22-09-15

SIGARET.

Sigaret.

Fel begeerde witte staaf, verkrinkelend in rook en vullend ‘s mensen wezen met vieze zwarte smook. Wat zijt gij eigenlijk anders dan begeerte, ontketend in het zijn, brengend slechts ziekte, moeite en pijn? Begeren, de lust, de honger ongestild, zij doen u voortbestaan, maken u tot wrede werkelijkheid, wat waan moest zijn in tijd.

Sigaret, gij zijt een beeld van ‘t zonderlinge spel dat de mensheid speelt met de oneindigheid. Mensheid, in begeren niet vragend wat belangrijk is, maar nemend wat zij krijgen kan, opdat zij eindelijk vol, zich zeggen kan “Straks grijp ik het begeren weer hernieuwd.”

Begeren blijft, maakt ‘t denken dol, verterend soms een heel bestaan. En toch, wat is de zin? Wat blijft, als de sigaret in rook is opgegaan? Slechts louter as.

Zo is het onbeheerst begeren dat in een mens soms leven kan, kracht, die verteert tot as in ‘t ik, niet meer. Toch vindt uit het begeren, misschien de mens zichzelve weer, om te beseffen wat de werkelijkheid kan zijn. Nemend wel, maar meester van ’t begeren, wat het ogenblik u biedt.

En toch verwerpend wat niet past, opdat niet in het niet, maar in het licht het ik ontwaakt.

Zo, sigaret, wanneer de wilskracht eens uw keten heeft geslaakt, zijt gij symbool van menselijk zijn, dat heersend opwaarts stijgt.

10:42 Gepost door Stem van Gene Zijde in esoterie | Permalink | Commentaren (0) | Tags: sigaret, beheersen, begeren, rook, ziekte, pijn, symbool, as, wilskracht |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.