dat hij de meest overtuigende kracht is die er bestaat. Wie sterft, komt in een andere wereld en moet zich deze realiseren. Nu is echter de vraagt; Wat gaat dan op weg, wanneer het lichaam achterblijft? De algemene uitdrukking daarvoor ' is: de geest of de ziel. Een andere uitdrukking, die je niet zo vaak hoort, maar die juister is: een deel van het bewustzijn plus het resterend ego. En dat resterend ego moet een vorm hebben, moet een uitdrukking hebben. Dat bewustzijn moet ergens in zijn vastgelegd. Vandaar dat wij spreken over "voertuigen", ook wanneer deze niet beantwoorden aan de gedachte van een stoffelijk lichaam b.v. of zelfs aan een beperking ‑ in sommige sferen ‑ zoals men die voor een ego van uit aards standpunt nu eenmaal noodzakelijk acht. Al deze den liggen in de mens. Bij nadere studie blijkt dat juist de wijze, waarop men denkt (dus de denkprocessen, welke zich in de mens voltrekken) bepalend is voor de wijze 1 ‑ waarop men zich een andere wereld kan voorstellen of zelfs beleven. Het is noodzakelijk dat wij ‑ om uit te treden in een wereld, die niet aan stoffelijke wetten gehoorzaamt ‑ allereerst de stoffelijke prikkels uitschakelen. Het de officiële term heet dit. een zodanige verhoging van de bewustzijnsdrempel verkrijgen, dat geen uiterlijke prikkels meer tot het bewustzijn kunnen doordringen. Maar dat is van de stof uit. U zou ook kunnen zeggen: Het is elke ver­ binding van zich afzetten, die herinnert aan de eigen wereld. Wanneer deze zeer sterke impulsen zijn uitgeschakeld, kan de mens fijne­re impulsen ervaren. Hij kan daarop reageren; hij kan op iets, dat nor­ malerwijze in zijn bewustzijn geen invloed heeft, nu een nieuw concept op­ bouwen. Ja, hij kan zelfs handelen door krachten, die normalerwijze niet tot uiting komen. Ook dit alles is nog logisch. U kunt o.a. in de psychologie van Jung daar voldoende verklaringen voor vinden. Nu ga ik nog een stap verder. En ik moet gaan vaststellen, dat is altijd heel erg moeilijk. Want Ik weet viel dat het zo is, maar voor u is het een hypothese. Het kan waar zijn, het kan niet waar zijn. Toch doe ik dit eenvoudigheidshalve. Ik stel dan vast dat er naast het georganiseerd stoffelijk terrein een minder georganiseerd stoffelijk terrein is. Het onderscheidt zich van de normale materie in de eerste plaats door de eigenaardige vorm van de atomen, welke daar nog kunnen voorkomen. Ze zijn evenals in de ionisatie­ toestand incompleet, instabiel en hun elektronen hebben vaak een gewij­zigde wentelingssnelheid en wentelingsrichting. Deze materie heeft geen enkele relatie moor met de normale stof. Ze ver­ schilt wat eigenschap betreft daarvan zeer veel. Zij kan daarom door andere krachten worden beïnvloed, dan in de materie mogelijk zou zijn. 'U kunt moeilijk een tafel alleen door uw gedachten vervormen. Maar u kunt een dergelijke incomplete materie ‑ welke dus in een vormings‑ of veranderingsproces is begrepen ‑ wel met de gedachte vervormen. Vergelijk: ijzer kun je niet met de handen buigen, klei wel. Dat ligt aan de samenhang. Deze fijne materie nu en nog fijnere deeltjes vormen tezamen wat wij noemen‑ de basis van het astraal gebied en zelfs ‑ althans een deel daarvan ‑ van Zomerland. Wij hebben hier te maken met werelden, waarin de gedachte boven alles re­ geert. Elk veld bepaalt een vorm voor de materie. Zij groepeert zich daar­ in, zoals ijzervijlsel zich zal groeperen volgens de krachtlijnen van een magneet. Indien wij onze eigen prikkels kunnen uitschakelen ‑ dus onze eigen wereld ‑ dan is voor ons de mogelijkheid geschapen dit astraal gebied uit de stof binnen te gaan. Omgekeerd, wanneer wij door sterke concentratie een tijdelijke stabiliteit van ons voertuig binnen dit terrein kunnen bereiken, dan is het voor ons eenvoudig om de aarde uit een andere geestelijke sfeer via dit astrale gebied te benaderen. Bij de doorsnee mens geschiedt deze benadering ten minste verschéidene malen in het leven en is onbewust; dus niet bewust veroorzaakt. Het vreemde is, dat om de mens in deze toestand te brengen, heel vaak een verdoving dient op te treden. De gebruikers van opiaten b.v. treden vaak, zonder dit te beseffen, een droomwereld binnen, waarin de astrale krachten als deel van een droom worden gezien. Opvallend is, dat zij daarbij een punt hebben, dat hen aan de werkelijkheid vasthoudt. De doorsnee opiumroker b.v. zal in zijn roes vooral dus in het begin van zijn roes en het roken ‑iets gaan beschouwen, dat schoon is. Hij zal bij voorkeur kijken naar een bloem of naar een beeldje, althans wanneer hij niet de roes zondermoor zoekt. Hij heeft dan iets, dat voor hem een levende werkelijkheid wordt en uit deze levende, 'werkelijkheid ontwikkelt zich dan een totaal nieuwe wereld. Het beeldje wordt door de gedachte als het ware astraal gereproduceerd, maar nu met andere eigenschappen. Voorbeeld: Een ivoren vrouwenbeeldje wordt een levende vrouw, die di­rect herinnert aan het beeld, maar verder alle kwaliteiten en eigenschappen heeft, die men daarin eigenlijk gewenst had. De uitdrukking van de gedachte treedt op als een realiteit. Gaan we nog een paar stappen verder, dan vinden we o.a nog het gebruik van sommige zwammen; daarnaast van zeer speciale hennep deri­vaten. Hierbij wordt de mens zozeer aan de werkelijkheid ontrekt dat hij, terwijl hij zijn eigen wereld wel kan blijven waarnemen, voor elke prikkel daarvan ontoegankelijk is. Er is niets dat hem bijzonder kan beroe­ren en zijn aandacht kan terugroepen naar die wereld. In deze toestand treden voor hem dan de beelden van het astraal gebied zeer scherp en zuiver op. Medicijnmannen en tovenaars maken reeds lang van deze methode gebruik èn voor de inwijding van jongeren èn ook voor het bereiden van mate­riaal, dat nodig is voor voorspellingen en bezweringen. Zonder dit al­les kunnen we echter precies hetzelfde bereiken en wol eenvoudig door middel van een voldoende concentratie. Wanneer de concentratie alles uitschakelt, kunnen wij bewust binnentreden in een wereld van astrale verschijnselen. Er is een "maar" aan verbonden. Wanneer dit bewust en mede uit een lichamelijk willen geschiedt, dan zal de lichamelijke impuls een zeer sterke invloed behouden, zodat deze beelden zich vaak als een droom of zelfs als een fantasie aan ons voordoen. Het is zeer moeilijk deze van, normale dagdromen en fantasieën te onderscheiden, tenzij wij in deze materie thuis zijn en dus zien hoe wij onszelf langzaam maar zeker uitscha­ kelen. Dit noemt niet weg dat het astraal gebied voor negen van de tien mensen op een bewuste wijze kan worden betreden en dat zelfs dat laatste restant van 10 % toch onbewust te eniger tijd daaraan doel zal hebben. Gaan wij verder dan het astraal gebied, dan krijgen we te maken met wat men het best een wijziging in dimensie zou kunnen noemen. De verhouding van krachten is geheel anders. Bestaat er in de astrale wereld al­ thans nog enigszins een tijdsfactor, in alle werelden die daarboven lig­gen, zelfs de fijn‑ materiele Zomerlandsfeer, gaat een algemene tijd teloor, waarvoor een ervaringstijd in de plaats komt, zodat de snelheid van onze perceptie het tijdsverloop in die sferen bepaalt. Het gevolg is dat men in deze werelden moeilijker kan binnentreden en als men er binnentreedt, praktisch niet in staat zal zijn het juiste gebeuren en het juiste ervaren in een stoffelijk bewustzijn om te zetten. De weg, die hier bestaat, is er a.h.w. Jén van ontzegging. Hij wordt heel vaak gekoppeld aan een reeks van voorstellingen. Wij zien b.v. dat door een in­tens gebed een verrukkingtoestand teweeg wordt gebracht, waarbij men zich verheft boven de eigen wereld. Wij zien in andere condities dat een fana­tieke geestdrift de mens tot ontrukking kan voeren. In enkele gevallen zien we zelfs dat ziekteverschijnselen, gepaard gaan met een toegang tot deze werelden. Het hoe en waarom zou ons te ver in allerhande klinische bijzonderheden voéren, maar simpel gezegd; Wanneer er bij de mens plotselinge veranderin­gen in klierafscheidingen ontstaan gepaard gaande met een heftige wijzi­ging van de bloeddruk in de hersenen, dan zal de lichamelijke gesteldheid zo zwak zijn en vaak ook spastisch, dat hierdoor de andere werelden reëler worden en wij een tijdlang bestaan in een tijdscontinuüm, dat niet gelijk is aan ons eigen. Daarnaast kennen wij werelden, waarin vorm geen zin meer heeft. Het "panta rei" dat op aarde alleen gebruikt kan worden om het ver­ loop van de tijd en tegelijk van de verschijnselen aan te geven, wordt in de vormeloze wereld een onmiddellijke werkelijkheid. Wij hebben daar niet meer te maken met vormen maar met een spel van licht en duister. Er vormen zich wel beelden, maar deze berusten niet op een concrete waarneming en dat weten wij. Het is eerder of we ergens scha­ duwen zien tegen licht, of licht door de schaduwen heen. Een soortgelijke illusie kan men soms hebben, wanneer men uit een donkere grot naar het licht gaat. Dit wekt dan voorstellingen van weiden, bomen en al wat erbij hoort, ofschoon men deze nog niet ziet. Men neemt alleen nog maar het licht waar. Deze reactie kan ik het best gebruiken om ons een meer stoffelijk beeld te geven van de vormeloze sfeer. Er is niets concreets meer én toch ontstaan alsnog beelden. Die beelden komen uit ons eigen bewustzijn voort. Het gevolg, is dat, wanneer een mens tot deze sferen zou kunnen doordringen, hij geen contact mee heeft met iets, wat vorm hoef t; dat hij een absolute onverschilligheid ontwikkelt voor alles, wat hij weet met de wereld in verband te staan en in plaats daarvan een soort ver­zadiging ondergaat van indrukken, die hij niet nader kan beschrijven. Typisch is, dat het bereiken van deze sferen zelden gepaard gaat met lichamelijke vermoeidheid, wat in andere gevallen nog voorkomt, maar dat daarentegen een vaak zeer korte rustpauze of slaap bij het ontwaken een gevoel van volledige ontspanning en uitgerust zijn geeft. Een stabi­lisering van het zenuwstelsel en al wat daarbij hoort. Daarboven liggen nog andere werelden en sferen, die ik buiten beschouwing laat, omdat ze door de mens zelden of nooit bereikt worden en de bereiking daarvan niet meer kan bekoren tot de gewone wegen, die wij vinden. Ik wil nu eerst proberen u enkele uiteenzettingen te geven omtrent de verschijnselen van het astraal gebied., daarna van Zomerland, daarna van de lichtsfeer en in elk der gevallen u duidelijk maken wat zich af­speelt. In de astrale wereld is de gedachte vormend. Haar niet de gedachte, die aan de oppervlakte leeft maar de gedachte met al haar inhouden en achtergronden. Dat wil zeggen, dat in de astra1e wereld een op zichzelf schone gedachte gebaseerd op begeerte, in haar vormgeving die begeerte mede uitdrukt. Hieraan is niet 'Je ontkomen. Het gevolg is dat op de meest onverwachte wijze schoonheid en afzichtelijkheid zich aan ons openbaren. In vele gevallen zal de afzichtelijkheid voor ons niet te dragen zijn en zal ons eigen voorstellingsvermogen haar omzetten in monstervormen, die meer aannemelijk zijn. Wij zien daar dan ook optreden: demonen, die doen denken aan de tempelwachters van de Indische tempels, draken (dus fabel ‑ dies meer zij. Daarnaast bleke figuren), prehistorische, monsters en schimmen, waarvan misschien alleen de ogen een dreiging schijnen te bevatton, maar die ons een onvoorstaanbare afkeer inboezemen. Wij krijgen te maken met eenvoudige wervelingen (denkt u maar eens aan een wervelwindje, dat even wat stof omhoog werpt en daardoor voor een ogenblik zichtbaar wordt), die ons ontzettend aantrekken, maar die we niet kunnen bereiken. Al deze verschijnselen tezamen kunnen worden gebracht onder gedachten­ uitingen". Zij zijn de weergave van een gedachte, nooit van een geheel ‑we­zen. Een demon, die op astraal gebied opereert, kan slechts de weergave zijn van een gedachte maar niet van het gehele wezen. Er moet meer zijn. Dientengevolge geldt voor ons dat al datgene wat op het astraal gebied aan ons verschijnt, zonder vrees geaccepteerd moet worden. Gelijktijdig moeten wij echter weten dat ongeveer 9/10 daarvan als bij een ijsberg onder de oppervlakte ligt. Dat er dus plotselinge veranderingen kunnen optreden, die ons niet mogen verbazen. We zien dan alleen het deel, dat tot nog toe e verborgen, was van hetzelfde wezen, dat hierin zijn gedachten openbaart., Voor onszelf bezitten wij in de stof een voertuig, dat de astrale wereld onmiddellijk beroert. Het is a.h.w. een deel, van het levenslichaam en wordt teruggevonden o.m. in de zaadcellen van het menselijk lichaam. daarnaast echter in praktisch elke cel. de vitaliteit, die in het zenuw­ stelsel voorkomt, heeft ook haar functie op astraal terrein. Het trillingsgetal van het verschijnsel ligt echter aanmerkelijk boven het hier waarneembare en soms zelfs in de buurt van dat van microgolven. Het heeft dan een betrekkelijk lage frequentie. Het is dus mogelijk dat astrale verschijnselen op golflengten liggen, die op het ogenblik reeds benaderd worden met bepaalde stoffelijke instrumen­ten. Werktuigen, die dergelijke, trillingen opwekken, kunnen storend zijn voor astrale invloeden en omgekeerd,. Dan krijgen we de Zomerlandsfeer. De Zomerland‑sfeer berust evenzeer op gedachtevorming als de astrale we‑ reld. Maar één verschil is er, hier is een poging tot contact met anderen. De gedachten, die het sterkst gevormd worden, zijn dus gedachten die door gemeenschappen worden gevormd. Het gevolg is dat hele reeksen schijnbaar permanente landschappen schijnbaar permanente gestalten ont‑­ staan. Toch zal ieder van ons deze anders zien. Alles wat wij verwachten is in Zomerland aanwezig. Wij vinden er zowel de geheime instructie loges van een inwijdingsdienst, de open tempels en de waarin men gotische kathedralen van andere godsdiensten, vindt en al wat erbij hoort. Waarin men filosofeert, een eeuwige zee, bergen als eenvoudige velden . Zodra wij echter buiten de gemeenschap treden, blijft ons slechts een leegte over. Het zou voor de doorsnee mens het best kunnen worden beschreven als‑ even uit de wereld opgenomen worden en ver buiten het zonnestelsel ‑ misschien zelfs buiten het melkwegstelsel ‑ in de ruimte zweven. Rond je zien dat er 1ichten en verschijnselen zijn, maar deze niet kunnen definiëren, wart het is te ver van je af. Wanneer deze toestand overigens te sterk optreedt, volgt hierop het over­ schakelen op impulsen, welke van buiten op deze wijze worden ontvangen en krijgen vrij contact met de lichtwereld. Bij de verschijnselen in Zomerland, houden we rekening met het feit, dat een bepaalde ons naderende vorm de uitdrukking is van een totale persoonlijkheid. Er zal geen opvallende of grote verandering nodig zijn om elk fa­cet van het totale wezen tot uitdrukking te brengen. Wanneer we daar een tact hebben met personen, zal dat voor de mens heel vaak een teruggrijpen betekenen naar aardse normen. Gelijktijdig echter zal het wezen zelf te oh een beeld vormen van een feitelijke persoonlijkheid, oen reëel bestaande persoonlijkheid in zijn geheel. Waar het voorstellingsvermogen van vele groepen onderlinge verschillen kan vertonen en verder nog even moet worden herinnerd aan de tijdloosheid ‑ dus dat hier de zuiver persoonlijke tijd alleen optreedt ‑ zal het dui­delijk zijn dat de mens', die tot dit gebied doordringt, niet zeker kan zeg­ gen‑. "Ik heb het Zomerland gezien." Men kan hoogstens zeggen: "Ik heb een deel van Zomerland beleefd en daarin voor mij aanvaardbare voorstellingen gevonden. Dan die kwestie van licht. Voor de doorsnee mens is het onmogelijk dat zo'n wereld, waarin vormen je ontsnappen en alleen gedachten voor je overblijven die gewekt worden door wisselende verschijnselen, kleuren, klanken buiten je, kan worden gerealiseerd. De mens, die daarin doordringt, zal dit alles moeten omzetten in symbolen. De symbolische voorstelling is dan volledig gebaseerd op liet bewustzijn en het onderbewustzijn van het menselijk wezen, het stoffelijk wezen. Alleen op deze wijze nl. is een voldoende interpretatie in het stoffelijk ego vast te loggen. Met deze korte omschrijvingen heb ik u nu verteld wat de gebieden zijn, die kunnen worden benaderd en komen wij aan het belangrijkste onder­ werp: de weg. Laat ik van tevoren vaststellen, dat de weg voor iedereen anders kán zijn. Ik zal voor de duidelijkheid bepaalde gevallen noemen, die zijn, voorgekomen, maar ze moeten niet als de enige benaderingsmogelijkheid worden gezien. Ik zal hierbij zowel de buiten het huidig sociaal be­stel vallende methoden als de wèl daarbij behorende kort trachten weer te geven. Benadering van het astraal‑gebied wordt o.a. gezocht door een sterk emotionele verdieping. Deze kan ontstaan uit een verrukkingtoestand door ideeën. Ze kan worden teweeg gebracht ‑ zoals reeds is gezegd ‑ door het gebruiken van bepaalde roesverwekkende giften. Daarnaast wordt ze gewekt door seksueel verkeer onder bijzondere ritu­ele omstandigheden. Dit laatste komt weinig of niet meer voor, uitge­zonderd bij bepaalde groepjes, die zich duivelaanbidders noemen. Al het andere wordt nog wel in praktijk gebracht. Voor onszelf moeten wij allereerst bepalen wat voor ons een aanvaardbare weg is. En de methoden, die wij naar het astrale gebied kiezen moeten altijd ‑ dus zon­der uitzondering ‑ aan de volgende voorwaarden voldoen: a.de mogelijkheid om jeze1f, je huidige toestand en huidige omgeving te vergeten. b.er moet een zodanig sterke emotionele bewogenheid bestaan, dat men het voorstellingsleven voor een ogenblik reëler acht dan al het andere. 0f men moet lichamelijk veerkrachtig en goed ontwikkeld zijn. Wanneer men gezond is en veerkrachtig, kan men nl. aan het lichaam vol­ doende energie ontlenen om het betreden van het astrale gebied op eenvoudige wijze mogelijk te maken. De methoden, die gevolgd worden, mogen nooit en te nimmer gepaard gaan met vrezen of angsten. Zij moeten te allen tijde uit een nuchtere aan­ vaarding van alle verschijnselen zijn opgebouwd. Zij moeten degene, die naar het astrale gebied gaat. Verder helpen zich onaantastbaar te ach­ ten en te weten. Bij voldoende oefening is het verder raadzaam in de methode die elementen te zoeken. die een gelijktijdig contact met de stof mogelijk maken. Dit zijn de algemene eisen, waaraan zij zal moeten voldoen. Om u nu hiervan een paar voorbeelden te noemen. Bij een zekere Indianenstam, de Yaquis, bestaat een methode om in het astraal gebied door te dringen en daar zelfs z.g. magie te bedrijven. Dit wordt bereikt door zich in een ruimte te zetten, waarin zware reukstoffen worden ver­ brand en waar men gelijktijdig of wel bedwelmende dranken dan wel bedwel­ mende plantendelen gebruikt. Er ontstaat dan een tekort aan zuurstof als gevolg van de zware reukstoffen, zodat het lichaam langzaam maar zeker uitgeschakeld wordt. De gemeenschap wordt bezig gehouden ‑ ik kan er geen betere naam voor vinden ‑ door een van hen, die met dansen, uit­ roepenen liederen een suggestie van strijdvaardigheid, strijdkracht en macht opwekt. Hierdoor wordt zekerheid verkregen. De roes zelf kan van 6 tot 72 uur duren. Er zijn nogal eens verschillen. Over het algemeen volgt er een kater op. Het is iets anders wanneer men meestal gebruikt; in dat geval is de kater over het algemeen minder erg of treedt in het geheel niet op. Gedurende deze periode is er niet zozeer sprake van het verblijf in het astraal gebied zonder meer als wel van een voortdurende wisseling van de droomtoestand, waarin men daar verkeert. Men herinnert zich de bele­vingen over het algemeen zeer goed, mede als gevolg van een suggestie, die aan de roes vooraf ging. Zij worden later voorgelegd aan de wijze mannen als een soort orakel. Men leest daaruit dan verschillende dingen af. Een geheel andere weg vinden we bij de z.g. zelfkwellers, die als gese­laars of anderen regelmatig in de wereld in grote groepen verschijnen. Hierbij tracht men voortdurend door zich in opwinding te pijnigen een toestand van absolute vergetelheid te bereiken. Hierin treden dan visioenen op, zoals dat heet. In feite is dit ook weer een kortere of lan­gere ‑verplaatsing naar een astraal gebied of een daaronder of zelfs daar­ boven gelegen sfeer. Deze gebruiken zult u in Europa niet veel meer vinden. Ze zijn in sommi­ge delen van Afrika en Azië echter nog in gebruik. De methode, ‑die men hier in Europa het eenvoudigst naar het astrale gebied kan volgen ' is de weg van concentratie, gepaard aan het ongewoon diep adem halen. Precies het tegendeel van wat de Indianen deden. Wij proberen a.h.w. een zuurstof‑dronkenschap te verwekken. Gelijktijdig trachten we door onze concentratie de wereld uit te schakelen. We zullen dan vaak eerst als op een afstand zekere verschijnselen waarnemen, droombeelden. Maar droom­ beelden met een achtergrond van werkelijkheid van astraal standpunt uit. Op de duur zullen we ons daarin als werkelijke persoonlijkheden verliezen. Er treedt dan een tijdelijke bewusteloosheid op of een trance‑toestand, gedurende welke in het astraal‑gebied belevingen zonder meer mogelijk zijn. Een raad voor hen die bij hun zoeken naar een weg naar de andere werelden het astraal‑gebied betreden: indien u zich ervan bewust bent dat u lichamelijk bestaat, zal de eenvoudige gedachte aan uw lichaam u te allen aan astrale invloed onttrekken. De verplaatsing van uw bewustzijn betekent gelijktijdig een verandering van uw wezen, waardoor u niet meer aantastbaar bent voor al hetgeen er op astraal gebied ontstaat. Er is dus geen enkele reden voor angst, zolang u dit maar onthoudt. Men mag zich nooit laten bewegen tot wegvluchten. Standhouden of terugkeren naar het lichaam is voor de mens de enige weg. Dan gaan we verder‑ De weg naar Zomerland. De weg naar Zomerland is niet te bereiken eenvoudig door het gebruik van verdovende middelen en evenmin door een zelfsuggestie. Ze vraagt meer. Voor de mens is het belangrijk dat hij een instelling heeft, waarbij hij zichzelf edel kan voelen. Men moet zich dus iets beter gevoelen dan men werkelijk is a.h.w. Het is daarom goed elke actie vooraf te doen gaan door bepaalde lichamelijke handelingen, die goed worden geacht. Deze kunnen zijn: het verrichten van diensten, voor anderen, waardoor vermoeidheid wordt opgewekt; het zich inspannen voor anderen, of zelfs het uitzenden van gedachtekracht naar anderen, dus het welwillend denken aan anderen. Deze bezigheid is een vaststellen van het wezen. Want om de Zomerlandsfeer te betreden moeten wij ‑ uit de stof gezien ‑ ons bevrijden van vormvoorstelling. Verder van een tè persoonlijk denken. Wij moeten over­ schakelen van een voortdurende wisselwerking tussen de omgeving en ons­ zelf naar een alleen ontvangen; dus niet meer het zelfstandig handelen. In de oudheid werd dit ook wel bereikt langs de weg van seksuele orgieën, maar de gevolgen daarvan waren niet altijd begeerlijk en brachten dus niet altijd de Zomerlandsfeer werkelijk binnen het bereik. ontaarding daarvan heeft geleid tot misbruik van de tempelprostitutie en wat erbij hoort en de consequenties waren allesbehalve prettig. Maar goed, ook deze weg heeft dus bestaan& De eenheid van twee mensen in dierlijke zin, welke echter gepaard gaat met een door beiden gelijkelijk ervaren geestelijk streven ‑ dus ter ere van de godheid ‑ brengt ook weer mede een verzadiging en een vermoeidheid met daarbij een versterking van het persoonlijk verlangen naar een geestelijk gebied. Ook zo is een betere­ ding daarvan mogelijk. Dan voor de doorsnee‑mens alweer, zoals hij bier leeft. In de eerste plaats, wanneer u naar Zomerland wilt uittreden, moet u zorgen dat u lichamelijk vermoeid bent. De lichamelijke behoefte naar rust bevrijdt u van een groot deel van uw voorstellingsvermogen. Geen oververmoeidheid echter. Bent u tè zeer vermoeid, dan zullen droombeelden u zozeer bezig­ houden, dat u niet tot een werkelijke ontsnapping aan bewustzijn en onder­ bewustzijn toe komt. Gewone vermoeidheid, dat is het beste Tracht verder niet Zomerland te bereiken zonder hulp van onze zijde, al­ 1 thans in een trance‑toestand. Prefereer daartoe de natuurlijke slaap en in deze slaap bij voorkeur ‑ al zult u dat misschien niet meer bewust, regelen ‑ de eerste anderhalf uur na het in slaap vallen, dus het bereiken van een zekere diepte van slaap, die voor ons practisch droom‑, loos is. U heeft voor dït inslapen, wanneer u wegdommelt, meestal nog ongeveer een half uur stoffelijke tijd nodig. Wanneer u zich echter bij het inslapen instelt op het 'betreden van Zomerland, zal automatisch, zodra de gunstige conditie optreedt, de innerlijke persoonlijkheid, het geestelijk ego, trachten dit te verwerkelijken. We behoeven ons dus niet bezig te houden met: Heb ik nu al zo lang geslapen of niet. Dat gaat automatisch. Willen wij echter gedurende de slaap ‑in het Zomerland iets, beleven en contact opnemen, dan kunnen wij dat slechts doen met behulp van een bepaald punt van concentratie. Zoals een vlieger in de mist op een, radio­ station peilt, zoals men met radar in de mist een bepaald doel opzoekt, zo moeten jij met een voorstelling van het dool daarop onze persoonlijk­ heid richten. Het is natuurlijk mogelijk dat men zich daarbij richt op een persoon. Dit is echter niet aan te raden, omdat we niet weten, of die persoon daar werkelijk bestaat of niet. Dus of datgene wat wij zoeken van ons stoffelijk voorstellingsvermogen uit nog inderdaad in Zomerland bestaat. De ideeen, die het gemakkelijkst hanteerbaar zijn om Zomerland te betre­ den zijn. rust, natuur‑of delen der natuur opgevoerd tot de perfectie, waarbij dus al het ontsierende wegvalt: een soort ‑kunstenaarsvisie van het paradijs of een volmaaktheid, Daarnaast het zoeken naar lering; het zich instellen op het contact met de geest zonder nadere bepaling. Wij doen verstandig om kort voor het slapen voor onszelf deze dingen te herhalen en nog eens te herhalen. Degenen, die getraind zijn, kunnen op de duur ook overdag door eenvoudig even in te sluimeren, zoals men dat noemt, contact opnemen niet deze sfeer. Maar zelfs dan zullen zij zonder geestelijke hulp niet in staat zijn zich langere tijd in die sfeer te handhaven. In de Zomerlandsfeer treden over het algemeen weinig impulsen op, die ons terugdwingen. Wij zullen er rekening moe moeten houden, dat het vluchten naar het Zomerland wegens de onaanvaardbaarheid van bepaalde situaties op aarde een gevaar kan betekenen voor het lichaam en daarnaast voor de geest die ‑ beroofd van het lichaam en het direct contact met het lichaam ‑ niet in staat aal zijn zich in de Zomerlandsfeer te handhaven. Dus geén vlucht naar Zomerland. Wat betreft de lichte sferen of lichtsferen, daarheen kunt u de weg slechts vinden via de meer rituele en magische handelingen. Hier is sprake van een voortdurend doorgevoerde suggestie die op de duur het lichaam onaantastbaar maakt voor tijd, tijdprikkels, lichtprikkels, pijnprikkels e,d. Daarnaast moet de behoefte bestaan om God of het Goddelijke onmiddellijk nader te komen en wel zo intens, dat, wij bereid zijn. elke belevenis daaruit desnoods te reproduceren en te, ondergaan, ook wanneer dit lijden betekent. Slechts door absoluut prijs te geven 1 al hetgeen ons stoffelijk waardevol is en gelijktijdig naar licht en lichtende krachten te streven, kunnen wij dit gebied uit de stof betreden,. Het is daarom niet aan velen gegeven deze, sferen uit de stof op bewuste wijze te ervaren. Zover de bewuste methoden. En nu nog kort., voordat ik ga eindigen, de onbewuste weg. Hiervoor zijn weer bepaalde verklaringen nodig, die ik dan maar kort, samenvat. Wanneer u hier in de stof leeft is uw wezen gelijktijdig levend in elke wereld, waarvoor het capaciteiten bezit. U leeft dus een aantal parallelle levens, waarvan het grootste het grootste gedeelte echter onbewust wordt beleefd en slechts een enkele, of ten hoogste enkele bewust. Uw wezen bestaat uit elke kracht, elk trillingsveld, elk gebied, dat ligt tussen de Oerbron en uzelf. Ook wanneer alle aandacht in het stoffelijk gebied is geconcentreerd, bestaan deze andere voertuigen toch en behouden hun absolute gevoeligheid ten aanzien van de sfeer~ waartoe zij krachtens hun wezen behoren. Wanneer wij in de slaap ‑ vaak ook weer door emoties, verlangens en begeerten gedreven of soms door eenvoudig te zoeken naar het antwoord op een vraag ‑ uit het stoffelijk gebied uittreden, dan zullen wij in onszelven, maar nu onbewust en dus zonder vermogen zelf te, kiezen of te regelen, juist dat deel van ons eigen wezen actief maken, dat het meest in overeenstemming is met ons probleem, met onze gesteldheid, met onze vraág. Dit voertuig beleeft dan op zijn eigen vlak, krijgt daar reacties en zal deze soms maar lang niet altijd, aan het lichaam doorgeven, waardoor dat dan in staat is zich bepaalde droombeelden te herinneren. Deze droombeelden zijn altijd symbolen, omdat de veelheid van denken, weten en beleven, die in een z.g. tijdloze sfeer (waar dus alleen nog, maar persoonlijke ervaringstijd bestaat) kan optreden, slechts in 'een lange reeks van droombeelden, die niet herinnerd kunnen worden, zou,­ kunnen worden uitgedrukt. Vandaar dat de totale indruk wordt terugge­bracht tot een droomsymbool. Het interpreteren van deze droomsymbolen is zeer moeilijk en ik zou u dus aanraden om niet te trachten elke sym­boliek in overeenstemming te brengen met een sfeer, waarvan u viel eens hebt gehoord. Wanneer het noodzakelijk is, zal de betekenis van het droomsymbool ongetwijfeld in het onderbewustzijn reacties wekken, waar­ door weliswaar geen juiste interpretatie maar wel een juiste reactie binnen het bewuste denken kan optreden. Nu ben ik eigenlijk klaar, vrienden. Dit is de inleiding en dat is ongeveer alles, wat ik erover te zeggen heb ik weet dat ik onvolledig ben geweest, natuurlijk. Dat is duidelijk. Ik weet ook, dat sommigen uwer op het ogenblik al vragen hebben. Voordat ik ga sluiten, mag ik nog viel even op een paar punten wijzen. In de eerste plaats: verwacht u niet van mij, dat ik u een voor de we­tenschap aanvaardbare rationalisatie van deze sferen kan geven. Ze zijn voor de wetenschap nu eenmaal niet hanteerbaar onttrekken zich daar­ door aan haar wijze van onderzoek en van definitie. In de tweede plaats‑ verwacht niet van mij, dat ik u allen persoonlijk even ga vertellen langs wolk achterdeurtje u naar een aangename sfeer kunt gaan. Ik wil gaarne ingaan op de problemen, die u dienaangaande stelt, maar ik kan deze niet op de persoonlijkheid afgestemd beantwoorden. U zult ook na deze lezing uw eigen weg moeten zoeken. Verder; een deel van hetgeen ik heb opgemerkt, onttrekt zich aan wat men noemt‑ stoffelijke logica. Het spijt mij zeer, maar de stoffelijke logica is begrensd, omdat zij in haar redenering en uitgangspunt nu een­ maal alleen beperkt is tot de op aarde kenbare verschijnselen en alle veronderstellingen, die aan de hand daarvan kunnen ontstaan. Er is een verbinding met paranormale verschijnselen te vinden. Wanneer we alle andere vragen hebben beantwoord en als er belangstelling voor zou be­staan, wil ik ook daar eventueel wel op ingaan. Maar de bedoeling is toch wel eerst te trachten ons eigen standpunt ‑ het mijne als geest maar ook het uwe als stofmens ‑ t.o.v. deze sferen en de mogelijkheden om ze te bereiken verder te omschrijven.

   

Informatie aangaande de bronnen van de  teksten kan je vinden op volgende website's: 

  

http://users.skynet.be/rabdomantie.center/

      

http://www.saint-pierre-les-bregines.org/

     http://www.scribd.com/people/view/31429-rober 

12-04-08

HET MYSTERIE TIJD.

Het mysterie tijd.

Tijd is inderdaad een mysterie voor de mens. Je kunt tijd op verschillende wijze omschrijven en definiëren. Je kunt bijvoorbeeld zeggen: het is een effect van massa plus beweging in ruimte, waardoor fotonenreactie wordt opgewekt, hetgeen tengevolge heeft dat bij een oneindige massa, met een snelheid gelijk aan die van het licht, een absolute stilstand van tijd optreedt. Je kunt het ook wat anders zeggen, je kunt zeggen: tijd is in feite het dimensionaal effect dat ontstaat wanneer twee continua met elkaar in contact zijn, terwijl ze beiden een anders gericht dimensionaal stelsel bezitten. Dat is ook waar, maar altijd weer is een dergelijke definitie zeer technisch, en hij zegt betrekkelijk weinig over de tijd zelf.Ja, tijd is een verschijnsel, goed. Laten we eens een ander voorbeeld nemen. Er was indertijd een attractie op de Parijse wereldtentoonstelling, ik meen dat het was in 1898, daar kon je gaan zitten in een wagon, van de Wagon‑lits, en men had een paar enorme schermen, die met verschillende snelheid draaiend langsflitsten. Degenen die in de wagen zaten hadden het gevoel dat zij in beweging waren. Toch waren ze zelf stationair. Wat de tijd betreft zou je het ook kunnen draaien, datgene wat wij werkelijkheid noemen is stationair. Wij bewegen ons echter langs deze stationaire waarden, zodat het voor ons schijnt of ze in beweging is en dan komen we al een klein beetje dichterbij.Wat voor vormen van tijd kennen we allemaal? Oh, natuurlijk, we hebben zonnetijd en daar van afgeleid de klokkentijd. Maar u hebt ook een persoonlijk tijdsmechanisme. U hebt bijv. een periodiciteit, van hoge en lage activiteit, u hebt ritmen van levenskracht. Wanneer je die dingen gaat bekijken, dan blijkt dus dat bijv. uw eigen tijd helemaal niet synchroon behoort of behoeft te lopen met de zonnetijd of met de klokkentijd. Er zijn grote verschillen aan te wijzen. Er zijn mensen bijv. die pas werkelijk tot leven komen tegen de tijd dat anderen uitgeput van het werk komen. Die hebben een top, die dan meestal in de nachturen ligt, het zijn dan ook vaak zeer kinderrijke mensen. Anderen daarentegen staan juist weer helemaal uitgeslapen op, en die zijn ‘s morgens ontzettend actief, na de middag neemt het al een beetje af, en ‘s avonds zijn ze werkelijk niets meer waard. Dat zijn TV‑kijkers.Hoe komt het dat deze ritmen bestaan en wat is de zin er van? Want we kunnen dergelijke ritmen - dat wil ik er nog bijzeggen - aantonen o.a. voor bewegingen in de aarde, actieve vulkanische en andere activiteiten. We kunnen het zelfs zien in de verplaatsing, niet in de richting, maar de verplaatsing van de optimale jet-stream in de stratosfeer.Tijd is een ervaringswaarde; dat we haar tot een meetbare waarde hebben gemaakt, is te danken aan een overeenstemming die de mensen onderling hebben getroffen. Daardoor kun je tellen in uren, maanden, dagen, jaren, zo heb je dus een vaste maatstaf. Die maatstaf is echter niet gelijk aan die van de natuur. De natuur kent die regelmaat niet. Om u een paar voorbeelden te noemen; men zegt: we hebben astrologisch gezien verschillende tekens aan de hemel, we hebben een vissentijdperk en dat duurt dan één-en-twintighonderd honderd twee en zeventig jaar, en dan komt er een Aquarius tijdperk van .…., niets van waar, dat nemen we aan. In werkelijkheid echter zijn het tekens die maar een heerschappij kennen aan de hemel van ongeveer 1300 jaar. En er is eens in de zoveel tijd een situatie, waarbij één sterrenbeeld meer dan 3000 jaar de zon regeert, zoals dat heet. Dus wat wij allemaal berekenen, en met gemiddelden proberen te doen, is niet juist, is niet waar.

Wanneer we kijken naar de energieën die een rol spelen bij al die verschijnselen, dan blijkt dat ze samenhangen met drie factoren.

 
  • de eerste is levenskracht,
  • de tweede is in feite een bewustzijnswerking en
  • de derde is afhankelijk van stralingen, of als je het anders wil zeggen, van velden, die doorsneden worden door een of andere beweging.

 Wij zelf zijn levensenergie. Zij blijkt te bestaan uit een voortdurende wisselwerking met de buitenwereld, waarvan echter het ritme bepaald wordt door ons eigen bestaan, maar ook onze wijze van leven en reageren.Waarnemingstijd of bewustzijnstijd, afhankelijk van ons vermogen om gegevens van buitenaf op te nemen, en de hoeveelheid die we “per waarneming” als afzonderlijke waarden in onszelf kunnen verwerken. Hoe minder we dus waarnemen, hoe vlugger de tijd schijnt te gaan. Hoe meer we waarnemen, hoe langzamer de tijd schijnt te gaan. Dat is alleen niet waar als je op kantoor zit, want dan blijkt dat concentratie op één punt een tijdelijke ver­suffing van het tijdsbewustzijn teweeg kan brengen, zodat de laatste drie minuten voor vijf dan wel een paar kwartier schijnen te duren.Wanneer we kijken naar die doorsnijding van velden dan zitten we met een grote moeilijkheid. Het is voor de mensen niet helemaal voorstelbaar hoe het zich allemaal afspeelt. Oh ja, we weten, de aarde heeft een magne­tisch veld. Dit magnetisch veld vertoont een interactie ten aanzien van de magnetische velden van andere roterende massa's in de omgeving, zijnde de planeten en de zon. Het geheel bevindt zich bovendien op een baan door de ruimte, waarbij bepaalde delen van de ruimte soms stofwolken bevatten, in andere gevallen magnetische velden, vaak omschreven als magnetische stormen wanneer ze zich verplaatsen, en in weer andere gevallen hebben we te maken met velden van zeer hoge straling, waarbij we dus zeer harde straling in grote hoeveelheid aantreffen in een bepaald deel van de ruimte.De wijze waarop die energie-uitwisseling tussen die velden plaats vindt heeft op het gehele verloop der dingen, dus op het tijdsbesef, invloed.Ik ben begonnen met een heel klein beetje verwrongen Einsteiniaans denken, door te zeggen: wanneer een massa zich met de lichtsnelheid beweegt, is zij een absolute en totale massa geworden, die in haar massaliteit gelijk is aan de totaliteit van het Al, en daardoor niet meer in staat een tijdservaren op te brengen. Ja natuurlijk, als alle invloeden gelijktijdig werkzaam zijn, ontstaat stasis, stilstand. Waar geen uitwisseling van energie is, ontstaat stasis. Waar geen uitwisseling van energie mogelijk is, ofschoon potentieel aanwezig is, ontstaat eveneens stasis.Dus met andere woorden: tijdservaren, maar zelfs ook onze persoonlijke tijd, onze bio-ritmen zijn meer afhankelijk van die invloeden buiten ons, we kunnen ons daar niet van losmaken. Het resultaat is, dat tijd voor ons een beetje mysterieus begint te worden, en dat we ons afvragen moeten we ons daar werkelijk mee bezig houden?Wanneer tijd ervaring betekent, en ervaring tijdsbesef, dan is onze bewustwording iets wat het beste in tijd kan worden uitgedrukt. En dan komen we tot denkbeelden als bijv. de levensspiraal, die dan, vele levens lang, soortgelijke omstandigheden doet ontstaan. Maar bij elke vernieuwing komt men steeds weer een slag dichter bij de werkelijkheid, die dan in het middelpunt gelegen zou zijn. Een zeer interessante stelling natuurlijk, en voor een deel waar. Maar als je dat goed uitrekent, dan gaat dat niet over één leven maar over vele levens. Want steeds weer terug komen op hetzelfde punt, wil ook zeggen: terugkomen op het punt van geboorte. Wanneer je sterft betekent het terugkomen op een punt van sterven. Maar de afstand tussen beiden zou steeds kleiner worden terwijl het bewustzijn groter wordt. En dat zou dan in tijdservaren impliceren dat het leven langer schijnt te worden terwijl het gemeten in de totaliteit, als afgelegde afstand, kleiner wordt.Dan gaan we nu eens kijken aan onze kant. Aan onze kant is tijd zuiver een bewustzijnskwestie. Zover we weten, we weten ook niet alles, wordt geestelijk tijd bepaald door een opeenvolging van ervaringen. Eén ervaring, is in zichzelf tijdloos. Komt er een tweede, en ontstaat er dus een reactie tussen één en twee, dan ontstaat in ons tijdsbewustzijn.Maar wanneer wij naar uw wereld kijken dan kunnen we ons in een zekere zin losmaken van de gang van uw eigen wereld. We nemen daar een bepaald brandpunt en daar houden we ons aan vast. En wat ontstaat: een schijnbare tijdloosheid. Er is wel tijd, maar tijd is plotseling een afleesbare dimensie geworden. Er is een soort liniaal, en je kunt dus zeggen: hé, daar zit een keep tussen de 23ste en de 24ste tiende centimeter. Dat klinkt een beetje waanzinnig, maar het betekent wel dat we kunnen voorspellen.Alleen, wanneer we dat doen, dan blijkt de moeilijkheid weer te zijn dat wij het tijdservaren van de mens, en daarbij niet in kunnen rekenen, alleen de veranderingen van een bepaald brandpunt. Onnauwkeurigheid in voorspellingen die op tijd lopen, komt dan ook regelmatig voor, tenzij andere controlerende factoren mede gebruikt kunnen worden. Hier hebben we te maken met tijd als een dimensie zeg maar, een afmeting. Op die afmeting kunnen we bepaalde processen lezen, zover zij materieel zijn. Het blijkt dat we zelfs de astrale aspecten op deze schaal niet meer kunnen aflezen. Hier zijn variabelen aanwezig. Komen we op zuiver geestelijk gebied dan blijkt dat die hele tijdsrekening nil en niets is. U ziet: we worden steeds geheimzinniger.Wanneer je nu bezig bent om al die dingen met elkaar te vergelijken, dan is de eerste conclusie waartoe je komt, vreemd genoeg: tijd is in feite een bewustzijnsdefinitie, niet een reële factor. Het is de benoeming van een aantal factoren die elk afzonderlijk, en in hun verhoudingen, niet kunnen worden beseft, dan alleen in de inwerking die ze op ons hebben. En dan ga je je afvragen: hoe zit dat nou bijv. bij reïncarnaties? Zou je terug kunnen keren in het verleden? Vanuit de theorie die wij hebben opgebouwd, moet dat mogelijk zijn.Dus: vandaag bent u bezig met allerhande wijze begrippen, en u reïncarneert, maar u voelt zich tot die begrippen aangetrokken, dan bestaat de mogelijkheid dat u terecht komt in een tijd, die voor u vandaag al ver in het verleden ligt. En dan heeft u kans dat u met uw zelfde verlichte idee op de brandstapel komt, en gaat u een tijd verder vooruit, dus in uw toekomst, en u incarneert daar, dan kunt u met diezelfde achtergrond misschien juist een groot filosoof of een grote idioot worden. Het verschil tussen deze beiden is n.l. nooit helemaal te definiëren. Een filosoof is een denker die op grond van enkele hem bekende feiten een reeks theorieën opbouwt die schijnbaar het Al omvatten, zonder dat ze echter gebaseerd zijn in een totaliteit, maar alleen in enkele feiten. En een idioot is iemand die zijn eigen denkbeelden neemt en denkt dat de hele wereld er aan onderworpen is. Ze hebben dus veel gemeen.De incarnatiecycli waarmee u te maken krijgt, zijn ook alweer zoiets. Hoe komt het bijv. dat mensen die in een bepaalde periode hebben geleefd, en meestal nog niet eens in het zelfde land, een volgende keer weer op aarde komen juist wanneer daar, terwijl ze ook weer verspreid neerkomen, een totaal andere ontwikkeling plaats vindt? Ja, het is uit het bewustzijn makkelijk te verklaren. Er is een déficit in de ervaring die zijn leven heeft meegebracht. Er zijn misschien daarnaast spanningen die niet geheel ver­werkt zijn. Men incarneert weer en komt dan terecht in een tijd waarin al die dingen wel te verwerken en wel te gebruiken zijn. En mogelijk ook, zover het het déficit betreft, te overwinnen is. Dat is, dacht ik wel juist.Maar hoe komt het dan, dat dat in een gelijke tijd gebeurt? Omstandigheden zijn toch zeer gevarieerd op de wereld? Heel waarschijnlijk zit er ook in het bewustzijn een cyclus. Ook daar zijn er bepaalde perioden nodig, gemiddeld, om het bewustzijn te bereiken van waaruit men eventueel tot reïncarnatie kan besluiten. En als dat zo is moet er dus een gemeenschappelijke tijd bestaan in de geest, die echter in het normale leven in de sferen niet constateerbaar is.Dan kunnen we heel filosofisch worden en zeggen: ja, wat wij tijd noemen, is de ademhaling van God. Kan, ik weet het niet. Ik weet niet eens of God ademhaalt. Maar je kunt het zo zeggen, de moeilijkheid is echter weer dat we ons daarbij laten verleiden een ver­klaring te vinden, die in genedele controleerbaar is. Maar voor onze be­wustwording is een mate van controle noodzakelijk. Dus als wij ons bezig houden met het mysterie tijd dan is het niet voldoende om te denken aan Kronos, die zijn eigen kinderen verslindt, of om te denken aan een God die­ alle dingen voortbrengt of instandhoudt. Dan moeten we proberen voor ons zelf aan te duiden: wat bepaalt dit aspect tijd?Dan blijkt dat voor mensen tijd heel vaak, als ervaring, een zeker contact heeft met reactie‑snelheid. Hoe sneller je reageert, hoe meer ervaringen je opdoet en hoe meer tijd je schijnt te hebben. Verder blijkt dat een mens die zijn aandacht verdeelt de tijd anders ervaart, dan een mens die geconcentreerd op één punt bezig is. Dit pleit er voor dat onze tijdsbeleving bepaald wordt door ons zelf, onze eigen instelling. Dan kan het geen algemeen geldende factor zijn, en dan zou het een factor zijn die afhankelijk is van degene die zich in het bestaan beweegt. Ik hoop dat u deze laatste conclusie kunt aanvaarden. Het is zeker niet de uiteindelijke conclusie, die kan ik ook niet trekken.Dan krijgen we verder nog een heel ander punt in tijd. Op het ogenblik dat wij de tijd beschouwen als een lijn, datgene wat in de geest dus en we ons ook realiseren dat elke mogelijkheid een keuzemoment is. Elk keuzemoment geeft echter het bestaan aan van afwijkende tijdslijnen of lotslijnen. Daar waar die afwijking plaats vindt, nemen wij dan maar aan dat onze lijn de hoofdlijn is, en dat al dat andere in het niet verdwijnt, maar is dat wel zo? De mogelijkheden blijven bestaan, ze kunnen beseft worden, dientengevolge zijn ze ergens werkelijk, alleen niet voor ons, het probleem dat je krijgt wanneer je spreekt over parallelle werelden bijv., is in feite het probleem van verschillende ontwikkelingen die gemeenschappelijke raakpunten hebben, en zeer waarschijnlijk een gemeenschappe­lijk beginpunt. Laat ik het zo zeggen: in de laatste wereldoorlog was het niet slagen van Peenemünde uiteindelijk bepalend voor het eindresultaat van de oorlog. Stel nu dat één of twee, mensen een andere beslissing had­den genomen, dat Peenemünde had gefunctioneerd, dan zat u nou allemaal te huilen. Dan was de hele wereld een Heilanstalt geworden. Maar dan is er dus een mogelijkheidsreeks waarin Duitsland overwint, zoals er een mogelijkheidsreeks moet zijn waarin Nederland nog steeds Nederlands‑Indië be­heert. En misschien ook Engeland nog India. En waarbij dus koloniale verhoudingen bestaan, met heel andere problemen dan nu met alle Derde Wereldlanden. Men noemt dit parallellen, omdat ze vaak maar in heel kleine aspecten verschillen. Wat is nu werkelijkheid?Werkelijkheid is datgene wat wij beseffen. Elke parallelle tijdslijn bestaat als mogelijkheid, maar is en blijft voor ons alleen droombeeld. Want we moeten onze werkelijkheid ergens definiëren en dat moeten we van onszelf uit doen. Maar als we van uit onszelf de werkelijkheid definiëren, dan is ook de tijd zoals wij die beleven voor ons realiteit. En of wij dan veel af kunnen doen in een periode waarin een ander maar weinig tot stand brengt, zegt verder niets, het kan heel goed zijn dat die ander ijveriger is dan wij, naar dat ie voor zichzelf een andere tijdsfrequentie heeft.We kunnen moeilijk oordelen en beoordelen. 'We kunnen het alleen doen vanuit algemene waarden’. Die algemene waarden, daar zullen we het over eens zijn, zijn voor driekwart illusie. Ik ben geneigd om te stellen dat tijd, anders dan die welke door de natuur in de wisseling van licht en duister bepaald wordt, voor de mens in feite illusoire waarden omvat en door de mens nooit als een concrete realiteit gehanteerd kan worden, tenzij door onderlinge afspraken en goedvinden.Als ik dat zeg dan moet ik er automatisch aan toevoegen dat dus een mens die een ander tijdsbesef heeft, de mogelijkheid kan bezitten om vele geslachten lang de hele geschiedenis op te sommen. Er is een bekend ver­haal van een of andere bosneger, ik weet niet precies meer welke, die met blanken in aanraking kwam en hen heel rustig alles wist te vertellen over voorvaderen die geleefd hadden ergens in de tijd van de Farao's, en alle tussenliggende fasen. Voor die man was dat gewoon. Hij was er, de rest kwam daar uit voort, dat was een continuïteit.Diezelfde man maakte het was toen bij het uitbreken van de eerste wereldoorlog, plotseling de opmerking tegen de blanke die er bij was, dat er veel licht, donder en veel doden en bloed waren in zijn vaderland. Klopte inderdaad, het was n.l. een fransman. Kijk, wat was hier aan de gang, kennelijk was het bewustzijn van die mens niet beperkt tot eigen ervaring. Tijd was voor hem iets waartoe hij toegang had. En ook ruimte was niet iets wat alleen bepaald werd door zijn eigen aanwezigheid, maar door zijn belangstelling, waardoor hij alle factoren uit de ruimte kon opvangen, die op één of andere manier met zijn hui­dige beleving contact hadden. Dan valt daarmee het hele beeld van vaste waarden weg. Dan zitten we opeens te kijken naar een wereld waarin elk mens eigenlijk in een eigen tijdsritme leeft. Wij beoordelen dat aan de hand van gemeenschappelijke afspraken, maar wij kunnen niet zeggen dat een mens die vijf jaar leeft, minder heeft door­gemaakt, minder ervaring heeft opgedaan, dan iemand die 100 jaar leeft.We denken het, omdat we uitgaan van onze eigen maatstaven. Maar als we dan gaan kijken in een geestelijke wereld en we zien dat er daar zijn die eigenlijk alleen incarneren om de prenatale periode, om een kort ogenblik daarna te beleven, en dan weer rustig naar het geestelijk bestaan terugkeren, dan kunnen we toch zeggen; Ze hebben daar een totaal stoffelijk leven doorgemaakt, ook al het kennelijk vanuit de stof gezien, beëindigd voor het begon.Het maakt het erg moeilijk om met tijd op te lossen; er zijn zoveel verschillende factoren, zoveel verschillende waarden die een rol spelen, dat je op een gegeven ogenblik zegt: moeten we dan maar niet een willen groot uurwerk maken en zeggen: dat is de werkelijkheid? Of misschien moeten we dan wat wetenschappelijker zijn, en dan hebben we het bijv. over het atoomverval. Wanneer we rekening houden met het verval van een radioactief element, dan kunnen we op grond daarvan een zeer definitieve tijdsberekening maken. Dat is waar, voor ons.Maar weten wij wat de tijd is voor die elementen die dan worden af­gestoten? Zijn misschien die atomencomplexen, zo simpel als ze zijn, hele werelden met een zon, met bewoonde planeten, die een hele ontwikkeling van ontstaan tot vergaan doormaken in iets wat voor ons een honderdste seconde is? Wanneer we teruggrijpen naar die beginstelling waar ik mee geopend heb, dan zou dat wel begrijpelijk kunnen zijn. De massa is ontzettend klein, dan zou dus de tijd ontzettend snel moeten zijn. Maar hoe zouden diegenen die daar in leven, die tijd ervaren? Het is onvoorstelbaar. Wij denken dan automatisch aan een oneindige versnelling van alle beweging, maar misschien is er helemaal geen beweging, is er heel iets anders. Daarom is al het speculeren over het mysterie tijd uiteindelijk alleen maar een poging om je zelf te oriënteren in je eigen wereld. Dat kunnen we gemakkelijker doen. Laat me u deze regels voorstellen: tijd is niet datgene wat door de klok wordt aangeduid, maar datgene wat mijn eigen belevingsmomenten, zoals ik die registreer, aaneenrijt. Het is een volgorde.In de tweede plaats: door innerlijke concentratie ben ik in staat om de tijd te rekken, of te doen smelten, wanneer ik ze vergelijk met de buitenwereld. Ik heb een zekere beheersing over het element tijd, dat heb ik zowel ten aanzien van mijn eigen lichaam, mijn eigen geest, als mijn eigen bewustzijn. Door op de juiste wijze daar gebruik van te maken kan ik in zeer korte tijd een enorme ontspanning ondergaan, ik kan zelfs als het ware volledig uitrusten, in iets wat voor anderen maar 5 minuten lijkt. Ik kan op grond van diezelfde mogelijkheid in een zeer korte periode grote hoeveelheden levensenergie opnemen, en verwerken, en daardoor mijn eigen vitaliteit op de juiste momenten enorm opvoeren.Tijd als een persoonlijke waarde en als je bewust genoeg bent, een persoonlijk beheersbare waarde, betekent eenvoudig een veel grotere beheersing over jezelf, maar ook over je relatie ten aanzien van de wereld. En dat houdt in dat we ons beleven voor een heel groot gedeelte zelf in de hand hebben. Niet alleen wat betreft onze energie, maar ook ons vermogen om details waar te nemen, ons vermogen om details samen te voegen, en zo totaalbeelden te krijgen die veel meer inhouden dan een gewoon mens beleeft. We zijn in staat op grond van diezelfde waarden en gevoelens terug te keren in onszelf en daar het geheel van ons bewustzijn af te lezen, inclusief vaak het geestelijke, en de waarde daarvan samen te voegen tot één onbewuste factor, die dan gelijktijdig richtinggevend wordt in ons stoffelijk bestaan wanneer we op aarde leven.En daar zit dacht ik het belangrijkste punt van het mysterie tijd. We kunnen haar niet omschrijven, maar we weten dat ons tijds‑ervaren een beheersbare factor is. We weten dat we deze factor niet alleen kunnen gebruiken om ten aanzien van een ander wat sneller of wat trager te reageren, maar het ook kunnen gebruiken om in onszelf processen aanmerkelijk sneller of trager te laten verlopen dan bij anderen het geval is. Dan mag die tijd een mysterie zijn, maar ons vermogen om ons te concentreren, maakt haar tot een verschijnsel dat beheersbaar is.Het is deze beheersbaarheid bovenal die van belang blijft. Een mens die in staat is op het juiste ogenblik zijn bewustzijn als het ware meer tijd te geven, kan zoveel details waarnemen in een zeer kort ogenblik, dat hij daardoor in één ogenblik meer leert dan een ander in een jaar. En wij kunnen wanneer de wereld onbelangrijk is, één onderwerp, één denkbeeld ne­men en ons daarin zozeer verdiepen dat het ons lijkt of de tijd stilstaat. En daardoor kunnen we een intensiteit van innerlijk beleven, en een bena­dering van onze eigen innerlijke waarheid bereiken, die zonder dit voor ons eenvoudig maar een droom zou blijven.­Mijn eindconclusie van deze inleiding luidt dan ook: er zijn vele factoren die met tijd samenhangen, wij kunnen die niet volledig verklaren. Een absolute omschrijving geven van al datgene wat het verschijnsel tijd tot aanzien brengt, bestaat niet, maar in ons zelve kunnen wij de tijd als het ware manipuleren. Ons bewustzijn geeft ons de mogelijkheid de waarde van de tijd uit te schakelen, terug te draaien, vooruit te spoelen. Het geeft ons de mogelijkheid zowel voor lichaam als geest, bepaalde processen versneld door te maken. Of processen af te maken. Het is in deze kwaliteit dat wij het mysterie tijd kunnen hanteren, dat we er mee kunnen werken en daardoor kunnen bereiken.Wanneer u uit dit alles alleen maar hebt gedestilleerd dat u door concen­tratie op de juiste wijze uw waarnemingsvermogen, uw belevingsvermogen en zelfs uw vermogen om door te dringen tot de kern van eigen wezen en bewustzijn kunt veranderen, dan hebben we iets bereikt. Want dit is de kern die voor ons belangrijk is. Laat voor de rest de tijd maar de wind van het gebeuren zijn, die ons voortjaagt. Het hindert niet, zolang wij in ons zelf de schuilplaats kunnen vinden voor de krachten die ons schijnbaar voortdrijven, en gelijktijdig in ons het vermogen kunnen vinden die krachten zo te ontleden dat we ze kunnen gebruiken om in de door ons ge­wenste richting verder te gaan.

Dat is alles wat ik u als inleiding ter overweging wilde geven.

 

DISCUSSIE.

 

v      Een aarde is toch een brok dezelfde materie, of ontstaan bij deze parallelwerelden ook nieuwe materiële werelden?

Daar is geen antwoord op te geven. De vraag is n.l.: wat is materie? Ma­terie is een samenhang van energie, in een bepaalde vorm die wij als materie ervaren, en overal waar energie is kan dus materie zijn.

 

v      Monrou, de man die zijn eigen uittredingservaringen beschreef, vertelde dat hij in een uittreding met een andere ‘Zelf’ werd geconfronteerd, le­vende in een wereld waar minder materiële vooruitgang was. Zou dit een parallelwereld kunnen zijn?

Het is mogelijk, maar het is waarschijnlijker dat hij geconfronteerd is met een deel van zijn eigen verleden. Een verleden dat dus een periode terug ligt, waardoor de verschillen hem sterk opvielen.

 

v      U sprak over de theoretische mogelijkheid van het incarneren in het ver­leden. Is dit praktisch ook mogelijk?

Zover mij bekend: ja! Het schijnt zo te zijn dat er inderdaad mensen zijn geweest die terug zijn geïncarneerd en die dus eigenlijk de cirkel van de tijd met een enorme snelheid hebben afgelegd en daar zijn geland, een tijdje voor het punt van vertrek. Daar komt het eigenlijk op neer.

Het schijnt een soort kringloop te zijn. Het zijn er niet veel overigens. Ik heb bijv. horen zeggen, neemt u me niet kwalijk, dat de meeste belastingambtenaren vroeger Korsaren zijn geweest, of zeerovers en dergelijke mensen. Maar dat zou ook kunnen zijn dat zij, door hun frustraties in het heden geleid, terug zouden gaan om daar een dergelijk beroep op te vatten.

 

v      Wat ik meen te willen bereiken in het leven, is dat voor een geest te zien als een reeds bereikt iets? En hoe zit dit, de geest zegt: dit en dat gebeurt met je. Daar kan ik toch ook van afzien?

Ja natuurlijk, er is geen bindende voor de toekomst, zover het uw ervaren betreft. Je ervaren hangt weer samen met bewustzijn, zodat ten aanzien van uw bewustzijn of bewustwording nooit iets met algehele zekerheid is te zeggen. Elke voorspelling op de toekomst, waarbij mensen betrokken zijn, enkelingen of zeer velen, berust op aanname dat een rechte lijn van ontwikkeling gevolgd wordt zonder grote afwijkingen van de nu bestaande gerichtheden. Op het ogenblik dat dat wel plaats vindt, is de voorspelling dus onjuist. Bij een eenling is de kans dat dit ge­beurt aanmerkelijk groter natuurlijk dan bij een massa.

 

v      In uw betoog stelde u dat tijd een verschijnsel is dat onverbrekelijk verbonden is met de stoffelijke materiële wereld. Kan men stellen dat het aan de mens gegeven is het tijdloze, waaruit deze stoffelijke wereld is voortgekomen, in zijn denken, bewust te ervaren?

Ja, het is mogelijk om je eigen bewustzijn los te maken van alle ik-voorstelling, en binding met het ik, zoals die normaal bestaat. Op dat ogenblik betreedt je een andere werkelijkheid, en die werkelijkheid kun je misschien het beste omschrijven als een enorme energie waarin je je bevindt, waarvan je misschien ook deel bent, en waarin je dus allerhande krachten en een totaal weten schijnt te ervaren, waarvan je dan later, terugkerend naar je eigen toestand en wereld, maar een heel klein beetje kunt meenemen, en dan is het meestal nog erg verward.

 

v      Wat gebeurt er met de mens als hij het tijdloze volledig ervaart in zijn bewustzijn?

Dat is gewoon niet te zeggen. Wat gebeurt er met u als u uiteenspat in tienduizend deeltjes en toch blijft leven? Dat is ook niet te zeggen. Hoe denkt u dan, hoe ervaart u dan, daar zijn geen woorden voor. Weet u, de grote moeilijkheid is dat de mens altijd probeert om God terug te brengen tot een menselijk begrip, iets wat formuleerbaar is. Maar een contact met die totaliteit is niet formuleerbaar, omdat die totaliteit in menselijke taal en uitdrukkingsmiddelen niet eens benaderbaar is.

 

v      Ervaart menselijk bewustzijn elders in het heelal, tijd als een verge­lijkbare wijze als de mensen hier op aarde?

Een beetje moeilijk. In de eerste plaats wordt het tijdservaren stoffe­lijk sterk bepaald door de eigen bewegingsfuncties, door de planeet waarop ze leven, de massa van de sterren, de activiteit van die ster­ren en dergelijke. Dus er zijn wezens voor wie een dag iets is wat voor u een uur is. In het omgekeerde ook. Er zijn wezens die vanuit uw stand­punt zo vlug zijn, dat u ze niet bij kunt houden, ze zijn vlugger dan watervlooien. En er zijn anderen bij die zo traag zijn, dat u 20 keer om ze heen kunt rennen zonder dat zij ook maar een halve stap verder zijn gekomen. Een soort levende standbeelden. Voor henzelf is hun tijdservaren echter normaal.

Wanneer je het geestelijk wilt zeggen zou ik zeggen: ja, er komt een ogenblik waarop tijdservaren voor ons allemaal ongeveer gelijk wordt, omdat tijd een beheersbare factor is en een functie van ons bewustzijn, en dus niet meer iets wat door stoffelijke of lichamelijke omstandigheden bepaald wordt.

 

v      Hoe is het tijdloze precies aanwezig in de stoffelijke schepping?

Het is er de grondstof van. Het tijdloze is een energie, die in zeer vele verschillende vormen kan optreden, waarvan de ene vorm kan veranderen in de andere vorm, maar die in wezen altijd zichzelf gelijk blijft. En overal waar energie is, onverschillig van welke aard, is het tijdloze gelijktijdig aanwezig.

 

v      Kan het tijdloze ook collectief ervaren worden door de mensheid?

Ik betwijfel het, maar misschien ben ik te pessimistisch. Ik geloof n.l. dat de mens altijd weer behoefte heeft aan het projecteren van een beeld dat met zijn eigen wereld en zijn eigen persoonlijkheid overeenkomt. Dat wil zeggen dat hij steeds een betrekkelijk klein deel van het tijdloze als Al-bepalende werkelijkheid wil zien. Daardoor ervaart ie echter het geheel niet. En aangezien een massa natuurlijk nog veel meer van al die verschillende benaderingen en voorstellingen en projecties met zich zal brengen, acht ik de kans dat daarin het totale ervaren optreedt nog aanmerkelijk kleiner.

 

v      Zou men kunnen zeggen dat als een mens het tijdloze ervaart, dat ie op dat moment ook deel van het tijdloze is?

Ja, dat zou je kunnen zeggen. Je zou het misschien anders moeten uit­drukken. Wanneer een mens het tijdloze ervaart, houdt hij op als zich­zelf te bestaan, tot het ogenblik dat hij terugkeert om te constateren dat hij het ervaren heeft.

 

v      Een stelling, van waarschijnlijk Aart v.d. Leeuw, de werkelijkheid is geen entiteit die kan worden gemeten naar een ervaring die moet worden beleefd. Deze stelling wijst op een andere afgeleide menselijke voorstelling van tijd, n.l.: de werkelijkheid. Moet niet de vraag naar de tijd eerder zijn, waarom de mens tijd van andere werkelijkheid gescheiden wil ervaren?

Ja, ik heb al geprobeerd dat in mijn inleiding een klein beetje te verduidelijken. Misschien ben ik er niet in geslaagd. De stelling op zichzelf is geheel waar. De werkelijkheid is tijdloos. Maar de tijdloosheid omvat elke voorstelling die in de tijd beleefd kan worden. Als zodanig is de tijdloosheid gelijktijdig de totaliteit van alle mogelijkheden en alle vormen waarin de kracht die het tijdloze bezit, zich zou kunnen manifesteren.

 

v      Hoe groot is de invloed van een in bijv. hypnose beleefde progressie op de nog te beleven toekomst?

Een reëel antwoord is niet mogelijk. Je zou kunnen zeggen dat wanneer we te maken hebben met een regressie we geconfronteerd worden met delen van ons verleden, waardoor het heden misschien gemakkelijker te begrijpen en te aanvaarden valt, en dat betekent dan dat we in het heden bewuster verder kunnen gaan. Maar wanneer we geconfronteerd worden met een progressie, dus datgene wat nog niet waar is, kunnen we dat het in onszelf terug vinden, omdat wij dit bewustzijn door beleving nog niet geheel hebben verkregen. Het enige gevaar daarbij is dat we ons dan een onvolledige voorstelling maken van een toekomstige ontwikkeling, en daarnaar strevende, de feitelijke ontwikkeling onmogelijk maken.

 

v      Hoe kunnen we heel praktisch ons tijdsbesef stoppen, of veranderen, om te komen tot een meditatie of helderzien in tijd?

Ja, dat hangt natuurlijk ook weer sterk van u zelf af, maar een van de meest eenvoudige methoden die ik ken, is je te concentreren op een enkel voorwerp, de vlam van een kaars bijvoorbeeld. Een lichtreflectie, optische waar­den zijn over het algemeen voor de meeste mensen de best bruikbare.Maar je kunt ook gebruik maken van een eentonig ritme of een eentonige muziek, waar u zo naar blijft luisteren, dat u vergeet wat er verder is, komt of is geweest. Het is dus een concentratie op één punt. Dan komt er een ogenblik dat dat punt zelf zijn belangrijkheid verliest en dan bevinden we ons in een toestand van zekere tijdloosheid, waarin dus al datgene wat we waarnemen weer gerangschikt moet worden. Wanneer we nu in die periode alleen alles op ons toe laten komen, en proberen het te re­gisteren, dan zullen we later, wanneer we dus uit die tijdloosheid ont­waken, de neiging hebben om alles in een zekere volgorde in te delen.

Die volgorde is dan niet altijd juist, maar over het algemeen zit er een lijn in, die toch wel aan de werkelijkheid van andere mensen tegemoet komt.

 

v      Tijd hangt samen met ons subjectief beleven van dit nulpunt in tijd en ruimte. Is dan kosmisch bewustzijn mogelijk door ons uit dit nu uit te­ breiden, door dit punt van besef groter te maken? Zo ja, hoe?

Dit laatste is een proces dat wij in de geest wel zien, maar waarvan ik eerlijk gezegd niet zou weten of het in de stof gemakkelijk bereik­baar en toepasbaar is. Er is hier n.l. voor nodig dat je steeds meer dingen in je begrip als deel van jezelf gaat beleven. Maar dat houdt gelijktijdig in dat je ik‑begrip zich sterk wijzigt en op den duur ge­heel vervaagt in een soort agglomeratiebesef.

Dit noemen wij dan een bewustwording en door het grotere gebied, dat je als het ware als deel van het ik omvat, zijn gebieden te benaderen en te begrijpen die je anders eenvoudig niet eens opmerkt. Dat is dus geestelijk het geval. Ik denk echter niet dat het stoffelijk gemakkelijk haalbaar is. In de materie lijkt mij het hoogst haalbare een tijdelijke, Gods‑beleving of een tijdelijke toestand van verrukking, waarin die beleving weliswaar voorkomt, maar niet continu naar het bewustzijn kan worden over gedragen.

 

v      Hoe groot is de mogelijkheid dat ook deze incarnatie voor iemands persoonlijkheid in het verleden ligt op de door hem al beleefde tijdslijn?

Wanneer we uitgaan van een tijdslijn dan moeten we zeggen dat elke in­carnatie gelijktijdig in het verleden en in de toekomst ligt, omdat het sterk afhankelijk is van het punt waarop wij de tijdslijn beschouwen. We zijn het geheel van alle incarnaties en dus niet slechts de incarnatie die we nu op dit moment beleven. Zou je, dan toch een onderscheid willen maken dan zou ik zeggen: alle bewust beleefde incarnaties tezamen vormen de basis van begrip waardoor verdere incarnaties gemakkelijker kunnen worden opgenomen, geabsorbeerd en verwerkt.

 

v      Als we ons tijdsbesef veranderen, verandert het trillingsgetal van ons wezen ook? En hoe blijvend?

Als u uw tijdsbesef blijvend kunt veranderen, zal uw uitstraling, en daarmee ook datgene wat u trillingsgetal noemt zich daarbij aanpassen. Hoe blijvender dus, hoe blijvender de verandering van uw uitstraling. Over het algemeen echter zullen we zien dat alleen in bijzondere toestanden, waarin men de tijdloosheid voor een ogenblik ondergaat, de uitstraling zich sterk wijzigt. Hij is dan eigenlijk gelijktijdig een bescherming tegen allerlei invloeden die je op je eigen niveau, je anders zouden kunnen bereiken.

 

v      Vanuit een vliegtuig verloopt de tijd langzamer dan op de grond. Hoe werkt dit tijdmechanisme?

Ik geloof niet dat het helemaal juist is. De tijd zoals mensen die me­ten, blijft wel dezelfde, maar doordat de tijd gerekend wordt in een zonneomgang, gemeten vanaf één enkel punt op aarde, zal een ieder die zich op aarde verplaatst ogenblikken bereiken waarop de dag korter of langer is geworden dan normaal. Dus wanneer u de zon tegemoet wandelt, dan wordt uw tijd korter. Loopt u van de zon weg, dan wordt uw dagtijd langer. Alleen op kleine afstanden bemerkt u het niet. Wanneer u met een vliegtuig bezig bent dan werkt dat wel, omdat u een grote snelheid hebt en een langere tijd achtereen met die snelheid u verplaatst. Maar het betekent geen verandering van de tijd.

Er is zelfs in de luchtvaart nog een ander ding te constateren, n.l. dat uw persoonlijk tijdservaren zich niet aanpast aan het zonne­tijdservaren op de plaats van aankomst, maar zich langzaam daaraan moet aanpassen. Het welk bewijst dat u een innerlijke tijd hebt, die door het vliegen niet zonder meer wordt aangepast maar wel door het langer leven onder condities, die afwijken van uw normale tijdsbeleving.

 

v      Als men twee atoomklokken vergelijkt, eentje op vliegtuig en eentje op aarde, dan verloopt de tijd in het vliegtuig langzamer. Wat bewerkstel­ligt dan dat dat langzamer gaat lopen als het ware?

Nou, dat is bij een atoomklok betrekkelijk eenvoudig. Het is n.l. zo dat de relatie ten aanzien van de aarde en het aardmagnetisch veld dan veranderd is en dat het snijdingselement van krachtlijnen is toegeno­men. Dat heeft mede te maken met de omlooptijd van de kleinste delen rond hun kern, en zou als zodanig een versnelling of een vertraging teweeg kunnen brengen van de baanverspringing en eventueel de uit het totale banenstelsel uitscheidende deeltjes uw atoomsplijting, als u het zo wilt noemen, zij het een zeer trage, wordt dus dan bespoedigd of afgeremd, en dit hangt samen met de wijze, waarop u zich verplaatst, omdat n.l. in een oost‑west of west‑oost-verhouding de tijd anders zal veranderen ten aanzien van de klok op aarde, dan wanneer u dat in een noord‑zuid-verhouding doet.

 

v      Het bekende historische geval van twee engelse dames in de tuin van Versailles, waarbij zij als het ware terug verplaatst werden in de tijd, lijkt aan te geven dat stoffelijke tijdreizen tot de mogelijkheden behoort. Bestaat er zoiets als een tijdmachine?

In de boeken van o.m. F.G. Wells wel, maar een werkelijke tijdmachine? Op het ogenblik dat u volledig opgaat in een ele­ment van een andere tijd, ontstaat in u een situatie waardoor u tijde­lijk een deel van die andere tijd kunt beleven. Dit komt echter be­trekkelijk zelden voor, omdat maar heel zelden mensen ongedwongen, als het ware zich volledig zijn gaan bezig houden met iets in het verleden. Dan zien ze extra's, dingen dus die ze niet bekend waren en deze geven dan aan dat ze zich inderdaad in die tijd als waarnemer hebben bevonden.

 

v      Maar het is toch ook zo dat ze op een gegeven moment over een brug liepen in die toestand, die in het heden niet bestond?

Ja.

 

v      Dat wil dus zeggen dat ze zich stoffelijk ook in die tijd bevonden, klopt dat?

Dat wil zeggen dat ze zich bevonden in een toestand waarbij ze het verleden volledig waarnamen, en waarbij ze voor hun eigen ervaren, en dat zeg ik er nadrukkelijk bij, dus in dit verleden normaal stoffelijk konden reageren en handelen.

Dit houdt echter niet in dat dit zonder meer ook zuiver stoffelijk het geval is geweest. Om het anders te zeggen, ze hadden rustig om kunnen lopen zonder het zelf te weten.

 

v      Is een dergelijke toestand, zo'n beleving, ook op te wekken middels een hypnotische trance?

Theoretisch is het mogelijk. Of het in de praktijk mogelijk is, zou ik niet weten. Zover mij bekend is men daar nog nooit in geslaagd. Wel geestelijk teruggaan, maar niet in de volledige identificatie, met een andere tijdsperiode, waar men zelve normalerwijze dus niet aanwezig is geweest

 

v      Wanneer er parallelle werelden bestaan zullen er vele versies van één individu mogelijk zijn. Kun je daar contact mee maken?

Kunt u met u zelf contact maken? Ja, die andere versies van u zelf, zijn u zelf, Eerst op het ogenblik dat twee versies zich in één wereld bevinden, zou een contact mogelijk zijn, zelfs dan is het de vraag of het niet fataal zou zijn voor een van beide vormen.

 

v      Rudolf Steiner spreekt over het terugschrijden van de tijd, waarbij mogelijkerwijs kruismomenten kunnen plaatsvinden. Vindt er dan een interactie plaats?

Ja, het is heel moeilijk als je dat duidelijk wilt zeggen en niet alleen filosofisch. We hebben niet te maken met een vliedend Al, ofschoon dat alge­meen wordt aangenomen. We hebben in feite te maken met een ademend Al, d.w.z. dat het Al tijde­lijk krimpt, tijdelijk dijt. Daardoor ontstaan tegengerichte invloeden, die overigens op aarde eerst na duizenden jaren te constateren zouden zijn, o.a. in verandering van de roodshift.

Deze invloeden brengen op een gegeven ogenblik dus als het ware een veel compactere waarde uit het verleden terug in de tijd. Wij spreken dan over een knooppunt, of' kruispunt als u dat wilt, in de tijd, omdat hier de invloeden uit het verleden in het heden zeer sterk optreden, zonder dat verklaarbaar is waarom ze juist op dit ogenblik naar voren komen. Maar het blijft altijd nog je eigen wereld, je bent je van dat knooppunt niet zonder meer bewust. Ben je er geestelijk voldoende bewust van, dan kun je weten dat die invloeden in feite behoren tot een periode in het verleden, bijv. de Atlantische periode, of een periode van de Grieken, of de Romeinen Het is allemaal denkbaar maar over het algemeen zal de gewone burger er niets van merken, buiten dit ene, dat de gebeurtenissen, de wisselingen van denken, van humeur, van actie, zich opeen stapelen in een zeer korte tijdsperiode

 

v      Heeft u aanwijzingen hoe in je zelf te werk te gaan om de tijd beheersbaar te maken?

Ik heb daarvoor geen aanwijzingen omdat dit een resultaat is van uw eigen oefeningen, uw eigen geestelijke beheersing en uiteindelijk uw vermogen u los te maken van de ik‑voorstelling, zoals die nu bestaat. Hierdoor kunt u tot uw tijdsbeheersing komen. Wat betreft de beheersing van de stoffelijke tijd, die voor u wel soms mogelijk is, wil ik u de volgende punten geven:

Door zeer geconcentreerd met één onderwerp bezig te zijn, krijgt men een versnelling van de reactie op het punt van dit onderwerp, zodat in minder tijd meer bereikt wordt. Probeert u meer dingen tegelijk te doen echter, dan zal de verdeeldheid eigenlijk de tijd als het ware korter maken, voor uw ervaren. Het tweede punt waarvan ik u op de hoogte kan stellen, is: op het ogenblik dat uw gevoelsleven u zegt u te ontspannen, zou het beter zijn om dit te doen. Door deze relaxatie n.l., kunt u zeer snel energieën opdoen, terwijl u door toch verder te gaan, tegen dit gevoel in, over het algemeen meer van uw eigen levensenergie en beheersingsvermogen vergt dan eigenlijk verantwoord is.

 

v      Is die bereiking van verandering van tijd voor iedereen gelijk? En houdt dat in dat men zelf kan bepalen wanneer men zich van zijn stofjas kan ontdoen?

Uiteindelijk wel natuurlijk, dat laatste. Maar de vraag of dat voor iedereen gelijk is, daar is geen antwoord op te geven. Het zou voor iedereen gelijk zijn, indien iedereen gelijk ware, maar aangezien alle mensen anders zijn, en eigenlijk elke mens een klein beetje in een soort eigen werkelijkheidjes leeft, is hier geen gemeenschappelijke factor te geven.

 

v      Naar mate de tijd voortschrijdt, schrijdt ook het verouderingsproces voort. Kan men dit verouderingsproces vertragen of versnellen door bepaalde lichamelijke of geestelijke activiteiten? Lichamelijk misschien door gezond te leven, etc., maar hoe dient men zich geestelijk op te stellen?

M.a.w., hoe wordt ik oud door geestelijke oefeningen? Het is eigenlijk heel eenvoudig. Leef ontspannend, leef vandaag, houdt u niet te veel bezig met morgen, behalve met datgene wat onvermijdelijk is. Probeer elke dag steeds weer dingen te vinden waardoor u toch met uw leven tevreden, met uw toekomst harmonisch kunt zijn.

Wanneer u dit doet, vergroot u uw eigen levensenergie en u vermindert het verbruik van zenuwenergie. Het resultaat is dat uw lichaam gemakkelijker in goede staat blijft, terwijl u gelijktijdig geestelijk jonger blijft.

 

v      Het is toch bekend, dacht ik, dat sommige psychisch zieke mensen bijv. zijn blijven stagneren in bepaalde levensperiode, en dat die mensen ook zichtbaar die periode blijven vasthouden, als het ware; dat iemand er veel jonger uitziet dan die is.

Dat is heel begrijpelijk, omdat deze mensen leven in een toestand waarin één bepaalde periode bepalend is en de werkelijkheid voor hen geen aantasting meer betekent van het persoonlijkheidsbeeld.Je kunt 1000 jaar oud worden. Er zijn wel mensen die dit hebben ‑ ik weet niet waarom -, maar ze hebben het gedaan. Er zijn heel veel ingewijden die een bepaalde taak wilden volbrengen en die daarbij leeftijden van honderden jaren hebben bereikt. Het is dus iets wat je innerlijk bereikt. Het is je eigen reactie op je zelf en op de wereld. Het is een wisselwerking, plus de energie, die je in jezelf voortdurend weet te behouden.

Die zijn bepalend voor het uiterlijk, maar zeker ook voor de leeftijd, die je geestelijk, en voor een deel lichamelijk, ten aanzien van de rest van die wereld vertoont. En er kunnen inderdaad afwijkingen zijn in het normale ontwikkelings-, verval‑ of verouderingsproces. Ook is het mogelijk dat men langere tijd op ongeveer hetzelfde lichamelijk stadium of op hetzelfde geestelijk stadium blijft steken.

 

v      Kent de ontwikkeling van het heelal een begintijd, Big Bang? En is de uitdijing een onomkeerbaar proces?

Voor een deel heb ik het antwoord op gegeven. De Big Bang is inderdaad het begin van dit energetisch verband, waarbinnen u uw eigen wereld en wereldervaren vindt. De Big Bang is overigens alleen een activering van een reeds passief aanwezige hoeveelheid energie. Het is een tijdelijk vlieden, dat echter bepaald wordt door de relatie van het vliedende ten aanzien van de kern, zodat, wanneer het vlieden zich te ver heeft voortgezet, een terugval naar de kern ontstaat, totdat de pressie in de kern wederom een stuwing naar buiten toe teweeg brengt.

Dit brengt dan het ademend Al teweeg, zoals men het noemt. De reactie tussen beide fasen wordt vaak omschreven als het uur van Brahman, terwijl de absolute terugval wordt omschreven als de nacht van Brahman.

 

v      In hoeverre heeft het zwaartekrachtveld van een planeet invloed op de snelheid van de tijd?

Het zwaartekrachtveld wordt ook weer bepaald door de eigen magnetische werking, de massa plus de bewegingssnelheid in ruimte en deze wordt dan, bij een planeet bijv. eventueel ook nog geregeld door massa‑verhouding planeet‑zon en daardoor ook de omlooptijd rond de zon zoals die plaats vindt. Die zwaartekracht is dan medebepalend voor het ritme dat op die planeet bestaat, en het ritme zal medebeheersend zijn voor de stoffelijke wezens die er op leven.

 

v      Is de indruk van tijd voor ons dat we gebeurtenissen chronologisch ach­ter elkaar zetten?

Laat ik het zo zeggen: Het menselijk begrip is niet in staat een gelijktijdigheid te omvatten, maar door de gelijktijdigheid te rang­schikken in een opeenvolging ontstaat opeens een beeld dat wel te vol­gen is. U kunt het zien in een film waarin ze bijv. drie of vier ver­schillende verhalen, als het ware zich gelijktijdig af laten spelen maar de elementen daarvan steeds achtereenvolgens vertonen. Dan wordt het geheel begrijpelijk en registreerbaar. Maar zou je gelijktijdig al die verhalen zich af laten spelen op een deel van het scherm bijv., dan zou niemand het geheel goed kunnen volgen.

 

v      Je kunt je dus maar op één verhaal tegelijk concentreren?

Nee, ik zeg niet op een verhaal. Je kunt je maar op een gebeurtenis per ogenblik concentreren, d.w.z. het ogenblik in de tijd die nodig is voor het bewustzijn om een bepaalde scène of gebeurtenis in zichzelf op te nemen.

 

v      Voor de beschrijving van de stoffelijke wereld zijn de begrippen energie, ruimte en tijd onmisbaar. Zijn in de wereld van de geest voor de beschrijving hiervan dezelfde begrippen zinvol? Zo nee, in welke zin is dit dan anders en speciaal voor het begrip fysische tijd?

Nou, het is eigenlijk heel eenvoudig. Energie is een factor, die voor ons in onze wereld albeheersend is. Tijd is een zuiver persoonlijke factor, die alleen een ogenblik tot stilstand komt op het ogenblik dat bewustzijn met anderen wordt gedeeld. Materie heeft geen betekenis, tenzij als vormuitdrukking in bepaalde sferen, waarbij de vorm dan een in zichzelf niet bestaand replica is van stoffelijke waarden, een soort door gedachte gevormd hologram, waardoor voor de ander voorstellingen van materiële aard beleefbaar worden, zonder dat de materie zelf aanwezig is.

 

v      Via het medium wordt u geconfronteerd met het tijdsbegrip van de stoffelijke wereld, dat verknoopt wordt met dat van de geestenwereld. Hoe komt deze verknoping tot stand en hoe verwerkt u dat?

We verwerken het ongeveer als een hond die aan de lijn loopt: de be­perking van zijn mogelijkheid zich in een bepaalde richting te bewegen. Het tijdsbesef is belangrijk en wordt dus door de mens voortdurend uit­gestraald. Voor ons betekent het een belemmering van onze mogelijkheden, kunnen dan misschien wel eens een keer, een tijdslimiet over­schrijden, een hond die hard trekt kan ook zijn baas maar over het algemeen zijn stoffelijke tijdslimieten voor ons vergelijkbaar met energielimieten in bijv. een medium dat we gebruiken, en als zodanig worden we dus op vele wijzen er aan herinnerd dat het stoffelijke tijd is en dat ons eigen tijdsbeleven toch praktisch nihil is.

 

v      Is het voor de geest veel makkelijker om in de tijd terug te gaan, om gebeurtenissen weer op te roepen die vroeger gebeurd zijn?

Wanneer je je buiten de tijd weet te plaatsen en dus tijdelijk ook je persoonlijke tijd als het ware laat rusten, alleen je eigen essentie als aanwezig ervaart, is het mogelijk elk moment van tijd waarmee, je op welke wijze ook een verbinding hebt, voor je zelf weer op te roepen.

  

EPILOOG

We zijn bezig geweest met de tijd, natuurlijk is men uiteindelijk weer afgedwaald naar de geest en de sterren maar dat laatste is begrijpelijk. Tijd is een fenomeen dat we zelve nooit geheel begrijpen en dat we zeker als mens slechts onvolledig leren beheersen. Maar het is gelijktijdig een bewustwordingsproces, waarbij deze tijd voor ons een noodzaak is.Het heeft weinig zin ons tegen de tijd te verzetten. We moeten ons wel verzetten tegen onze eigen gebondenheid aan een tijd die buiten ons bestaat zonder dat ze in ons synchroon beleefbaar is. We mogen ons nooit laten opjagen, zou ik haast willen zeggen, door de wereld, omdat datgene wat werkelijk belangrijk is door ons zelf alleen dan beleefbaar en tot stand te brengen is, wanneer dit gebeurt op het ogenblik dat het bij ons past. Hoe minder de mensen beseffen, dat zij moeten reageren op de ogenblikken dat het bij henzelf past, en hoe meer de wereld probeert een soort gemeenschappelijke norm van prestatie e.d. te ontwikkelen, zo slechter zal het ook worden ten aanzien van de bewustwording en hoe groter de spanningen die in de afzonderlijke persoonlijkheden daardoor zullen ontstaan.Laten we goed begrijpen: de tijd is een mysterie en ze blijft een mysterie. Doodgewoon omdat tijd een bewustzijnswaarde is, die wij node hebben en gelijktijdig niet iets wat zonder meer definieerbaar is, of in concreto meetbaar. Wel in veronderstelling en op grond van aanname dus.Ik heb geprobeerd u op deze avond te confronteren met een aantal gegevens, die elk voor zich veel meer consequenties hebben dan uit uw vraagstelling zo als begrepen, is gebleken. Diegenen die zich er voor interesseren zou ik de raad willen geven: bestudeert u het onderwerp eens. Het was in de inleiding niet, zoals sommige dachten, verward of onsamenhangend. Er zat een redelijke samenhang in en ik heb gepoogd redelijke omschrijvingen te geven van al die elementen in tijd en omtrent tijd, die binnen het noembare vallen. Maar buiten dit alles is er altijd het onnoembare, het onbeschrijfbare. De tijd is een deel van de kracht waaruit wij bestaan. Het is een uiting, die door ons tot stand komt, van iets wat in zichzelf gelijktijdig Al‑omvattend en voor ons besef niet geuit is. Zonder vroom te willen worden zou ik zeggen: de kern van alle dingen, ook van de tijd, is God, maar waar God is en beleefd wordt, houdt de tijd op te bestaan.

Laat ik u allen toewensen dat u van alle tijd die u beleeft, op de voor u meest juiste en meest gelukbrengende wijze, gebruikt zult kunnen maken. Maar bovenal dat voor u steeds meer die momenten in het leven komen, waarin de tijd voor u stilstaat, omdat het onbekende, noem het God, in u spreekt en de kracht van dat onbekende uw wezen even losmaakt van de beperkingen, die door onze eigen begripswerelden vooral, voortdurend rond en in ons geschapen worden.

        

Informatie aangaande de bronnen van de  teksten kan je vinden op volgende website's: 

  

http://users.skynet.be/rabdomantie.center/

      

http://www.saint-pierre-les-bregines.org/

     http://www.scribd.com/people/view/31429-rober    

28-03-08

MAGISCHE PRINCIPES.

Magische principes.

Ik zou deze keer willen spreken over magische principes en dergelijke. Magie is in feite een vorm van weten, gebaseerd op een reeks stellingen, die niet redelijk is. Wanneer wij een magiër zien werken dan zien wij daarbij een paar opvallende verschijnselen.In de eerste plaats: Men probeert reinigingsprocedures te handhaven. Er wordt een bijzondere reinheid, om niet te zeggen onbesmetheid, geëist, niet alleen van de mens en zijn gewaden, maar van alle ingrediënten die men gebruikt tot zelfs de vloer, toe waarop u eventueel diagrammen, pentagrammen of iets dergelijks heeft aangebracht. Dan gaat u uit van het standpunt dat er krachten zijn die niet zichtbaar zijn, behorende tot een andere wereld dan de menselijke en probeert daarbij om deze krachten op welke wijze dan ook te manifesteren in op aarde kenbare gebeurtenissen.Een andere vorm is het denken in gelijkheid. Wanneer twee voorwerpen identiek zijn, ook wanneer ze zich op een zeer grote afstand van elkaar bevinden, dan kan door het beïnvloeden van het ene voorwerp, het andere die kracht of werking gaan vertonen. Het is: Zo boven, zo beneden in feite, wat al behoort tot de oudste magische en filosofische regels.In de derde plaats: Alle vormen van magie gaan uit van een buiten het ik bestaande kracht of beïnvloeding. Nu kun je dat natuurlijk allemaal bekijken zoals je wilt. Je kunt zeggen: Het is onzin. Je kunt zeggen: Ja maar. het werkt misschien . Het belangrijke daarin is echter dat de voorstelling van zaken die de magiër heeft niet noodzakelijkerwijze de juiste is ook al bereikt hij vele resultaten.Wanneer we in die ietwat nieuwere filosofie gaan kijken dan vinden we beginselen waarin in de mens innerlijke krachten en de bron van de kracht schuilt. Er zijn mensen die hebben gezegd: Dat wat in mij leeft bepaalt in wezen de wereld. Zou dit juist zijn dan zou de magiër door een in feite autosuggestief proces komen tot het wekken van de krachten in die in hem schuilen en zou daarmee, inderdaad zijn wereld kunnen veranderen. De grote moeilijkheid ligt er alleen maar in dat die verandering niet alleen hemzelf. maar ook anderen die op dat ogenblik van niets weten, zou kunnen treffen. Dat is dan weer onverantwoord en onaanvaardbaar en we moeten dan zeggen: Er is iets meer dan alleen het innerlijk van de mens.Wanneer we n u eens nadenken over de krachten die optreden: Een telekineet die kan misschien met moeite een lucifertje verplaatsen of een lucifersdoosje. Maar er zijn ook telekinetische verschijnselen waarbij bijvoorbeeld een concertvleugel eenvoudig in de lucht wordt geheven, iets waarvoor de kracht van drie tot vier personen ternauwernood voldoende is. Waar komt die energie vandaan? Het is kennelijk niet zo dat de kracht die de telekineet gebruikt op dat ogenblik in overeenstemming is met zijn normaal eigen vermogen. Er wordt daar kennelijk veel aan toegevoegd.Een ander voorbeeld: Er zijn wondergenezers die met geestelijke krachten werken. Soms kun je dat verklaren door hun eigen levensenergie plus eventueel een suggestief proces. Maar er zijn gevallen bij waarvan je zegt: Ja maar, hoe is dat mogelijk.? Hoe is het bijvoorbeeld mogelijk dat een botbreuk ineens een helingstijd nodig heeft die nog geen derde bedraagt van hetgeen normaal is?Hoe is het mogelijk dat een of andere verwonding in de long, bijna ogenblikkelijk geneest binnen zes of acht uur? Waar komt die kracht vandaan? Zeker niet uit de mens alleen. En daarom moeten we ons dan ook de moeite getroosten om eens naar de omgeving te kijken.Bij verschillende vormen van seanceren, vooral de zogenaamde donkere of kabinetsseances heeft men kunnen constateren door het aanbrengen van gevoelige maximum- en minimumthermometers, dat de lucht aanmerkelijk afkoelde vooral in de hoeken van de kamer en dat daarbij bovendien in de kamer zelf soms sterke temperatuurstijgingen soms dalingen tot 3° C voorkwamen. Hier is kennelijk dus hitte energie gebruikt, is ergens warmte omgezet in wat anders.Als je het zo bekijkt, dan leven we eigenlijk in een wereld die is opgebouwd uit energie en verder eigenlijk niet veel. Alles kunnen we herleiden tot de energie en zelfs wanneer we de materie bezien, dan komen we steeds aan kleinere deeltjes. En wanneer we eerlijk zijn moeten we toegeven: Ze bezitten geen feitelijke massa, maar ze produceren alleen een veld. En als we dan zeggen: Het is een wervelende energie dan is dat voor het ontstaan van een veld een redelijker verklaring dan het aannemen van een massa die zo klein is dat ze een enorme spin moet hebben om ook maar enigszins een veld te produceren dat één van die kleinste delen, nog niet de allerkleinste, ik denk bijvoorbeeld aan een elektron. positron, enz. voortbrengt.Laten we eens aannemen dat het allemaal kracht is en laten we verder aannemen dat in elke atomaire of moleculaire structuur voortdurende baanverspringingen plaatsvinden waarbij deeltjes worden afgestoten soms, soms worden.aangetrokken. Waarbij verder de baanveranderingen schijnbaar plaatsvinden zonder dat de tussenliggende ruimte wordt overschreden. Dan komen we terecht in een wereld waarin een hele hoop energie los is. Regelmatig tijdens die baanverspringingen zijn er kleine krachtexplosies. Stel eens dat je die krachten nu weer zoudt kunnen beschouwen als een afzonderlijke hoeveelheid energie die geen binding of vorm heeft maar die de mens en alles wat op aarde bestaat omringt. Dat zou veel dingen kunnen klaarder maken.In de eerste plaats: Wanneer ik in staat zou zijn, hoe dan ook, een deel van die energie te richten, dan wordt ze plotseling in de plaats van een algemeenheid tot kenbaar verschijnsel.In de tweede plaats: Deze energie zou zeer nauw gebundeld kunnen worden en zou dan een behoorlijk penetratievermogen kunnen hebben. Ze kan ook uitgewaaierd worden en is dan bijna onmerkbaar.Wat kan deze kracht richten? Nu komen we steeds meer op speculatief, om niet te zeggen op filosofisch vlak. Maar stel je nu eens voor: U denkt. U bouwt in uzelf een voorstelling op. Deze voorstelling wordt zodanig echt voor u dat ze tijdelijk uw besef van uw normale wereld a.h.w. verdringt. Stel verder dat die energie die daar los rond ligt of hangt daardoor wordt aangetrokken zodat er tijdelijk een soort replica van uw denken ontstaat. Dat zal betrekkelijk vaag zijn. Het behoeft niet altijd zichtbaar te zijn maar het kan wel degelijk als energie dus beschouwd worden en wat meer is: Zit daarin een denkbeeld van energie, een ontlading, dan zou er zelfs een soort stromingsproces kunnen ontstaan.Hebben we te maken met een gewoon mens, die heeft ook een eigen uitstraling. Mens betekent eigenlijk geest, dat weet u. Alleen is dat dan Latijn. U bent eigenlijk een geest die zichzelf als mens beschouwt zonder te weten dat de mens een geest is. Wanneer u denkbeelden in uzelf koestert, maar u bent niet bezig met die intense concentratie, dan kunt u daardoor toch wel energie aantrekken. Als we aannemen dat een denkbeeld. mits voldoende vorm hebbende energie a.h.w. tot een soort concentratie verleidt, dan mogen we dat ook aannemen binnen de mens.De mens heeft een eigen uitstraling die door, zijn ik voorstelling, de lichamelijke processen en dergelijke in stand wordt gehouden. Dat is de aura. Dan kan die energie van buiten alleen binnendringen via een soort osmotisch proces. U weet wat osmose is: doordringen van stoffen door een scheidingswand, daar komt het eigenlijk op neer. Wanneer een osmotisch proces u oplaadt dan ligt het dus aan de concentratie van de energie rond u en aan de doorlaatbaarheid van uw aura voor deze energie. Dat zou inhouden dat sommigen veel, anderen minder van die energie kunnen opnemen.Wanneer je het weer moet projecteren dan speelt ook weer die aura een rol. Maar in de aura zijn dan zeg maar een deel organismen of organen, we noemen die meestal chakra, die in staat zijn energie op te vangen en uit te stralen. De uitstraling daardoor betekent dan geen filtering en de energie opname door deze organen is alleen dan mogelijk wanneer het bewustzijn deze opname accepteert.Nu gaan we weer terug naar de magie. Wat doet de magiër? Hij reinigt alles. D.w.z. hij probeert zoveel mogelijk te voorkomen dat hem vreemde stoffen of trillingen, want elke stof heeft een soort uitwaseming a.h.w. ook op energetisch vlak aanwezig zijn.In de tweede plaats; Hij volgt een uitvoerig  ritueel. Met dit ritueel denkt hij krachten op te roepen. In feite echter concentreert hij zich op de opname van kracht en schept daarbij een voorstelling van hetgeen hij wil doen. Datgene wat hij wil is erg belangrijk, dus sterk geconcentreerd. Dan zou hierdoor ook de voorstelling buiten het ik, die een gerichte ontlading tot gevolg kan hebben, aanwezig zijn en de opname van energie bijna onvermijdelijk. Dan is de, magiër in wezen voor het grootste gedeelte zelf voortbrenger van al datgene wat hij toeschrijft aan allerhande demonen en dergelijke.Tot zover, dacht ik, allemaal redelijk aanneembaar. Maar dan komen we op een ander punt. Er zijn geesten en ja, wat is een geest? Een geest is dan voor de doorsneemens die de betekenis van het woord mens nog niet kent een onstoffelijk wezen met een eigen persoonlijkheid. Deze wezens bestaan. Dat kan ik met zekerheid zeggen want ik ben er zelf ook een al gebruik ik nu een lichaam. Dergelijke wezens bestaan ook uit energie. Alleen is die energie op een andere, veel vagere manier gebonden dan in materie gebeurt. De uitstraling van een geest is te vergelijken met die van een mens maar ze heeft over het algemeen een hogere fluctuatie; een hoger trillingsgetal, zeker aan de buitenkant van het krachtveld. Daardoor heeft ze veel van een magnetisch veld. Zoiets dat men gebruikt voor radio: een magnetisch verdringingsveld. Elke impuls kan gebruikt worden om de voorgaande impulsen a.h.w. naar buiten te dringen. Wanneer dit gericht gebeurt dan krijgen we iets dat ook bij de magiër aanwezig is. We krijgen een uitstoten van energie die op een bepaald punt gericht kan worden. Een dergelijke geest kan ontdekken dat u bezig bent met energie op te neen.  Hij heeft wel de kracht om de aura te penetreren. Hij kan dus een grotere hoeveelheid kracht a.h.w. in uw wilsbeeld, zelfs in uw eigen persoonlijkheid voortbrengen .Wanneer we dit nu vergelijken met bijvoorbeeld telekinese, ik noem maar een voorbeeld van de verschijnselen, dan kunnen we ons voorstellen dat op dit ogenblik niet alleen maar de normaal opgenomen kracht, maar bovendien nog die van een entiteit een rol gaat spelen. Dan blijft de mens, bewust of onbewust, het uitvoerend orgaan. Maar een groot gedeelte van de energie die geleverd wordt is nu die van een entiteit, van een persoonlijkheid die niet stoffelijk is.Als ik dit aanneem, kom ik aan de volgende vraag. Van. magiërs is bekend dat ze soms als, profeten werken, dat ze dus dingen zien of waarnemen buiten ruimte en tijd a.h.w.   Wanneer ruimte en tijd vaste condities zijn is dat natuurlijk niet denkbaar, dan, zoudt ge misschien ja het bekende beeld van een lijntje: Als ik hoger ga staan kan ik een groter deel overzien, gebruiken.Dat kun je dan ook wel doen. Maar consequent in zijn ontwikkelingen van dat hele netwerk van mogelijkheden waardoor het menselijk leven wordt bepaald, lijkt mij dat toch nogal moeizaam.Maar stel nu eens een keer dat ruimte en tijd eigenlijk alleen maar functies van energie zijn. Dan kan dezelfde energie waarmee een concertvleugel of een lucifersdoosje wordt bewogen. op een andere manier gericht worden en daarbij de mens confronteren met een situatie die in de tijd en in de ruimte nog niet aanwezig is maar die daarin als een mogelijkheid wel rust, latent. De waarneming zou dan zijn de waarneming van zekerheden die dus bestaan in het mogelijke van de toekomst of van het verleden zonder dat daarbij een absolute gelijkheid van waarden met de latere toekomst of de vroegere gebeurtenissen zeker is. Het is een benadering. Het beeld echter is volledig levendig. Het is een tijdelijke ik beleving, waarbij al het andere a.h.w. weg wordt gespoeld. Gaat het over de eigen wereld dan zijn de voorstellingen meestal een reeks fragmenten die geen directe binding met elkaar vertonen. Het zijn a.h.w. de plaatjes uit een stripboek, compleet met alle uitroepen die op die striptekening worden geslaakt maar dan toch weer met iets wat daartussen ontbreekt. Dat zou bewijzen dat de afstemming niet op tijd zelve gebeurt, maar op een bepaalde ontwikkeling, een mogelijkheid.Nemen we aan dat diezelfde energie een rol speelt, dan wordt veel verklaarbaar. Dan gaan we eens kijken naar de zegelmagie: het maken van amuletten en dergelijke, u kent dat wel. Wat gebeurt hier? Er wordt een symbolische voorstelling getekend onder bepaalde voorwaarden. met grote concentratie ongetwijfeld en wij nemen aan dat die tekening dan bepaalde krachten aantrekt. Op zichzelf waarschijnlijk onzin. Maar wanneer wij op die manier een krachtpatroon scheppen dan kan dat wel degelijk een invloed zijn die alle omringende, vaag verspreide krachten tot een zekere dichtheid brengt en daarbij een manifestatiemogelijkheid naderbij brengt. Kijken we naar de magie van kristallen, kristallenmagie is ook iets dat nog vaak bedreven wordt, zelfs in deze tijd, dan lijkt het op zichzelf een beetje gek van te zeggen: Dit kristal doet dit en dat kristal doet dat. Bijvoorbeeld:  Een bergkristal geeft positieve krachten. Maar wacht even. Natuurlijk heeft elk kristal een kristalrooster, d.w.z., het is een bepaald atomaire en moleculaire structuur en die is altijd gelijk voor de soort kristal dus. Dat houdt ook in dat elk kristal een eigen resonantiewaarde heeft. Zolang dat zonder meer aanwezig is, kan ik mij nog voorstellen dat het kristal niets doet. Maar wanneer dat kristal nu eens in een bepaalde verwachtingssfeer terecht komt, d.w.z. de energie van de mens a.h.w. een primaire lading in dit kristalrooster doet ontstaan, dan zal de steen, vooral omdat zijn kristalstructuur tamelijk rigide is, niet zo gemakkelijk meer die lading afstaan. Er is wederom een verstorende invloed en deze kan, gezien de ingelegde trilling, een bepaalde richting, een bepaalde bestemming a.h.w. hebben.Mijn conclusies zijn de volgende. In de mens is door denken of beeldingsvermogen bepaald een hoeveelheid energie aanwezig. Deze kan op materieel vlak gemanifesteerd zijn of op geestelijk vlak. Ze heeft een eigen uitstraling, maar het beeld kan zijn eigen waarde ten aanzien van de omgeving veranderen. Het resultaat is dat invloed kan worden uitgeoefend op de omringende energie.Als mens moet ik mij eerst beroepen op de kracht die in mijzelve woont en dit met goede en volledige concentratie om daardoor het werken van krachten die buiten mij zijn mogelijk te maken.  Ik ben nooit alleen op mijzelf aangewezen. Ook wanneer er geen geestelijke helpers zijn is er rond het ego voldoende energie die men in zich kan opnemen. Ik ben tot een zekere hoogte bewust, er zijn chakra open en dan is zelfs de betrekkelijk sterke opname van energie op korte termijn steeds meer mogelijk.Wanneer ik dingen wil doen die buiten mijn werkelijkheidsvoorstelling liggen, dan moet ik altijd één ding onthouden: Wat ik mij niet kan voorstellen kan ik ook niet verwezenlijken, kan ik ook niet waarnemen. Ik kan het ondergaan, maar niet bewust beleven. Hier is dus een limiet gesteld. Alles wat ik mij voor kan stellen, ongeacht of het deel is van de werkelijkheid van de mensen of niet, is als beeld, als richtbeeld voor energie te gebruiken, kan als beeld opgeladen worden met de verstoorde evenwichten van de energie om mij heen en kan als zodanig gebruikt om zichzelf ten dele of geheel, dat ligt aan de hoeveelheid energie, te verwezenlijken, hetzij ter plaatse, hetzij elders.Laatste conclusie: Wanneer ik vanuit mijzelve met de kracht moet werken, is mijn innerlijke gesteldheid van zeer groot belang omdat ik zonder deze alleen kan beschikken over mijn eigen kracht. Wanneer ik probeer die kracht buiten mij te zien als wat automatisch optreedt, vergeet ik dat ik zelf voor de omgeving moet werken en zal er eveneens een vermindering van mogelijkheid ontstaan. Daar echter waar ik begrijp dat ik met de kracht in mij buiten mij alle mogelijkheden kan scheppen word ik, zoverre ik mijzelve meester ben, ook meester van een groot gedeelte van de verschijnselen die mij omringen.Nu gaan we eens kijken naar een hele hoop dingen waar de mensen om lachen. Bijvoorbeeld, de witte heksenkringen. Ja, die mensen moeten geschift zijn. Die hebben daar allerlei magische wapentjes en dan lopen ze in hun blootje rond een altaartje te dansen en dan denken ze dat er nog wat gebeurt ook. Maar wacht even. Denken ze dat dan is het ook zo. Niet of ze nu naakt of aangekleed zijn, dat doet verder niets terzake eigenlijk, maar omdat zij door hun ritueel door de manier waarop ze zich bewegen, gezamenlijk een kracht voortbrengen. En als het dan een dans rond een altaartje is dan ontstaat er een krachtpyloon a.h.w. tussen deze mensen en ongeveer boven het altaar. Dat is wel aardig. En als er dan iemand is die die kracht kan richten, dan krijg je resultaat.Hetzelfde is met allerhande bijgelovigheden. Ik neem het kruis en bord. Driekwart van wat er doorkomt is je onderbewustzijn en neemt u het mij niet kwalijk hoor, ik hoop dat ik niemand op de tenen trap. maar het is werkelijk zo.  Maar wanneer ik in mijzelve voldoende geconcentreerd ben en dus geen deel wil hebben van de beheersing van het kruis over het bord ontstaat een spontaan bewegen en daarbij zal ik nog steeds als de vertaalmachine zijn van de invloeden en de indrukken die mij bereiken. Er zal wel degelijk sprake zijn van onwillekeurige bewegingen en niet van een kruis dat het even op zijn eentje doet. Zou ik het veranderen door bijvoorbeeld een soort slinger te gebruiken met er omheen een alfabet en ik zou er nog een klok overheen zetten dat het niet beïnvloed kan worden dan moet ik voor het denken van de mens een verbinding maken. Op het ogenblik dat ik dat doe en dan kan ik net zo een paar veters nemen of een stukje koper of misschien een paar mensenharen en ik zorg dat die bij de voet komen waar die slinger hangt en daarbuiten en ik leg daar mijn handen op, dan geloof ik dat mijn kracht daarheen gaat. Dan breng ik een verstoring teweeg waardoor die kracht daar inderdaad is en die kracht veroorzaakt dan weer de slingering en daarmee datgene wat je meent af te lezen op het alfabet.De grote moeilijkheid is dat al deze processen een suggestieve waarde hebben. Wanneer ik namelijk denk dat iets doorkomt, dwing ik a.h.w. het verschijnsel om die boodschap ook te geven. Daar moet je even mee uitkijken. Hoe minder je erbij betrokken bent, hoe zuiverder de uitwerking.Ik doe nu nog een stapje verder. Je zegt tegen jezelf: Waar moet ik dan met die inspiratie en zo? U weet wat inspiratie is?Volgens sommige mensen een vervangingsmiddel voor transpiratie. Voor degenen die het er echt  mee menen: het beginpunt van de transpiratie en daar bedoel ik zweten mee, opdat u niet denkt dat het een hooggeestelijk term is. Wanneer ik geïnspireerd word dan is er een verschil met bijvoorbeeld het mediumschap. Bij mediumschap bestaat de mogelijkheid dat een ander bewustzijn het gehele verloop van zaken beheerst. Inspiratief nooit. Bij inspiratie zien we altijd dat je geconcentreerd bent op iets, een boodschap of iets dergelijks, en dat je begint te spreken. Dat doe je zelf. De eerste twee drie zinnen zijn meestal van de mens zelf die geïnspireerd wordt.  Maar wat gebeurt daarna?  Plotseling begint hij of zij dingen te zeggen die helemaal niet meer horen in het opzet. Er ontstaat een heel ander beeld vaak, gepaard gaande met een verandering van spraakbeeld, dus de manier waarop geformuleerd wordt en al die dingen bij elkaar brengen dan een boodschap over. Komt die uit de geest? Het is mogelijk. Komt ze uit een gemeenschappelijk bewustzijn? Evenzeer mogelijk. Zou ze uit het onderbewustzijn komen? In negen van de tien gevallen niet om de doodeenvoudige reden dat het onderbewustzijn een element van zelfonthulling bevat en de meeste mensen die zich manifesteren op die manier daar zeker een remming tegen bezitten.En als ik het nu allemaal weer even samenvat, dan zitten we weer met hetzelfde verhaal. U bent het zelf. Dat wat u denkt is in zekere zin altijd waar en u kunt het waar maken, niet in de zin dat u het creëert, maar in de zin dat u ontwikkelingen op gang brengt.En denk nu niet dat het altijd leuk is, hoor. Er is iemand die denkt: Ja, laat de frankskes maar van de hemel regenen. Jawel. Als het 20 F stukken zijn of 10 F stukken en het komt van boven op uw hoofd dan kunnen ze u wel na uw overlijden begraven van al datgene wat de hemel u gegeven heeft. U moet goed begrijpen. Wensen die onmiddellijk uit zouden komen zouden levensgevaarlijk zijn. Maar we kunnen bepaalde dingen, wensen zonder dat we daaraan een te sterk gestipuleerd beeld, een te nauwkeurige omschrijving bijvoegen.U wilt een mens genezen. Bent u in staat om een diagnose te stellen?  Waarschijnlijk niet of slechts ten dele. U kunt dus niet zeggen: dat moet er veranderen. Dat is wel mogelijk als er een wond is,  een letsel. Dan zeg je: Daar wil ik wat aan doen. Maar voor de rest gaat het eigenlijk niet. Maar wat je wel kunt doen is het lichaam energie geven, lichaamsenergie zegt men dan. Het is een hoeveelheid kracht waardoor het zenuwstelsel anders en sneller gaat reageren, waardoor de lading in de bloedbanen verandert en waardoor zelf een aantal spieren, hoofdzakelijk dwarsgestreepte spieren, anders wordt gestimuleerd dan normaal. Hierdoor kunnen genezingsprocessen zich aanmerkelijk sneller en beter afspelen. Het blijft het lichaam dat zichzelf geneest onder invloed van een kracht die van buitenaf komt. Daarom moet u wel een voorstelling hebben van de persoon. maar niet van wat er precies moet gebeuren. Maar van  met verbazing zien dat het in het begin niet zo goed gaat. Begrijpelijk, u vertrouwt uzelf niet, u denkt: stapelgek! Maar op de duur gaat het steeds beter. Naarmate u meer open staat voor de krachten om u heen a.h.w. ze gemakkelijker opneemt, ze gemakkelijker bundelt en richt, naarmate u instaat zijt exacter en meer omvattende beelden buiten u te projecteren, zult u in hogere mate, ook op afstand, anderen kunnen genezen.En wanneer we dan toch bezig zijn. Waarom zouden we die dingen dan ook niet gebruiken voor onszelf?  Er zijn twee dingen die voor een mens in uw wereld gevaarlijk zijn. Het eerste is alleen nuchter verstand en het tweede is een teveel aan fantasie.  Een mens met nuchter verstand aanvaardt zijn eigen falen niet en verklaart daardoor zijn onvolkomenheden door de onvolkomenheden van anderen en een mens met fantasie droomt zo mooi, dat hij niet in staat is de feiten die er zijn te aanvaarden, Twee dingen die we moeten vermijden.Maar wanneer we nu het eigen leven een beetje eenvoudiger willen maken, willen bepaalde problemen toch een beetje oplossen, laten we dan in de eerste plaats eens gaan denken aan de kracht in onszelf en ons daarbij voorstellen dat die kracht steeds groeit. Autosuggestief proces, maar gelijktijdig het scheppen van de vorm waarin die energie kan worden opgenomen.Waarschijnlijk, niet altijd, zal het grootste gedeelte van die vorm buiten u ontstaan, maar het is een deel van uzelf a.h.w. Wanneer u zich voorstelt dat die kracht u toevloeit, dan zal die kracht buiten als een soort reservoir dienen en gelijktijdig een penetratie van de aura aanmerkelijk vereenvoudigen. Je kunt uw eigen energiepotentiaal op die manier aanmerkelijk omhoog brengen.En dan zijn er een hele hoop mensen die denken; ja, geluk, geluk. Ik wil in de Lotto winnen. Als u aan de Lotto denkt, dan denkt u aan een prijs, niet aan het formulier. Wanneer u een poging in die richting wilt wagen dan moet u proberen u het formulier voor te stellen. inclusief de datum, maar niet ingevuld. En wanneer u dit beeld u voldoende voor ogen hebt gesteld, dan zegt u: Dit is het formulier van.... volgende week bv. En nu gaat u regeltje voor regeltje kijken. Staat er iets, staat er niets, totdat u de getalletjes hebt gevonden en u kruist die aan. Dan hebt u niet de hoofdprijs, maar die hebt u anders ook niet maar u zult al heel gauw ontdekken dat u op die manier steeds twee, of drie, enkele keren misschien vier goed zult hebben. Ja, het werkt. U gelooft het niet? Toch een keer proberen. Misschien kunt u de Orde een genoegen doen door aan de voorzitter ter plaatse 10% uit te keren of zo en dan hebt u het idee dat hij u dat ook niet voor niets heeft geleerd.Het is maar een grapje natuurlijk. Maar wat ik probeer u duidelijk te maken is dat u dus wel degelijk bepaalde dingen in de toekomst kunt zien. Maar je moet een basisvoorstelling hebben en die basisvoorstelling moet dan gebruikt worden om daarin een tijdsmoment a.h.w. in te vullen. Kijken naar wat er over tien dagen gebeurt is onzin. U kunt dat alleen in een fragment doen. Maar u voor te stellen dat u een krant hebt. U kent de kop. U kent het gevoel van het papier. Alles precies zoals u het vandaag in handen hebt gehad maar met een datum van tien dagen later. Dan kunt u, wanneer u kolom voor kolom en regel voor regel kijkt, en heus niet afwijken want dan verdwijnt het, kunt u vaak een aantal regeltjes of alinea’s lezen die een beeld geven van wat op een bepaald gebied in uw omgeving, in de wereld gebeurt. De juistheid die daarmee bereikt kan worden ligt gemiddeld op 60 of 70 % en dat is ongeveer 65% meer dan de waarschijnlijkheidsrekening aangeeft. Door het steeds meer te doen vereenvoudig je een dergelijk procédé voor jezelf en kom je als vanzelf tot een grotere juistheid van waarnemingHelderziendheid in ruimte en tijd is niet alleen maar: O, vrienden in de geest, laat mij zien. Die denken ook u is bijziende, u heeft een bril nodig. Maar het is een kwestie van voor uzelf een beeld scheppen. Soms zult u daarin een soort verkleuring opmerken. Het is heel eigenaardig. U kunt het misschien het beste vergelijken met een stuk geel papier tussen wit papier of wit papier op geel papier. Zoiets. Wanneer u daarmee geconfronteerd wordt neem datgene wat op de afwijkende kleur staat voor u persoonlijk. Het geldt niet algemeen, het geldt voor u persoonlijk en duidt aan dat het of direct betrekking heeft op in u bestaande waarde:  dan wel op geestelijke waarden waarmee u tijdelijk in contact of harmonie bent gekomen.En ten laatste wil ik u nog iets leren. We hebben allen de mogelijkheid om te denken aan opbouw of aan verval en dat in duizenden verschillende vormen natuurlijk. Wanneer we nu bezig zijn met onszelf moeten we nooit denken aan het verval dat bij ons plaats heeft. We moeten denken aan datgene wat zich opbouwt. Probeer niet wat is te veranderen, probeer het positieve in u op te bouwen. Dat kan u helpen wanneer u moeilijkheden hebt met uw geheugen. Het kan zelfs van invloed zijn op de werking van sommige organen. Altijd denken aan hetgeen goed is, aan hetgeen beter is geworden, niet aan hetgeen slechter is geworden. De mensen noemen dat wel eens positief denken. Maar ik heb ontdekt dat vele positieve denkers zo positief denken dat de uitwerking negatief wordt en ik zou daarom een dergelijke aanduiding willen vermijden. Denk gewoon aan het beste. Als u vrede wilt dan moet u niet zeggen er is zoveel oorlog en nu wil ik vrede hebben. Maar denk aan rust en denk aan stilte. Doe maar dichterlijk desnoods. Denk aan een herfstbos waar de laatste goudkleuren van de kalende takken afvallen, waarin een lichte nevel is. Er staat wat zon en ergens ruist wat van de wind en je voeten doen de bladeren ritselen en je loopt en je bent gelukkig. Zend dat beeld uit. Dan kom je dicht bij vrede. Als je denkt: geen oorlog, dan denk je aan strijd. Je bevordert de strijd tegen de strijd en dat betekent weer strijd.Dus u ziet het. U kunt een hele hoop dingen doen en waarom zoudt u die dingen alleen doen? Het is net alsof je geestelijk aan 't trimmen bent. Probeer zoveel mogelijk aan te voelen of er anderen zijn. Zeg niet ik ga daaraan denken. In mij bouw ik dat op. Is er een antwoord? Totdat je het gevoel hebt: er is een antwoord. Of als je het heel erg georganiseerd wil, de mensen organiseren het graag, ga met zijn allen op de grond of rond de tafel zitten. Neem desnoods iemand die met woorden een denkbeeld brengt en laat dat denkbeeld dan niet steeds door een nieuw volgen. Laat het één denkbeeld blijven. Omschrijf het op honderd manieren als u wilt maar één denkbeeld en alle anderen leven zich daarin in. Ze zoeken het in zichzelf te ervaren zoals zij het zien en zodra zij het zien luisteren ze al niet weer. Maar wij samen bouwen dat beeld op. Dan ontstaat een kracht die ons allen omvaamt. Dan hebben wij een beeld. dat zeer veel energie uit de omgeving kan opnemen. Wij hebben daarnaast een trilling die zeer vele entiteiten die toevallig niet in de stof leven kunnen aanvoelen. Waaraan ze hun eigen kracht, hun eigen deelhebben kunnen toevoegen.  En dan kun je desnoods daarbij een ontlading kiezen.  Ik weet niet wat u in uw omgeving als juist ontladingspunt beschouwt, maar altijd uw kracht positief op verbetering richten, nooit op vernietiging. Vernietiging is nl. iets dat nooit gecontroleerd kan worden vanuit een positieve instelling. Maar positief is vormgevend en wordt door de instelling zelf beheerst.En dan zult u ontdekken dat magie en het paranormale en al die andere mooie namen die ze hebben gegeven voor iets dat de mensen langzaam maar zeker vergeten zijn, u in staat stelt om meer te bereiken dan u dacht. Dat het u in staat stelt om meer uzelf te zijn dan u had gedacht. Dat het u minder afhankelijk maakt van de drang en dwang die toch elke stoffelijke maatschappij beheerst en u eigenlijk meer brengt op een spoor waarbij uzelf in harmonie met anderen, datgene kunt zijn en waarmaken wat hoort bij uw innerlijk licht, bij uw innerlijke kracht.

En dan wil ik dit betoog besluiten met te zeggen: Mensen, vergeet één ding niet. Uw rede en uw ratio zijn het werktuig van uw gehele wezen. Uw emoties, uw droombeelden maken daar ook deel van uit. Laat zoveel mogelijk al deze dingen versmelten. Hierdoor wordt een vollediger uitbeelding van uw persoonlijkheid mogelijk en indirect, een volledige beheersing van uzelf en al datgene wat rond u beheersbaar is. Ik dank u voor uw aandacht. Ik wens u verder een gezegende en prettige avond toe.

    

Uitgesproken te Antwerpen op 17  november 1987.

    

Informatie aangaande de bronnen van de  teksten kan je vinden op volgende website's: 

  

http://users.skynet.be/rabdomantie.center/

      

http://www.saint-pierre-les-bregines.org/

    

 http://www.scribd.com/people/view/31429-rober

  

10-03-08

DE KRACHTEN IN DE MENS.

DE KRACHTEN IN DE MENS

Aan het begin van deze bijeenkomst zou ik er u graag aan willen herinneren dat wij sprekers van deze groep niet onwetend of onfeilbaar zijn, m.a.w. het is erg belangrijk dat u zelf nadenkt en om een collega van mij te parafraseren: het kan voor een mens beter zijn zijn eigen fouten te maken dan het goede van een ander te volgen zonder te weten waarom.

Ons onderwerp voor vanavond: Ik heb er geen bijzonder in gedachten vastgelegd. Als u wilt kunt u er zelf een kiezen.

  

v      Kunt u misschien nog eens in 't algemeen spreken over de krachten van de mens, die wij niet altijd goed weten te gebruiken en dan nog.een toelichting geven hoe we die beter kunnen gebruiken en ontwikkelen voor onszelf en voor onze medemensen?

Nou, dat is geen bezwaar: de krachten in de mens, precies zoals u wilt. Wanneer we natuurlijk spreken over de krachten in de mens, dan moeten we natuurlijk wel begrijpen dat we met veel verschillende zaken te doen hebben. U kunt dus niet zeggen: het komt allemaal uit de geest of uit de ziel, zij het zeer indirect. U moet uitgaan van een paar heel gewone principes. Het eerste is dit: in het verre verleden, toen hij hoofdzakelijk jager was, had hij een nabijheidgevoeligheid, d.w.z. dat hij de uitstraling en de nabijheid van levende wezens in zijn buurt kon opvangen. Wat later is dat veranderd en het is een vorm geworden van empathie, een gevoelens delen, ook eveneens op afstand en nog later zijn daar bepaalde vormen van telepathie uit voortgekomen. Deze zaken zijn in wezen normale menselijke gevoeligheden, ze behoren doodgewoon tot uw menselijke structuur en een bijzondere gevoeligheid in deze zaken wordt ook vaak genetisch overgedragen van geslacht op geslacht. We hebben hier dus niet te maken met paranormale zaken die direct met de geest te maken hebben maar we hebben wel te maken met eigenschappen waarvan de mens zich slechts zelden volledig van bewust is en waarbij de mens vooral ook door de moderne wereld, de conditionering daarvan, de religie en al die andere dingen; eigenlijk afstand probeert te nemen wanneer hij ze ontdekt. Dat is natuurlijk dwaas. Laten we deze eerst bespreken, dan kunnen we later verder gaan.Gevoeligheden voor de aanwezigheid van anderen bezit u allen in zekere mate, maar het is niet voldoende dat u zegt: ik voel dat er iemand is of naar mij kijkt. Probeert u elke keer, wanneer u dat gevoel ontdekt, er u gewoon helemaal op in te stellen. U zult ontdekken dat op een in woorden bijna niet uit te drukken manier, u een soort stralingen ontvangt. Er zijn zelfs technici die zeggen dat dit samenhangt met de verschillende stralingen en ritmen die in de hersenen te constateren zijn. Die gevoeligheid maakt het mogelijk personen die u eenmaal gezien hebt, te herkennen zonder dat u ze ziet, alleen al wanneer ze in uw nabijheid zijn. Een dergelijke begaafdheid maakt het u ook mogelijk u te oriënteren op die plaatsen waar u normalerwijze niet zou kunnen zien en niet zou kunnen manoeuvreren.U zult ontdekken dat zelfs planten op de duur een zeker uitstraling geven, zodat iemand die deze gaven kan ontwikkelen, bijvoorbeeld in het stikdonker door een bos kan lopen zonder ook maar een enkele boomstam aan te raken. Wat die empathie betreft is het iets moeilijker. In de eerste plaats begrijp je vaak niet waarom je ineens overweldigd wordt door een gevoel van droefgeestigheid, van opstandigheid of iets anders. In de tweede plaats:wanneer het gebeurt ben je geneigd om jezelf de schuld te geven en als je dat niet redelijk kunt doen is het onderbewustzijn altijd nog een goede uitvlucht. Wanneer je die empathie gevoelens bezit, en de meeste mensen zijn er in meerdere of mindere mate wel ontvankelijk voor, dan moet u zich realiseren dat die stemming een bron moet hebben en dat die bron niet in u, maar buiten u kan liggen. Zoek naar oorzaken buiten u. Hierdoor leert u weer de in u opwellende gevoelens en het buiten u bestaande te associëren en op de duur zelfs nauwkeurig te bepalen. Ook hier is het een kwestie van je bewustzijn: wat er gebeurt en er aandacht aan schenken. Dit komt uiteindelijk gelijk aan oefenen. Wat telepathie betreft zitten we met grotere moeilijkheden. Telepathie is namelijk niet alleen lichamelijk, ze kan ook astraal of geestelijk zijn. Hierdoor kunnen in telepathische kontakten nogal wat tijdverschuivingen voorkomen. U kunt dus wel bijvoorbeeld een juiste volgorde van getallen of beelden ontvangen, maar op andere tijdstippen. U loopt bijvoorbeeld twee beelden voor of drie beelden achter. In een dergelijk geval zeggen we dát hier minstens astraal gevoel aanwezig moet zijn. Het gaat hier niet om de zuiver lichamelijke telepathie, daar komen we dadelijk op terug. Gewone telepathie zult u als leek het gemakkelijkst herkennen doordat u opeens aan iemand denkt die u misschien in tijden niet gezien hebt en die kort daarop op komt dagen of waar u ineens bericht over krijgt. Dit is over het algemeen, niet in alle gevallen, maar over het algemeen, telepathisch rapport. Wanneer u zich realiseert onder welke condities bij u deze gevoelens voorkomen, kunt u ook gaan zien wat uw eigen vermogen op dit ogenblik is. Probeer dan niet om dat vermogen uit te breiden, maar eerst om het te articuleren, zoals men zegt, dus uitvoeriger en begrijpelijker te ontvangen. Probeer een dergelijk gevoel, door u eventjes daarop te concentreren, zonder denkbeelden, althans met zo weinig mogelijk denkbeelden , woorden te ontvangen. U zult ontdekken dat die woorden niet precies zijn wat een ander heeft gezegd of heeft gedacht, maar dat ze wel vergelijkbaar zijn, er zijn parallellen. U ontvangt de gedachte en u drukt die wel op uw eigen wijze uit, maar de inhoud wordt door de ander bepaald. Wanneer u er aardigheid aan hebt kunt u dat oefenen. U zult verder ontdekken dat mensen die u zeer sympathiek zijn of zeer antipathiek, bij u veel snellere resultaten veroorzaken dan degene die u onverschillig laten. Dat wordt o.m. veroorzaakt doordat u dat wat u haat en dat wat u bemint veel scherper gestalte geeft in uw eigen gevoelsleven en denkwereld dan anderen en hierdoor ook sneller reageert op alles wat ermee samenhangt.Dit zijn dan gewone erfelijke kwaliteiten. Ik zou daar onder omstandigheden nog telekinese bij kunnen nemen, maar telekinese hangt in ieder geval samen met astraal en levenslichaam. De geoefende telekineet kan het beeld van hetgeen hij wil bewegen in zijn eigen denken vormen, maar hij heeft altijd de levensenergieën nodig die niet zuiver stoffelijk zijn. Hij heeft daarnaast bepaalde materie nodig die men dan in de spiritistische kringen vaak ectoplasma noemt, ofschoon ik plasma eigenlijk een juistere aanduiding vind want het is overal te vinden. Dit plasma wordt dan; zoals dat heet, gevormd tot een pseudo-pode, een schijnbaar verlengsel, een uitstulpsel waarmede dus, zonder echt lichamelijk contact, de verplaatsing van voorwerpen mogelijk is. En daar valt dan verder bij op dat door de kracht die gebruikt wordt, de zwaartekrachtsverhoudingen veranderen zodat u veel meer kunt verplaatsen dan u lichamelijk zou kunnen doen.En daarmee zitten we dus op de grens van wat levenslichaam en astraal doen en wat het lichaam doet. Aangezien de meesten van u zich niet bewust zullen zijn van hun onstoffelijk ik ga ik er van uit dat u dus werken moet met lichamelijk bewustzijn, dat is dus hersendenken plus bepaalde gevoelswaarden. Hier bestaat de mogelijkheid tot wat men noemt uittreden, men zou het ook waarnemen op afstand kunnen noemen. Er bestaat de mogelijkheid om bepaalde tijdssprongen te maken met dit bewustzijn, zowel naar de toekomst als naar het verleden. Er bestaat verder een sterke mogelijkheid tot aflezing van trillingen die zijn achtergebleven in bijvoorbeeld voorwerpen. Hoe werkt het? U hebt zelf een eigen trillingsgetal, zoa1s men zegt. In feite is het zo dat u een aantal cyclische verschijnselen hebt, dus zich herhalende en een bepaalde vorm vertonende verschijnselen die deel uitmaken van uw aura. Die aura zelf bestaat nu uit verschillende uitstralingen. De uiterste rand is geestelijk, daarachter vinden we het astraal met het levenslichaam voor een groot gedeelte daarin. Het levenslichaam gaat ook nog verder in de infrarood-laag die dicht rond het lichaam ligt, dat is de kern bijna van die aura. Maar het geheel van die aura bevat een aantal bewegingen, een soort eb en vloed zeg maar. Deze eb en vloed vormen uw eigen trillingsgetal. Dit trillingsgetal kan elke andere trilling die daarmee harmonisch is, en denkt u nu maar aan de afstemming van een klavier bijvoorbeeld,- ontvangen en wordt daardoor beïnvloed, terwijl omgekeerd die aura vanuit zichzelf, door dat trillingsgetal al datgene dat daarmee harmonisch is ook wederkerig beïnvloedt. Wanneer je daarmee moet werken is het bij telekinese eenvoudig genoeg, dan hebben we voldoende aanleiding wanneer er een emotie bestaat plus een verlangen en dat verlangen kan zelfs onderbewust zijn. U hoeft dus nog helemaal niet te denken : ik smijt die deur dicht. Wanneer er een gevoel is dat je iets moet doen en daarbij het dichtsmijten van die deur voor u gebruikelijk is, dan valt die deur met een smak dicht. Je hebt het dus wel zelf gedaan, maar u beseft het niet helemaal. Vorm je een bewust beeld. Zeg je bijvoorbeeld: ik wil die kandelaar van hier naar daar verplaatsen, dan is het noodzakelijk dat u zich een beeld maakt van die kandelaar, van de beweging van die kandelaar en de plaats waar ze zich heen moet bewegen. U hebt altijd drie factoren die u in uw besef moet prenten, namelijk: de plaats waar ze heengaat,-de plaats waar ze zich bevindt,-de vorm is eigenlijk minder belangrijk,plus de weg die moet worden afgelegd. Dat houdt verder in dat u zich geen zorgen moet maken over tussen staande beletsels. Het kan zijn dat je in het begin eens een fout maakt, een vaasje omgooit of zo, maar op de duur beheers je die materie zozeer dat ze zich zelfs kan dematerialiseren en dit wil zeggen: de onderlinge ruimte tussen de kleinste alen dermate vergroten dat ze zich door normale materie kan bewegen zonder dat het eigen spanningspatroon ervan verstoord wordt. En dan kan het uiteindelijk ook terugkeren naar die vorm waardoor over het algemeen wel enige warmte vrij komt.De telekineet werkt op die manier. Om telekinese te oefenen moet je nooit uitgaan van grote dingen. Begin maar met hele kleine dingetjes, bv. de naald van een kompas zet je gewoon op een pin en je probeert met je gedachten dat ding linksom, rechtsom te laten draaien. Na enige oefening lukt het heel vaak wel. Een ander punt: u kunt met dobbelstenen gaan werken en u concentreren op een bepaalde combinatie. U werkt bijvoorbeeld met drie stenen. U stelt u voor dat u bijvoorbeeld een 6 een 3 en een 1 gooit. Wanneer u die combinatie kunt vasthouden dan ziet u dat volgens de kansrekening het aantal malen dat die drie waarden gelijktijdig voor komen echt boven de norm ligt. Op die manier leer je hoe je eigenlijk die dingen moet voelen, want telekinese is voor een groot gedeelte een gevoelswaarde en om ze helemaal bewust te kunnen behandelen moet je er erg veel ervaring mee hebben. Tussen twee haakjes, ik wil u er wel op wijzen dat het verplaatsen van geld uit een of andere kas naar uw binnenzak ook langs deze weg niet is toegelaten. Het valt in het begin niet zo op, maar het is en blijft strafbaar.Nu komen we aan die gevoeligheden van waarnemen op afstand, hoe kan dat? Wel, voor de geest is er geen plaats. Dat klinkt misschien gek, maar de geest heeft geen beperking. Op het ogenblik dat zelfs maar een deel ervan loskomt, gedraagt het zich als een gas dat loskomt in een luchtledig, d.w.z. het vult zo volledig mogelijk en met een steeds groter wordende ijlheid de beschikbare ruimte. Indien u zich concentreert op een bepaald punt, dan hebt u de ruimte beperkt en zal daardoor de intensiteit van de waarnemingsmogelijkheid groter zijn. Wil je dus waarnemen op afstand, dan begin je met een eenvoudige aanloop. Je bouwt je een beeld op van de plaats waar je wilt waarnemen. Dat lijkt fantasie, dat is het niet helemaal. Het is namelijk een vorm van zelfsuggestie, we zeggen zelfhypnose, waarbij je overgaat van waakbewustzijn in een droomtoestand, maar door de behoefte om rond te kijken en waar te nemen ga je observeren. Nu blijkt dat niet de eerste voorstelling, maar wel alle ontwikkelingen en afwijkingen van die eerste voorstelling behoren tot de werkelijkheid zoals die elders bestaat. Het is voor u dus mogelijk om bijvoorbeeld hier te zitten en waar te nemen in India of als u daar meer voor voelt kunt u naar Disneyland gaan in Amerika, het is precies zoals u wilt. U kunt ook gaan kijken hoe het met de pinguïns gaat aan de Zuidpool. Wanneer je dit doet, begin weer met bekende punten, probeer niet te ver weg te gaan ineens. Ga naar die plaatsen die je kent, bouw een beeld daarvan op en ga vervolgens kijken naar die dingen die kunnen veranderen. Welke bloemen staan er op tafel? Welke tijdschriften zijn er op een bepaalde plaats te vinden? Hoeveel eieren staan er in de kast? En dan ga je de volgende dag kijken of het klopt, dat kun je met een smoes altijd doen. Je ontdekt dat je ongeveer de helft gelijk hebt met je waarnemingen en dat betekent dat je ook gaat begrijpen voor welke gegevens je het meest ontvankelijk bent, dat ligt namelijk niet alleen aan de projectie van het bewustzijn, maar ook aan het vermogen om dat weer terug te brengen in het waar bewust herinneringsvermogen. Dus op deze manier oefen je. Ga nooit uittreden naar vreemde werelden. In de eerste plaats kan dat zeer gevaarlijk zijn omdat u er wordt geconfronteerd met situaties die u niet kent en ook niet aankunt. In de tweede plaats beschikt u in het begin niet over voldoende zelfvertrouwen zn zelfkennis. Uittreden naar een hogere wereld is heel mooi, maar wanneer je dit bewust wilt doen, moet je . eerst ervaringen hebben met uittredingen in je eialgen wereld zodat je hebt geleerd hoever je op deze waarnemingen kunt vertrouwen, anders ga je ten onder in een fantasiespelletje en dan kan er werkelijkheid bij zitten, maar ze wordt zo vertekend dat het eerder gevaarlijk is en misleidend, dan een verdere bewustwording.Dan krijgen we natuurlijk ook nog de mogelijkheid om een inductor te gebruiken. Wanneer iemand u een brief heeft geschreven en hij heeft daarbij intens aan u of aan die brief gedacht, dan betekent dit dat die materie die gedachten heeft opgenomen. Je zou het een soort a-straling kunnen noemen, bij wijze van spreken, mar het is niet helemaal juist. Deze straling wordt opgenomen. Bent u er nu gevoelig voor dan gebeurt ongeveer het volgende: U neemt het tussen uw ' handen, dat is het begin omdat u handen meestal ziet als iets of datgene wat manipuleert. U probeert indrukken te krijgen. Blijven ze te vaag, dan probeert u het hier zo, boven het middenrif, daar zit namelijk een chakra. Concentreer;. probeer te zien. Komen de beelden iets duidelijker, maar niet duidelijk genoeg, probeer of u bv. bij de keel meer gevoeligheid bezit en als u al een heel eind op weg bent dan zult u het waarschijnlijk voor uw voorhoofd houden. Neem die stralen of die trillingen op, hoe u het noemen wilt. Door dit patroon te nemen als het doel voor een uittreding is het mogelijk ook een door u nooit gekende of betreden plaats op aarde te vinden, namelijk de plaats waar deze trillingen mee samenhangen. Trillingen is maar een zeer betrekkelijke aanduiding, wilt u daaraan denken? Het is een vergelijkende aanduiding. U zult bemerken dat u door het gebruiken van inductoren niet alleen in staat bent om op afstand waar te nemen , ook datgene dat gebeurt op plaatsen waar u nooit geweest bent, en daarbij vaak zeer treffende beschrijvingen te geven, maar u zult verder ontdekken dat u geneigd bent juist bij dit soort verplaatsingen van bewustzijn een vast standpunt in te nemen.Dit betekent dat hetgeen u ziet alleen juist is vanuit dit bepaalde standpunt. Trek daarom geen conclusies over de structuur van het geheel, maar bepaal u tot datgene wat voor u dikt waarneembaar is. Wanneer het gaat om controles, ga eveneens uit van datgene wat voor u, van uw punt van waarneming, het meest direct waarneembare was. Pas: wanneer u enkele malen dergelijke waarnemingen hebt gedaan en door controles zeker bent dat u succes hebt, kunt u verder gaan. Dan bevindt u zich op een plaats van uitgang. Neem de omgeving in u op. U kijkt vervolgens naar een bepaalde plaats. U kiest uit: is het een landschap dan kan dat een kerktoren zijn; is het een kamer, een venster om te zien wat daarbuiten ligt. En beweeg u door uw wil: u wilt daarheen gaan, in die richting. U zult zien dat uw situatie verandert. Is die verandering opgetreden, maak dan gebruik van uw waarnemingsvermogen, kijk wat er voor nieuwe gegevens beschikbaar zijn. Ongeveer de helft van de waarnemingen zult u zelf toch weer vergeten, maar wat overblijft is vaak voldoende om verbluffende resultaten af te werpen die voor parapsychologen bovendien zeer aantrekkelijk kunnen zijn.Wanneer we nog iets verder gaan dan hebben we dus niet alleen meer die projectie van astraal en levenslichaam, maar we hebben ook te maken met de geest. Nu heeft iemand eens gezegd: de ziel is een goddelijk iets, als een ui omgeven door vele lagen verschillende schillen die in structuur iets van elkander kunnen afwijken, maar uiteindelijk toch uit dezelfde wortel stammen. Hij had geen ongelijk. Het is namelijk niet mogelijk om te zeggen hoeveel geestelijke voertuigen u bezit. Elk bewustzijn dat u bereikt,. betekent een activeren :van een deel van uw wezenlijk ik en dat is dan uw voertuig, of zo u wilt: uw lichaam. Daar het aantal variaties in uw bewustzijn, althans theoretisch, oneindig is, zal ook het aantal voertuigen en de kwaliteiten ervan theoretisch oneindig zijn. U moet dus nooit proberen in geestelijke zaken een voertuig te activeren, bv.: ik ga nu mijn lichaam uit de zomerlandsfeer wekken. De kans is heel erg groot dat u alleen maar innerlijke verwarring tot stand brengt en uw resultaten zullen over het algemeen niet veel meer zijn dan een sprookje dat u uzelf vertelt om aan het begrip van mislukking te ontkomen. Richt u op een bepaalde wereld. Doe dat niet door die wereld te omschrijven. Geestelijke werelden hebben nu eenmaal geen structuren, kleuren, lijnen en vlakken zoals u die kent, ook al is er in gelijkenis een omschrijving in die termen mogelijk. Richt u in het bijzonder op het gevoel van een sfeer, denk aan een wereld van vrede en dan kun je later zeggen: het was net of ik op een open plek kwam, er was gras, er was een blauwe hemel en ik voelde mij een met het gras en een met de hemel. Degene die het dan hoort die zegt waarschijnlijk: dat is een mystieke ervaring. Maar u hebt vrede gezocht. Het beeld dat u ervan terugbrengt is niet regel, het is een analogie, een soort gelijkenis.Kies nooit duistere werelden uit en dat betekent ook een wereld waarin haat of macht een rol spelen. Wanneer u volleerd bent, zult u dat onder omstandigheden wel kunnen doen maar u zult altijd eerst moeten zorgen dat u die werelden zoekt waarin uw eigen innerlijk evenwicht groter wordt, uw zelfvertrouwen wordt versterkt en waarin u een gevoel van rust en vrede kent.Wanneer je daaraan begint dan ontstaat een vreemd proces, men noemt het wel eens meditatie en uittreding. Wanneer je namelijk in die toestand bent, ben je je bewust van een wereld die je summier en op je eigen wijze omschrijft , maar daarin is een brandpunt. Wanneer je dat brandpunt bereikt, heb je het idee, menselijk gezien: ik ga zitten, ik ga mediteren en dan lijkt het net of er van alle kanten een soort kennis en een soort emotie naar je toevloeit. Alweer, denk niet dat de restanten die je overhoudt, op aarde direct hanteerbaar zijn. Ze zijn aanwijzingen voor de richting waarin u materieel moet denken en werken, geen absolute openbaring waardoor materiële scholing of nadenken overbodig wordt.Heb je ook deze fase gehad dan komen we in de periode van het bewuste tijdspringen. De geest kent, zomin als hij ruimte kent, tijd. Voor haar wordt de gehele kosmos bepaald in punten van bewustzijn en aangezien mathematisch zelfs aannemelijk kan worden gemaakt dat bijvoorbeeld tijd en ruimte twee functies zijnvan een en dezelfde kracht of waarde, zal het u duidelijk zijn dat we dat ook geestelijk kunnen hanteren, zelfs vanuit een stoffelijk standpunt. Wanneer je tijd springt dan zul je altijd proberen om een bepaald punt in de toekomst te bereiken. Doe dit zo weinig mogelijk algemeen. Dus zeg niet: ik wil weten wat er van Jantje terecht zal komen. U komt misschien op het ogenblik dat Jantje net uitglijdt over een hondehoop, nietwaar en u denkt dat het kind zijn nek gebroken heeft terwijl het alleen een lichte hersenschudding overhield. U bent niet in staat om een lange sequentie van gebeurtenissen in de juiste volgorde voor uzelf te noteren. Wat u in feite doet is steeds opnamen maken van één scène. U voegt daar andere scènes achteraan omdat u in dezelfde tijd meer opnamen maakt, maar de tussenliggende feiten kent u niet en kunt u niet kennen. Het is namelijk het vinden van een punt in de tijd, zegt men, waardoor de instelling mogelijk wordt op bepaalde trillingen, op bepaalde personen. Het beeld dat ontstaat, mits van uw aarde, is te herinneren in duidelijke beelden, maar het zijn altijd zeer korte scènes. De conclusies die u eraan verbindt zijn dus niet noodzakelijkerwijze juist.Hoe dit uittreden in tijd tot stand te brengen? Het is nodig dat ik een doel heb. Dit doel kan het beste een levend wezen of een persoon zijn daar deze immers een zeer specifieke uitstraling hebben. Ben ik op die uitstraling afgestemd, dan kan ik zeggen: toekomst of verleden. Zeg ik toekomst, dan wil dat zeggen dat ik een aantal momentopnamen ga maken die vanuit mijn standpunt gezien in de toe komst liggen. De samenhang, nogmaals, is niet zeker. Om dat nu goed te kunnen doen, moet je natuurlijk weer klein beginnen. Maakt u opnamen van iemand in uw eigen omgeving, een kind, een man, mijnentwege een of andere besteller, bezorger of iets anders en stel u in op een bepaald uur van de volgende dag. U zult het nooit bereiken als u zich op een uur met 24 uur tussenruimte in zou stellen. Dan moet u rekenen met een afwijking van 70 minuten naar beide zijden. U hebt dus 140 minuten waarin de scène zich af kan spelen, pas later leer je dat preciseren en dat is weer een gevoelszaak. Probeer te zien wat deze persoon waarop u zich hebt ingesteld, op het uur dat u in gedachte neemt, zal verrichten. Ontspan u volledig. Wat zich in u afspeelt is een fantasie, het is een soort droompje in het begin. De kans dat het klopt is misschien 3 tegen 10. Herhaal de poging steeds. Dan zult u opeens ontdekken dat u veel dichter bij de werkelijkheid komt te zitten en dat u ook dichter bij het tijdstip komt dat u had gesteld. Langzaam maar zeker gaat dat wat u als een soort dagdroom lijkt veranderen in een waarneming die binnen die droom verborgen is. Hebt u dat eenmaal bereikt, een controleerbaarheid op korte afstand, dan kunt u dat proberen te doen met een afstand van bijvoorbeeld een week. Als het om een week gaat moet u wel precies noteren wat u meende gezien te hebben, u kunt het dan namelijk beter later vergelijken. Als u alleen op herinneringen af moet gaan dan hebt u altijd veel meer juist gezien dan in feite het geval was. Door op deze manier eerst dus te oefenen op korte periodes, wordt het beter mogelijk u in te stellen op bijvoorbeeld het levensverloop van een persoon. Dan krijgen we losse scènes. De tijdsduur die tussen die scènes ligt is niet bepaalbaar, ook de betekenis van die scènes is heel beperkt te interpreteren. De verklaringen die je geeft moeten namelijk uit die scène zelf voortkomen. Je kunt niet zeggen: dat zit er achter. Onthoud u dit ook dan komt u langzaam maar zeker in een toestand waarin het u mogelijk is door u, bijvoorbeeld voor het slapengaan in te stellen op iets in het verleden of in de toekomst, daar steeds grotere brokstukken in uw herinnering van terug te vinden. U bereikt ook een grotere juistheid die in die periode ligt op ongeveer fiftyfifty, half om half. Ga je verder met trainen, dan kun je komen tot een juistheid van waarnemen van ongeveer 4 uit 5. Een blijft er altijd twijfelachtig, vergeet.dat nooit.Dan hebben we het hier dus gehad over een paar uittredingsmogelijkheden. We gaan nu verder. Kijk, in de voertuigen die we hier beschreven hebben en dat was dus in het laatste geval het gebruik van wat men noemt lagere geestelijke voertuigen , plus astraal en levenslichaam die bij een uittreden in de tijd allen betrokken zijn, dan komen we naar de beleving in een andere wereld.Dat is geestelijk mogelijk. Het betekent heel vaak een emotionele verwarring voor de mens. Hij krijgt namelijk te Snaken met waarden die hij alleen nog in gevoelens vertaalt en die waarden brengen in zijn lichaam weer afscheidingen teweeg en het resultaat is dat hij in het begin verward is. De toestand waarin die waarneming is gedaan lijkt in het begin op een dutje. Later krijgt ze meer en meer de eigenschappen die men ook bij een extase vindt, inclusief zelfs randverschijnselen, vooral de uitstraling, kenbare aura en in enkele gevallen zelfs tijdelijke gewichtsloosheid. Wat dat laatste betreft, houd het vooral binnenskamers totdat u het kunt beheersen. Ja, je kunt nooit weten, als er een herfstwind komt:..en voor je het weet zit je ergens anders. Nou goed, zonder gekheid nu even. Wanneer we bezig zijn met al deze dingen, dan is het erg belangrijk dat u blijft begrijpen: we kunnen geestelijk nooit alles overbrengen zoals het is, naar de stof. Het is zoals het vertalen. Wanneer u uit het Russisch in het Nederlands vertaalt, dan zal de inhoud wel gelijk zijn, maar er zullen toch erg veel verschillen ontstaan en sommige begrippen kun je echt niet omzetten of je moet het met hele uitvoerige omschrijvingen weergeven. Datzelfde gebeurt tussen geest en stof. Wat er verder geestelijk mogelijk is, en dat is nog heel wat, dat moet u niet beschouwen als iets waar u bewust op aarde mee kunt oefenen. Wanneer u alle door mij genoemde eigenschappen ontwikkeld hebt, dan zult u zien dat het andere vanzelf wel komt. Het lijkt me daarom beter om maar even terug te gaan en dan speciaal naar de menselijke levenskracht, het levenslichaam en de uitstralingen die men kan produceren.U kent allen het zogeheten magnetiseren, neem ik aan. Een naam die door een volledig verkeerd begrip voor hetgeen er mogelijk is en gebeurt eens ontstaan is en nu ingeburgerd. Magnetiseren is niets anders dan het beïnvloeden, door middel van je eigen levenskracht van de levenskracht van een ander. Er zijn mogelijkheden dat u energie afgeeft naar een ander, dit betekent geen open contact, het is eerder wat men noemt een inductieverschijnsel. Er blijft een scheiding bestaan, maar een verhevigde werking aan ene kant brengt een verhevigde werking tot stand aan de andere kant. Het zal u duidelijk zijn dat hier de levenskracht een hele grote rol speelt maar we moeten ons ook aan kunnen passen aan de andere en dat wil zeggen, aan de aura van de andere.Daar waar de trillingen van twee aura's een weinig synchroon zijn, dus bijna overeenkomstig gelijktijdig, daar is een overdracht van kracht bijna altijd succesvol; daar waar de verschillen groot zijn, is ze heel moeizaam en zijn de resultaten zeer gedeeltelijk. Het is belangrijk wanneer je wilt werken met deze vorm van energie, om dus in te stellen op je patiënt, niet omdat die gelijk heeft, maar omdat het de enige manier is om hem te benaderen, want uzelf kunt u nog wel veranderen, maar er zijn een hoop patiënten bij, daar kun je 25 geestelijke olifanten bij halen, die haal je nog niet van hun plaats. Dus, stel u in op uw patiënt, probeer de gevoelswereld, vooral wanneer u wat empathie ontwikkeld hebt, als het ware over te nemen en begin met uw werk vanuit de kracht die u in de ander ziet. Hoe u die kracht toezendt is minder belangrijk. Een van de meest gebruikelijke overdrachten is wat wij wel eens oneerbiedig het wimpelen en wampelen noemen, het met de handen door de aura strijken. Nodig is dit niet. Het kan voor beiden suggestief zijn en de overdracht van kracht vereenvoudigen maar de kracht zelve gaat: uit van uw wezen en meestal van het hoogst werkzame chakra oftewel dat eigenaardig geestelijk stoffelijk orgaan waarbij zenuwknooppunten als het ware aanduiden waar een directe relatie ontstaat met althans de tweede laag van de aura.Wanneer u een patiënt wilt behandelen, kunt u dat natuurlijk direct doen. Dat heeft voor beiden door het contact, door de mogelijkheid van directe, spontane reactie vaak voordelen. Maar wanneer u een beeld van uw patiënt op kunt bouwen, gewoon maar een voorstelling, dan kan dat ook, want door de voorstelling hebt u a.h.w. door het omweggetje van de uittreding, maar nu niet van uzelf maar van een deel van uw kracht de tussenliggende ruimte overbrugd.Het is mogelijk door in geconcentreerde gedachte uw patiënt te behandelen, bij deze feitelijke veranderingen eert welbevindende toestand en eventueel ook levensenergiepeil tot stand te brengen. En daar heb ik al heel veel mee gezegd.

Ik weet, er zijn nog veel andere dingen waarover we kunnen praten: de hypnose en weet ik nog veel meer, maar ze zijn in dit verband dacht ik, niet zo belangrijk. Want wat hebben we geconstateerd?

 

A)        De mens is genetisch in staat tot bepaalde zogenaamde paranormale prestaties.

 

B)        Indien deze gevoeligheden ontwikkeld zijn, ook indien dit zeer beperkt is, wordt het hierdoor mogelijk je eigen innerlijk en uitstraling aan te passen aan een ander.

 

C)        Het is mogelijk je bewustzijn te verplaatsen buiten het lichaam en daar waarnemingen te doen. Het is onder omstandigheden ook mogelijk buiten het lichaam en zonder gebruik van enig stoffelijk middel verder te manipuleren: de telekinese.

 Dit houdt in dat wij in staat zijn vele dingen te doen. Dan hebben we onze geestelijke mogelijkheden waaronder uittreding naar verschillende werelden, waar men erg voorzichtig moet zijn, zoals gezegd. Daarnaast hebben we dus de mogelijkheid van als het ware de uittreding in tijd, wat eerder een schouwen in tijd is, maar waarbij het ik-besef tijdelijk op deze wereld weg moet vallen om waarnemingen in de toekomst mogelijk te maken. We hebben daarmee dan ook geconstateerd dat tijd en ruimte, althans voor de geest die in de mens leeft, geen bepaalde grenzen zijn. Zij kunnen worden gevarieerd. Als zodanig beschikt de mens zelfs materieel over zeer vele mogelijkheden om zich als het ware voor te bereiden op datgene wat hij moet doen en daarbij bewust de meest juiste weg te kiezen aan de hand van aangevoelde en eventueel door projecties verkregen gegevens. Het blijkt eveneens mogelijk te zijn vanuit de ene persoon naar de andere, niet slechts gevoelens maar ook krachten over te brengen. Het blijft verder mogelijk dit te doen op elke willekeurige afstand, op elke willekeurige plaats. Dan moeten we aannemen dat de mens een veel complexer geheel is dan zo uiterlijk zichtbaar is; dat er een aantal kwaliteiten schuilen in die mens die althans op dit ogenblik in hun bron en oorzaak niet wetenschappelijk te definiëren waren en moeten we verder concluderen dat, zo het voorgaande juist is, en dat is dat grotendeels, dacht ik, bewijsbaar, moet worden aangenomen dat in die mens ook geestelijke mogelijkheden en kwaliteiten schuilen waarmee hij verder kan gaan.En dan kom ik aan het laatste deel van dit betoog. Een geest is eigenlijk zijn eigen wereld, d.w.z. de geest zal alles wat die geest bereikt vertalen in termen van zijn persoonlijke inhoud. Wanneer u dus als geest actief bent, dan kunt u wel met anderen contact opnemen, maar het zal altijd een overdracht van uw persoonlijke inhoud naar de ander zijn en het antwoord dat verkregen wordt is altijd uw vertaling van de u bereikende begrippen of inhouden. Dan leeft u in een zeer subjectieve wereld. Voor geestelijke bewustwording is het daarom heel erg belangrijk dat je innerlijke rust, innerlijke vrede weet te vinden. Daar waar je deze niet, of niet voldoende, vindt zul je niet alleen geestelijke krachten verteren, maar je zult, zolang je in de stof leeft, zelfs de eigen zenuwkracht aantasten, de evenwichtigheid van het lichaam als het ware verstoren. Evenwicht en rust zijn belangrijk. Daarnaast is het erg goed wanneer we iets meer omtrent onszelf weten. En nu zal het u bekend zijn dat de kreet: Ken uzelve ontelbare malen is herhaald en de meeste mensen hebben dat uitgelegd als een soort psychische analyse geven van jezelf. Maar dat is natuurlijk nooit het juiste, want als je probeert jezelf te interpreteren, dan kom je hoogstens tot een psychologische leugen, nooit tot een analyse. Probeer niet jezelf te analyseren, dat is niet zo belangrijk, maar probeer te beseffen wat u kunt. Probeer te beseffen wat er in u schuilt. Wees u bewust van uw gevoelens en probeer te ontdekken waardoor ze veroorzaakt kunnen worden, zo leert u uzelf zien als een instrument, maar gelijktijdig leert u uzelf beheersen, juist door het kennen van uw eigen mogelijkheden. Dat kan heel erg belangrijk zijn. Wilt u dan contact opnemen met de geest, onze wereld dus, dan is dat mogelijk. Maar die mogelijkheid is weer afhankelijk van uw persoonlijke instelling en datgene wat u ontvangt is uw vertaling van de boodschap, nooit de lijnrechte woordelijke boodschap, zelfs wanneer we te maken hebben met een zogenaamde oversluiering of inbeslagname, dus wat u hier voor u net niet ziet. U ziet alleen oogjes dicht en voor de rest ook niet veel dacht ik. Het contact dat ik dus op dit ogenblik heb betekent voor mij dat ik ongeveer 4/5 van hetgeen ik.wil zeggen, kan zeggen. Het houdt verder in dat ik tot op zekere hoogte gebonden ben aan de taalgewoonten van de persoon die ik gebruik en toch ben ik geschoold op dit terrein, ik ben een geschoold spreker voor vele soorten van mediamieke.gaven, ik weet wat ik doe en toch ben ik beperkt. U zult zeker, wanneer u nog niet hebt geleerd uzelf volledig te beseffen, niet in staat zijn een dergelijk resultaat te verkrijgen wanneer uw geest probeert te spreken tot uw stoffelijk bewustzijn. Als u daar een juistheid behaalt van 3 op 5 is het veel. En dat houdt in dat uw geestelijk streven moet beginnen op aarde, dat uw geestelijke aspiraties eerst in de materie moeten worden uitgedrukt. Als je streeft naar deel hebben aan de goddelijke liefde dan moet je eerst proberen om je medemensen een beetje liefde te geven. Wanneer je streeft naar de absolute reiniging dan moet je eerst proberen je medemensen de kracht te geven dat ze iets meer zichzelf kunnen worden. Geestelijke bewustwording en zelfs paranormale ontplooiing wordt bepaald door mentaliteit, maar daarnaast wel degelijk, ondanks de beperkingen, door de persoonlijke inzet die je daarvoor toont. En nu nog een kleine tip voor degenen die ermee bezig zijn. Denkt u niet, dat u ooit iets voor niets krijgt. Al wat je bent, al wat je doet, betekent invloed in de wereld en die invloeden kaatsen naar je terug. Anders gezegd, je betaalt voor al wat je doet, denkt en bent door te ervaren wat het gevolg is van je denken, je doen en op die manier blijft er een mate van evenwicht bestaan, mits je bereid bent te accepteren dat datgene wat je vanuit de wereld tegemoet komt in overeenstemming met je geestelijk streven en pogen een aanvulling daarop betekent en nieuwe mogelijkheden in zich bergt en niet een afremming of een beperking betekent waartegen je je zou moeten verzetten. Ook dat laatste kan van belang zijn.

Als u al dat voorgaande nog eens hebt overdacht en misschien hebt kunnen herlezen, dan hoop ik dat u erover na wilt denken en onthoud u één ding: u moet zelf denken. Uw eigen activiteit is bij paranormale ontwikkeling maar ook bij geestelijke ontplooiing het meest belangrijk wat er is. Al datgene wat u zonder meer aanneemt is meer een loden gewicht dat u hindert om vooruit te gaan dan een hulpmiddel, zelfs wanneer het de hoogste openbaring is. Eerst wanneer je die tot deel van jezelf hebt gemaakt, wordt ze tot kracht. Vragen?

   

v      Broeder, u zegt: tot deel van uzelf maken. Wilt u zeggen dat u het accepteert als waarheid, of hoe ziet u dat?

Dat is zelfs niet iets zien als waarheid, maar er zijn bepaalde dingen, die zijn zozeer deel van jezelf dat je ze eigenlijk niet eens meer anders kunt beleven of denken.Het is dus een overtuiging dan? Het is meer dan een overtuiging, het is een zodanige integratie in de eigen persoonlijkheid dat hierdoor de aard en het wezen van die persoonlijkheid a.h.w. in feite wordt gewijzigd. Dat betekent: het toevoegen van iets, het wegvallen van iets soms ook, maar het betekent dat je niet meer dezelfde bent. Zolang een geloof, een filosofie, een vorm van esoterie of wat dan ook buiten je staat, dan is het een last, tot het ogenblik dat je dit zozeer je eigen hebt gemaakt dat je er niet meer over behoeft te denken, dat het voor je geen confrontatie meer is of een raadsel of een probleem, maar eenvoudig iets dat je net zo automatisch gebruikt als een arm of een been en dat bedoel ik met deel van jezelf maken. Dus, zozeer opnemen in het geheel van je reacties dat je automatisch de waarden daarvan hanteert zonder dit afzonderlijk te beseffen.Vrienden, ik heb in elk geval mijn best gedaan om u zo.goed en zo zakelijk mogelijk voor te lichten, misschien had u het liever een beetje gedragen gehad., Wat mij betreft, ik hoop alleen maar dat ik het onderwerp, op uw verzoek hier behandeld, in ieder geval nog zo heb kunnen uitbouwen, dat er voor uzelf nog mogelijkheden tot verdere ontplooiing inliggen. Ik dank u voor uw aandacht.

      

Uitgesproken te Antwerpen op 20 oktober  1981.

         
Wenst u zelf een voordracht van Gene Zijde bij te wonen ?Dat kan op donderdag 20 maart 2008 om 20 uur.Voor inschrijving  tel  03 252 74 70
  

  

 

Informatie aangaande de bronnen van de  teksten kan je vinden op volgende website's: 

   

http://users.skynet.be/rabdomantie.center/

 

       http://www.saint-pierre-les-bregines.org/

   

http://www.scribd.com/people/view/31429-rober