07-11-15

Het heilige moeten.

Het heilige moeten.

Het heilige moeten,kosmisch uurwerk, noodlot, dromen, entiteit, keuzevrijheid,

Waarom is het moeten zo heilig? Vermoedelijk omdat het heilig is verklaard door anderen, die dit moeten voor een ieder behalve voor zichzelf de enig aanvaardbare weg achten.

Je moet. Maar waarom? Moeten kan volgens mij alleen worden geboren uit onvermijdelijke omstandigheden, dan wel uit een innerlijke erkenning van voor het “ik” belangrijke waarden waarbij uiterlijke omstandigheden op de tweede plaats komen.

Het heilige moeten is een term, die druipt van schijnheiligheid. Maar indien wij het feit, dat wij moeten, goed begrijpen, dan zullen wij constateren dat het voor ons een voortdurende keuze is. Er bestaat geen werkelijk moeten, onontkoombaar, onherroepelijk. Er bestaat slechts een keuze tussen een voor ons nog net aanvaardbare en een misschien onaanvaardbare situatie. En als wij dan kiezen voor het aanvaardbare, zeggen wij dat wij moeten, maar dat is niet waar. Wij zijn niet gedwongen en zo geketend als we plegen te veronderstellen. De ketenen, die dit heilige moeten tot stand brengen, zijn ketenen die wij zelf smeden. Onze gevoelens van afhankelijkheid, onvermogen misschien, onze behoefte aan bepaalde bindingen, bepaalde toestanden, veroorzaken het heilige moeten. En als wij onszelf veranderen, is er geen moeten meer.

Men heeft eens gemeend dat de kosmos vervuld zou zijn van wetten waarmee God ons voortjaagt als een slavendrijver zijn slaven, ze geselend, soms vleiend en belonend, opdat wij maar verder zullen gaan op een door Hem getekende weg. En dat terwijl God de oneindigheid heeft geschapen en omgeven door kosmische wetten die gelijktijdig al het voorstelbare en mogelijke in zich bevatten, een terrein waarbinnen wij ons vrijelijk kunnen bewegen.

Is er een heilig moeten? Er is alleen een moeten, indien je zelf een keuze doet. Er bestaat geen moment in het menselijk bestaan waarin de keuzemogelijkheid ontbreekt. Laten wij dat goed begrijpen.

Wij zijn echter zeer geneigd om datgene wat ons wordt opgedrongen, door de wereld of door de omstandigheden, te beschouwen als een verontschuldiging voor onszelf. Dat is dwaasheid, want we moeten niet werkelijk. Als we niet willen leven, kunnen we altijd nog sterven. Als wij niet willen leven op een bepaalde manier, moeten wij de consequenties daarvan durven aanvaarden en op een andere manier leven om te zien, of dit dan beter past bij hetgeen wij juist achten. Wij hebben altijd een keuze. Dat die niet altijd de juiste zal zijn, neemt niet weg dat de mogelijkheid er is.

Zeker, we kunnen onze dromen niet onmiddellijk waarmaken. Maar als we willen, kunnen wij zozeer voortgaan in de richting van die dromen dat er een ogenblik komt waarop zij voor ons onherroepelijk waar zijn. Wij zijn geen slaven van een noodlot, gebonden aan het een of ander kosmisch uurwerk dat ons voortsleept door werelden, sferen en belevingen. Wij zijn entiteiten, die vrij zijn om steeds onze eigen richting te bepalen. En zou die richting­bepaling dan gelimiteerd zijn door het standpunt waarop wij ons op dit moment bevinden, zo betekent dit nog niet dat we geen keuzevrijheid en geen keuze­mogelijkheid hebben. Er is geen werkelijk moeten, behalve dit ene. Wij moeten leven, want wie ophoudt te leven in de ene wereld, hervindt het besef van zichzelf in een andere. Er is geen ogenblik dat dat stilstaat. Maar al het andere dat samenhangt met onze opvattingen omtrent leven, is onze zaak. Wij maken uit wat het leven betekent door de keuze die wij doen uit de mo­gelijkheden die het leven ons geeft.

Wie het heilige moeten uit zijn leven wil verdrijven, moet leren zijn mogelijkheden onder ogen te zien en het zichzelf toe te geven, als hij bepaalde mogelijkheden om zekere redenen verwerpt.

De commentaren zijn gesloten.